Teleurstellingen en desillusies
Zwitserse kunstenaar en full-time
excentriekeling Hans Rudi Giger staat
dank zij zijn tot de verbeelding
sprekende creaties voor Species weer
volop in de belangstelling. Dat Species
niet zijn eerste film is, is algemeen
geweten. Maar het volledige verslag van
twintig jaar Giger in Hollywood, kennen
slechts weinigen.
DUNE: een eerste teleurstelling
Gigers eerste ernstige stapje in de
betoverende wereld van de film (hij had
in 1969 al intensief meegewerkt aan de
45-minuten durende amateur SF-film
Swiss Made 2069) was met de film Dune.
In 1975 kwam hij dank zij zijn vriend
Salvador Dalí terecht in de
préproduktie van het grootschalig drie
uur durend SF-project Dune, gebaseerd
op het werk van Frank Herbert. De film
zou geregisseerd worden door
cult-regisseur Alexandro Jodorovsky, en
Dalí zelf zou, voor de gage van 100.000
dollar per uur, de hoofdrol voor z'n
rekening nemen.
Op de set van Dune in Parijs, vertelde
Jodorovsky aan Giger dat hij een hele
planeet mocht vormgeven. Daarbij had
hij de vrije hand. Alles mocht, behalve
seks. Giger begon als een gek te
schilderen - gebeten door de microbe
van de inspiratie - aan de planeet
Harkonnen die wordt beheerst door het
slechte. De film werd later wegens een
gebrek aan geldschieters afgeblazen, en
Giger kreeg geen frank voor zijn
bewezen diensten.
ALIEN: 'we hebben ons monster
gevonden'
Het Dune-fiasco had dan toch één
voordeel gehad. Op de Parijse set van
Dune had Giger namelijk Dan O'Bannon
ontmoet, de man die later het scenario
van SF/horrorklassieker Alien uit zijn
mouw zou schudden. Regisseur Ridley
Scott had vooral een geloofwaardig
monster nodig. Hij wilde een monster
zoals het publiek er nog nooit één had
gezien; niet zomaar een man in een
rubberen pak. Tientallen voorstellen
van evenveel verschillende ontwerpers
werden overwogen, maar uiteindelijk was
Scott met geen enkele creatie tevreden.
Op het laatste moment stapte O'Bannon
met Gigers boek Necronomicon naar
Scott. Deze grasduinde geduldig in de
reprodukties van Gigers macabere
biomechanoïde wezens, en zei vervolgens
tegen O'Bannon: 'we hebben ons monster
gevonden'.
O'Bannon nam in juli 1977 contact op
met de Zwitser die (met Dune nog in het
achterhoofd) toehapte op voorwaarde dat
hij op voorhand zou worden uitbetaald.
Het schilderij waar het monster op werd
gebaseerd was Necronom IV. Giger werd
gevraagd het monster te ontwerpen in
zijn verschillende stadia: van ei naar
Facehugger en van Chestburster naar
volgroeide Alien. Verder mocht hij de
binnen- en buitenkant van een oude
tempel ontwerpen, waar de eieren zouden
gevonden worden (dit concept werd niet
gebruikt in de afgewerkte film). Giger
kreeg een voorschot van 1000 dollar en
kon aan de slag. Hij schilderde een
35-tal schilderijen op drie maanden.
Nadat hij z'n voorstellen naar Engeland
had gestuurd, was het wachten geblazen.
Gigers geduld werd beloond in februari
1978, wanneer hij van O'Bannon te horen
kreeg dat 20th Century Fox het licht op
groen had gezet. Enkele dagen later
kreeg de surrealist in zijn nederige
stulpje in Zurich bezoek van Ridley
Scott en producers Gordon Caroll en
David Giler.
Scott bleek zodanig in de wolken met
Giger's input dat hij zijn nieuwe
vriend prompt vroeg ook het
planeetoppervlak, het buitenaards
derelict (binnen- en buitenkant,
inclusief cockpit en piloot, gebaseerd
op het schilderij Necronom V, en
eiersilo), hiërogliefen en cocons te
ontwerpen (de twee laatsen werden
evenmin gebruikt in de finale versie
van de film). Giger werd bovendien
uitgenodigd gedurende vijf weken te
helpen aan de uitwerking van zijn
creaties op de set van Alien, in de
Londense Shepperton studio's. De
legende wil overigens dat het budget
van Alien met 2,5 miljoen dollar werd
verhoogd wanneer de hoge pieten bij
20th Century Fox Gigers ontwerpen te
zien kregen.
Vanaf mei 1978 begon Giger tegen de
klok te werken op de set van Alien. De
vijf weken werden uiteindelijk vijf
maanden. Hij werkte er onder andere
samen met Carlo Rambaldi, de Italiaan
die later E.T. tot leven zou wekken.
Alien werd uitgebracht in mei 1979 en
werd een kritisch en box-office succes.
Een jaar later, op 14 mei 1980 kreeg
H.R. Giger een oscar voor de beste
visuele effecten. Inmiddels is Alien
uitgegroeid tot een cult-klassieker die
de look van science fiction danig heeft
veranderd. Gigers ideeën werden
tientallen keren schaamteloos
overgenomen in allerhande horror- en
SF-prenten. Ondanks dit alles bleef
voor Giger zelf het grote succes uit.
DUNE: een tweede teleurstelling
Na het succes van Alien werd Giger
overspoeld door voorstellen van
filmproducenten. Eén ervan was voor de
nieuwe verfilming van Flash Gordon, een
aanbod dat hij weigerde - een goede
zaak!
Het project dat hem nog het meeste
interesseerde was de heropleving van de
Dune-verfilming. Deze keer zou Ridley
Scott de prent draaien, en deze stopte
niet onder stoelen of banken dat hij
Giger wilde hebben. Tijdens de
onderhandelingen echter werd het
project, alweer uit kostenoverwegingen,
in de koelkast gestopt. Uiteindelijk
kwam Dune dan toch van de grond, met
David Lynch als regisseur. Maar zonder
de input van Giger. Een jammerlijke
vergissing, zo blijkt uit het
eindresultaat én uit de schilderijen
die Giger voor Dune schilderde in '75.
THE TOURIST: uitgesteld
Het volgende project dat Giger boeide,
leek meer potentieel te hebben.
Universal Studios vroeg Giger in '82
allerhandse buitenaardse wezens te
schetsen voor de SF-prent The Tourist,
in een regie van Brian Gibson. De plot
behandelt een ziekenhuis in New York,
genaamd 'The Corridor' waar
wetenschappers experimenteren met
buitenaardse wezens. De kunstenaar
leverde elf grote schilderijen en meer
dan 70 schetsen in, maar het mocht niet
baten. Wegens het enorme succes van
E.T. werd The Tourist voor onbepaalde
duur uitgesteld.
MOMO, PASSAGES EN THE MIRRORFF: njet
In 1983 stonden verscheidene projecten
ter discussie. Vanuit het Duitse
Rialto-Filme kwam het aanbod mee te
werken aan de verfilming van Momo naar
Michael Ende. Een Parijse filmgroep
kwam van haar kant over de boeg met een
scenario dat was gebaseerd op
schilderijen van Giger. Het draaiboek
had als werktitel Passages. Tenslotte
werd er met Twentieth Century Fox
onderhandeld over de horrorfilm The
Mirrorff. Om onduidelijke redenen
schoot geen enkele van deze projecten
uit de startblokken, of alleszins niet
met de medewerking van Giger.
FUTURE KILL: poster only
H.R. ging ermee akkoord voor de
low-budget film Future Kill (1984) de
affiche te ontwerpen, op vraag van
regisseur Ron Moore. De film stelde
niet veel voor. De poster des te meer.
POLTERGEIST 2: belabberde horror
De filmstudio MGM trad in 1985 in
contact met de steeds meer verbitterde
Giger, voor de creatie van een aantal
horrorscènes voor Poltergeist 2. Brian
Gibson regisseerde de prent, die een
redelijk hitje werd in de V.S., maar
Giger was niet te spreken over het
eindresultaat. Het budget was nu
eenmaal te klein om iets fatsoenlijks
te maken van Giger's brilante ideeën.
Uiteindelijk werden overigens slechts
een fractie van die ideeën gebruikt.
ALIENS: zonder Giger's genie
Vreemd genoeg heeft Giger in het geheel
niet meegewerkt aan de sequel op de
Alien, de film die hem nochtans beroemd
maakte. Verschillende bronnen geven
hier twee tegenstrijdige redenen voor.
Van de ene kant wordt er beweerd dat
regisseur James Cameron nooit van plan
was Giger bij het filmproject te
betrekken. Anderen zijn dan weer van
mening dat Cameron Giger wél op zijn
set wou maar dat dit niet ging omdat
hij reeds getekend had voor Poltergeist
2, die terzelfdertijd werd inblikt.
Giger was uiteraard teleurgesteld, maar
hij was niet te beroerd om zich zeer
positief uit te spreken over Stan
Winston's ontwerp van de Alien-queen.
TEITO MONOGATARI: onbekend is
onbemind?
Het verre oosten kon niet langer doof
blijven voor het fenomeen Giger. Japan
bezweek in 1987, en regisseur Akio
Jitsusoji strikte Giger voor het
ontwerpen van Goho Doji, het monster in
de film Teito Monogatari. De film werd
- schok! - weldegelijk gemaakt, maar
geen hond in het westen die er ooit nog
van hoorde.
THE MIRROR: Necronomicon, the movie
William Malone kwam in 1988 op het idee
om een prent te maken gebaseerd op
Giger's Necronomicon, over
biomechanische wezens die al milliennia
lang in een andere dimensie achter de
spiegels gevangen zitten. Op het
allerlaatste moment besliste
noodlijdende filmverdeler Orion het 6
miljoen dollar kostende project te
dumpen, en wel omdat hun vorige
horroruiting Monkey Shines genadeloos
was geflopt aan de kassa.
ALIEN 3: alweer nie
In juli 1989 werd Giger door Gordon
Caroll voor het eerst gecontacteerd
voor Alien 3, het veelgeplaagde derde
deel in de mateloos populaire reeks.
Het project zou nog talloze keren van
scenarioschrijver en regisseur
veranderen, alvorens de taak toe te
vertrouwen aan nieuwkomer David
Fincher, die Giger in juli 1990
dolgraag betrok bij het ontwerpen van
een panterachtige Alien op vier poten,
een Chestburster en een
water-Facehugger. Het contract voorzag
een werktermijn van één maand. Giger,
zo enthousiast als een kippetje, schoot
in actie en schetste tientallen
ontwerpen bij elkaar. Hij faxte ze
allemaal door naar Fincher die
aanvankelijk enthousiast reageerde.
Giger stelde voor om de huid van zijn
Alien te voorzien van valven, als een
saxofoon, waaruit klanken komen die
veranderen al naargelang het humeur van
het beest. Om zijn werkgevers te
overtuigen gaf hij fortuinen uit aan de
bouw van een levensgroot model. Het
voorstel werd echter verworpen en
Giger's toch wel intrigerende
Alien-o-foon idee stierf een stille
dood.
Stilaan minderde ook het contact met
David Fincher. Op de set werd
uiteindelijk besloten af te zien van
Giger's diensten, en in de plaats een
beroep te doen op Alec Gillis en Tom
Woodruff Jr. Nauwelijks had Giger deze
tegenslag verwerkt of hij hoorde dat
zijn naam op de aftiteling niet tussen
de special effects-medewerkers vermeld
stond, hetgeen hem logischerwijze alle
aanspraak op een oscarnominatie ontnam.
Er begon een ware fax-oorlog tussen
Giger en zowel 20th Century Fox als de
Academy, die allebei doof bleven voor
zijn smeekbeden.
Alien 3 was de zoveelste desillusie
voor de Zwitserse surrealist, die diep
ontgooscheld was in de manier waarop
Fincher hem had misbruikt. (Volgens
sommige bronnen zou de poster van Alien
3, met de groenachtige gekrulde Alien,
van de hand van Giger zijn, maar dit
kunnen wij niet bevestigen).
THE TRAIN: wispelturige Scott
Misschien zou het in 1990 wel wat
worden met The Train. Ridley Scott
speelde met het idee om een film te
draaien over een monsterachtige trein
van een andere planeet. Giger was de
aangewezen man voor deze taak, daar
monstertreinen een vaak terugkerend
thema vormen in zijn oeuvre. Een
wispelturige Scott bedacht zich echter
en schortte de film op. Giger is er
alsnog in geslaagd zijn monstertrein te
gebruiken in een droomscène in Species.
THE MYSTERY OF SAN GOTTARDO: 5 jaar
nee
Hetzelfde jaar begon Giger te werken
aan zijn eigen filmproject, gebaseerd
op zijn biomechanische wezens Armando
en Beinando, die bestaan uit één arm en
één been. Het verhaal van The Mystery
Of San Gottardo speelt zich af in de
Gottard-bergen tijdens de jaren 20 en
gaat over oprukkende militaire troepen
in de tunnels van dit gebergte. Hij
tekende het volledige verhaal van de
film uit in de vorm van storyboards en
is al vijf jaar vergeefs op zoek naar
geldschieters. Het liefst van al zou
hij zijn verhaal verfilmd zien door
horrormeister Clive Barker, maar de
kans dat dit bizarre werkje überhaupt
wordt verfilmd is zeer
onwaarschijnlijk.
DEAD STAR: Hellraiser in space
William Malone kwam in 90/91 weer even
boven water met Dead Star. Dit zeer
intrigerende script handelt over een
buitenaardse machine, die de toegang
vormt naar de hel. Het was aan Giger om
deze plaats naar believen te bevolken
met afzichtelijke schepsels allerhande.
Voor de zoveelse keer had de Zwitser er
best zin in, maar kreeg de kans niet
zich te bewijzen. Dead Star, die 10
miljoen dollar zou gaan kosten, werd
afgezegd.
BATMAN FOREVER: biomechanoide
batmobile
In een zeer vroeg stadium van produktie
van de derde Batman-film werd Giger
gecontacteerd om de nieuwe Batmobile te
ontwerpen. Nog voor hij een contract
had ondertekend, zette hij zich aan het
werk en kwam op de proppen met een min
of meer biomechanoide batmobile met
ribben waardoor je de binnenkant kon
zien. Giger werd nooit betaald, maar de
beschrijving van die Batmobile klinkt
verdacht bekend in de oren.
SPECIES: 't iesj nie moeilijk...
Groot was de verbazing van de talrijke
fans toen ze hoorden dat Giger zich in
april '94 had verbonden aan een
ambitieus SF/horrorproject onder de
naam Species. Duidelijk gericht op het
verwaarloosde Alien-publiek, handelt
Species over een half menselijk/half
buitenaards meisje, Sil, dat uit een
labo weet te ontsnappen en naar Los
Angeles trekt om er zich voort te
planten. Roger Donaldson werd
aangewezen als regisseur. Donaldson
kwam bij Giger terecht nadat zijn
zoontje hem naar een comic-winkel had
gesleurd, waar hij op een boek van
Giger (waar hij nog nooit had van
gehoord) viel. Giger's contactpersoon
werd Frank Mancuso Jr., de producer van
Species die al eerder een aantal Friday
The 13th-films had geproduceerd, en die
de zoon is van de topman van MGM. Giger
moest de buitenaardse gedaante van het
meisje ontwerpen; de opdracht van zijn
dromen, daar Giger in talloze werken
erotiek succesvol weet te combineren
met horror. Totaal paranoïa door zijn
slechte ervaringen met de filmwereld,
stuurde Giger in het begin slechts
vage, onduidelijke faxen, om zichzelf
ervan te verzekeren dat ze zijn
ontwerpen niet konden gebruiken achter
z'n rug. De schetsen werden door MGM
goedgekeurd, contracten werden getekend
en het echte werk kon beginnen. Giger
werd uitgenodigd om te komen
superviseren op de set, maar op
hetzelfde moment werd zijn moeder Melly
zwaar ziek, en hij wilde haar niet
alleen laten. Niet veel later stierf
ze. Giger was toegewezen op zijn
faxtoestel en op vele nachtelijke
telefoongesprekken met Mancuso en Steve
Johnson, die van zijn tekeningen een
tastbaar model moest maken. Er werden
hem voortdurend video's toegestuurd
waarop hij de constructie van de
modellen kon volgen.
Op een bepaald moment trachtte Giger in
Zwitserland overigens zelf een workshop
op te starten waar hij zelf de modellen
kon maken, maar die poging draaide uit
in een fiasco. De kunstenaar wou echter
weer veel meer dan van hem gevraagd
werd. Hij bestookte Mancuso met faxen
betreffende zijn ontevredenheid met het
script. Het moest nu maar eens uit zijn
met die vlammenwerpers en vuurzeeën op
het einde van elke Amerikaanse film.
Verder vond hij het nodig zelf op zoek
te gaan naar de ideale Sil. Hij vond
haar in de Zwitserse Nadia. Bovendien
kwam Giger op de proppen met een eigen
ontwerp van de titel. De cineasten
bedankten echter vriendelijk voor al
deze suggesties. Op één gebied had
Giger echter meer succes. Hij kreeg de
kans zijn spooktrein uit The Train te
verwerken in een droomscène. Om de
producers extra onder druk te zetten
deze scène niet te knippen, bouwde
Giger dan maar van zijn eigen geld een
volledig werkend miniatuur van het
helse ding. De scène zit dan toch in de
film (een beetje kort naar de zin van
de meester, maar goed), waarschijnlijk
meer om van het gezeur verlost te zijn
dan wat anders. Alles bij elkaar is
Giger wel tevreden met het
eindresultaat. Hij spreekt over Species
als zijn beste filmervaring sinds
Alien. Hij is echter niet te spreken
over de mannelijke Sil, die niet van
zijn hand is.
TOEKOMST: van Alien 4 tot Species 2
Concrete plannen zijn er nog niet, maar
er is een goede kans dat Giger zal
betrokken worden bij de produkties van
Alien 4 en Species 2. Overigens blijven
de opties op Aliens vs. Predator en
Aliens vs. Species open. Vooral de
laatste prent is ondenkbaar zonder
Giger. Wat we wel met zekerheid kunnen
vertellen is dat Giger de covers zal
ontwerpen voor de tweede reeks Species-
comics waarop de sequel zal gebaseerd
worden.
Het is niet voor niets dat Hans Rudi
Giger de 'Designer from Development
Hell' wordt genoemd. Op 20 jaar tijd
werd hij voor bijna evenveel projecten
aangesproken. Slechts een fractie
daarvan werden uiteindelijk gemaakt, en
met slechts twee daarvan was Giger min
of meer tevreden. Het is één van die
vele Hollywood-tragedies, om een zwaar
woord te gebruiken, die maar weer
bewijzen dat geld het voor het zeggen
heeft in Tinseltown, en niet
creativiteit. Voor een man als Giger,
die in zijn eigen wereld leeft en te
goedgelovig is om in te zien dat hij
wordt misbruikt, kan zoiets nefast
zijn. We kunnen alleen maar hopen dat
het succes van Species eindelijk hier
en daar wat zielen heeft wakkergemaakt,
die Giger volop de kans zullen geven
zijn briljante fantasie tot uiting te
laten komen.
Voor wie meer wil weten over Giger en
zijn bijdragen voor films, kunnen we de
boeken Giger's Alien, Giger's Film
Design en The Making Of Species warm
aanbevelen.
terug naar boven | afdrukken |
bewaren als pdf | e-mail als PDF | als favoriet bewaren
| Een probleem op deze pagina melden
|