Meteen naar de tekst springen

INDEX >> FESTIVALS >> INTERNATIONAAL FILMFESTIVAL VAN GENT

INTERNATIONAAL FILMFESTIVAL VAN GENT
Van Chinese Box tot Hercules

 

Ben Van Alboom | 26/10/1997


Share/Bookmark

Volgend jaar bestaat het Internationaal Filmfestival van Vlaanderen - Gent (om nog maar eens zo volledig mogelijk te zijn) 25 jaar. Natuurlijk wordt nu al gewerkt om die jubileumeditie niet onopgemerkt voorbij te laten gaan, maar gelukkig moeten wij ons daar nog geen zorgen over maken.

Voor het zover is, blikken wij nog even uitgebreid terug op de 24ste editie, die op zeven oktober van start ging met Chinese Box, de nieuwe Wayne Wang, en zijn deuren sloot op achttien oktober met Hercules, de 35e Disney. Om jullie keuze dit najaar iets makkelijker te maken, hebben we de meeste films, die op het festival in première gingen, gebundeld in twee groepen: toppers en floppers. Aan jullie de keuze.

TOPPERS
Hoewel er dit jaar geen nieuw meesterwerk van David Cronenberg of Lars Von Trier tussenzat, bleef je op het festival ook nu weer niet op je honger zitten. Echte verrassingen zaten er misschien niet bij, maar dat neemt niet weg dat je uit het enorme aanbod makkelijk enkele flinke aanraders kon meepikken. Als er dit jaar al zeker één aanrader was, dan was het ongetwijfeld de Britse film Brassed Off (met Ewan McGregor en Pete Postlethwaite), een ontroerende en toch grappige sociale komedie van Mark Herman (Blame It on the Bellboy). Je zou het het scenario (een fanfare dreigt uiteen te vallen, wanneer de bandleden hun job verliezen) niet meegeven, maar Brassed Off is een ouderwetse feel good-film met ijzersterke vertolkingen, pittige muziek en een hart van goud. Het klinkt misschien melig, maar deze prent laat niemand onbetuigd. In dezelfde lijn ligt The Full Monty (van Peter Cattaneo), een bijzonder grappig en pretentieloze Britse komedie, waarin enkele werklozen (het type 'hopeloos') besluiten de Chippendales achterna te gaan en zelf ook hun broek te laten zakken. De seventies-deuntjes en de aanstekelijke humor hebben er alvast voor gezorgd dat The Full Monty een kaskraker werd in Engeland, maar ook België zal ongetwijfeld bezwijken voor de 'charmes' van ondermeer Robert Carlyle (Trainspotting). Wie The Adventures of Priscille, Queen of the Desert wel zag zitten, mag dit in ieder geval zeker niet missen.

De meest opvallende film hadden de organisatoren evenwel nog bewaard tot de laatste officiële festivaldag, want dan ging Funny Games - laat jullie niet misleiden door de titel - in première. Funny Games (van de Oostenrijker Michael Haneke) was al één van de controversieelste films op het 50ste Filmfestival van Cannes, begin dit jaar. Zo controversieel zelfs dat de de jury, onder leiding van Isabelle Adjani, het niet aandurfde de prent een prijs toe te kennen op het festival dat er, nota bene, meestal prat op gaat elke film in competitie een prijs toe te kennen of eventueel gewoon een nieuwe te verzinnen. Funny Games is dan ook geen makkelijk verteerbare film. Voor Haneke zelf is Funny Games een aanklacht tegen ultra-geweld, terwijl voor een weinig doorwinterd publiek Funny Games juist de verpersoonlijking is van extreem geweld. De discussie zal ongetwijfeld nog oplaaien, want nu al hebben enkele Belgsiche bioscopen laten weten de film niet te willen vertonen. Laat de heisa rond de film je echter niet op het verkeerde been zetten en ga zelf kijken, want Funny Games is gewoonweg een (nogal letterlijk) adembenemend meesterwerk. Een must.

Behalve Brassed Off, The Full Monty en Funny Games, waren het vooral Chasing Amy (van Clerks-regisseur Kevin Smith), The Sweet Hereafter (van Atom Egoyan), One Night Stand (van Mike Figgis) en Nowhere (van Gregg Araki) die in het oog sprongen. Kortom: regisseurs die al lang niets meer te bewijzen hadden, maar het toch nog maar eens deden. Verrassender (en daarom misschien ook interessanter) waren Un frère (van Sylvie Verheyde met Nils Tavernier), All Over Me (van Alex Sichel), Junk Mail (van Pal Sletaune) en Clockwatchers (van Jill Sprecher met Toni Collette en Lisa Kudrow, uit Friends); vier knappe debuutfilms over tieners en adolescenten. Opvallend waren ook The Blackout (Matthew Modine en Claudia Schiffer), de nieuwe films van Abel Ferrara die dit keer een manier gevonden heeft om Lynch en Cronenberg te combineren, en She's So Lovely (met Sean Penn en John Travolta), de tweede film van Nick Cassavetes die een manier gevonden heeft om zijn pa te imiteren. Om de rij helemaal af te sluiten: Le destin (van Youssef Chahine), Insomnia (van Erik Skjoldbjaerg), Lilies (van John Greyson), Marius et Jeanette (van Robert Guediguan), Metroland (van Philip Saville met Emily Watson), Mrs. Brown (van John Madden), The Pe acemaker (van Mimi Leder met George Clooney en Nicole Kidman), Rossini (van Helmut Dietl), Sling Blade (van en met Billy Bob Thornton), The Spanish Prisoner (van David Mamet met Steve Martin), Truth Or Consequences, N.M. (van en met Kiefer Sutherland) Ule e's Gold (van Victor Nunez met Peter Fonda) en de twee Gouden Palmen The Eel (van Shohei Imamura) en Le gôut de cérises (Abbas Kiarostami).

FLOPPERS
Niet dat er per definitie op een festival slechte films geprogrammeerd worden, maar als je een affiche samenstelt met meer dan honderd film, dan ontsnapt geen enkel festival aan zijn portie rommel. Dat rommel af en toe nog een naam draagt ook, zullen de tweeduizend genodigden (Joyce De Troch en ondergetekende inclusief) achtergekomen zijn op de officiële opening van de 24ste editie van het filmfestival. Regisseur Wayne Wang (Smoke) zakte dan al met Jeremy Irons af naar Gent, maar de arme man nam ook een onafgewerkte versie mee van Chinese Box, de nieuwe Wang die rond kerstmis in de bioscopen komt. Tot onze verbazing, want Chinese Box is een behoorlijk zwakke film over de teruggave van de Britse kolonie Hong Kong aan China, bleek het echter wel degelijk om de afgewerkte versie te gaan. Het is behoorlijk moeilijk te geloven hoe iemand die een uitstekend portret maakt van Brooklyn (Blue in the Face), er maar niet in slaagt een ook maar ietwat boeiend portret te maken van zijn geboortestad. Chinese Box - een duiveltje dat beter in zijn Chinees doosje was blijven zitten - combineert CNN-beelden met de slaapverwekkende liefdesperikelen van Jeremy Irons. Wie Stealing Beauty, Irons' vorige film, trouwens heeft gezien, vist de gelijkenissen tussen de verhaallijn en Irons ' personage er zo uit.

Niet zo ellendig, maar ook weer niet echt overtuigend was Hercules, de slotfilm van het festival. De 35e geanimeerde Disney-film is opgebouwd volgens de geijkte formule, maar mist de klasse van pakweg Beauty and the Beast of The Lion King. Aan spontaniteit ontbreekt het Hercules echter niet en James Woods heeft nu al zijn plaatsje veroverd naast de heks uit Sneeuwwitje, maar meer dan een tussendoortje is Hercules niet. We hebben er nog enkele zwakke films uitgehaald die best de moeite lijken, maar het (voor alle duidelijkheid) niet zijn. Opvallend veel Amerikaanse independents, zoals Hard Eight (van Paul Thomas Anderson met Gwyneth Platrow en Samuel L. Jackson), American Perfekt (van Paul Chart met Amanda Plummer) en Courting Courtney (van Paul Tarantino, geen familie van...), maar ook Amerikaanse bulldozers, zoals The Lost World (van Steven Spielberg), Nothing To Lose (van Steve Oedekerk met Martin Lawrence en Tim Robbins), For Roseanna (van Paul Weiland met Jean Réno), Ghosts From Mississippi (van Rob Reiner met James Woods en Whoopi Goldberg), Paradise Road (van Bruce Beresford met Glenn Close) en natuurlijk George of the Jungle (van Sam Weisman met Brendan Fraser).

Tot slot nog een lijstje films die ook verre van overtuigend waren: Broos (van Mijke De Jong), een vervelend portret van vijf zussen; East Palace West Palace (van Zhang Yuan), een nogal nihilistische homoprent; Engelchen (van Helke Misselwitz), een net iets te grauwe film; Four Days In September (van Bruno Barreto), een middelmatige televisiefilm; Kriegsbilder (van Heiner Stadler), een stereotiep oorlogsdrama; Zar Gul (van Salmaan Peerzada), een poging om interessant te lijken; en The Witman Boys (van Janosz Szasz), een film waar op het festival zowaar nog een rel rond ontstond (zie Prijzen). Om het rijtje helemaal af te sluiten is er nog Alors Voilà, de nieuwe van Michel Piccoli met onder ander Arno; een film die er in slaagde als laatste te eindigen bij de Fnac Publieksprijs met een gemiddelde van 0,34 op vijf. Als je weet dat de voorlaatste prent in die competitie nog een gemiddelde van 1,45 haalde, weet je genoeg. Onze persoonlijke keuze ging echter uit naar Epsilon, een oerslechte prent die enkel nog een verdeler vindt, als Greenpeace plotseling in the business stapt. We hopen dat u het nooit meemaakt, maar zo'n onzin hadden wij alvast nog nooit gezien.

PRIJZEN
Het Internationaal Filmfestival van Gent kan met 70.000 bezoekers al een stuiver missen om diezelfde stuiver dan weer weg te geven aan één van de elf films die dit jaar in competitie liepen. De jury die dit jaar over die stuiver en de Gulden en Zilveren Spoorprijs besliste, bestond uit Gina Lollobrigida, Irvin Kershner, Thom Hoffman, maar gelukkig ook Jean-Pierre De Decker en Giancarlo Esposito. De Gulden Spoorprijs (1 miljoen BF) ging dit jaar naar The Witman Boys (van Janosz Szasz). De uitreiking van de prijs verliep niet zonder slag of stoot, want jury-voorzitster (en waarschijnlijk overgrootmoeder) Gina Lollobrigida kondigde aan zelf morele bezwaren hebben tegen de film en liet de prijs uitreiken door de voorzitter van het festival. De morele bezwaren ten spijt blijft The Whitman Boys een weinig fascinerende en allerminst aanstootgevende film. Gelukkig (voor de levenskansen van Lollobrigida) behoorde Funny Games niet tot de officiële competitie. Iets meer verdiend was de Zilveren Spoor Prijs (500.000 BF) voor beste regisseur die ging naar Pal Sletaune voor Junk Mail. Vangelis kreeg tot slot de Georges Delerue Prijs (800.000 BF) voor beste muziek voor Cavafy en The Other Side of Sunday (van Berit Nesheim) kreeg een Speciale Prijs van de jury voor de buitengewone prestatie van Marie Theisen en de gevoelige regie van Berit Nesheim. Niet geheel onverwacht ging Brassed Off (van Mark Herman) lopen met de FNAC Publieksprijs, maar (iets minder verwacht) ook met de Studenten Prijs. Funny Games (van Michael Haneke) kreeg de Fipresci Prijs en de twee Belgische kortfilms, Sancta Mortale (van Ilse Somers) en De Suikerpot (van Hilde Van Mieghem), werden eveneens in de bloemetjes (en Jospeh Plateau Awards) gezet.

PLANEET CINEMA

Planeet Cinema is een online filmmagazine. We bekijken films zonder grenzen: oud of nieuw, populair of obscuur.

We geven graag nieuw schrijftalent de kans om online te publiceren.

Planeet Cinema beschikt over een uitgebreid archief van meer dan 6.000 artikelen sinds 1993.

 

HOME
RECENSIES
ACHTERGRONDEN
FESTIVALS
KLASSIEKERS

Twitter Facebook

 

THEMA

THEMA - UIT DE KUNST
Vrouw in een mannenwereld


Met de hulp van een historica draaide de Franse regisseur Bruno Nuytten in 1988 een biopic over een van Frankrijks meest bekende vrouwelijke kunstenaars uit de negentiende eeuw. De gelijknamige film vertelt haar tragische levensverhaal begeleid door de dramatische muziek voor hoofdzakelijk strijkers van componist Gabriel Yared.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
De beeldhouwer die niet wou schilderen


Quizvraagje voor bij de barbecue: wat hebben Mozes, Johannes de Doper, Marcus Antonius, Henry VIII, Michelangelo en God de Vader zelve gemeenschappelijk? Antwoord: ze werden allemaal op film vereeuwigd door Charlton Heston.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Het spanningsveld van de kunstenaar


Een kunstschilder die in de tweede helft van de negentiende eeuw in het zog van het impressionisme op de kunstscène verschijnt, is Auguste Renoir. Deze Fransman die ongeveer 6000 schilderijen maakte, is echter niet de enige kunstenaar die Gilles Bourdos met de film Renoir in de verf zet.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Genialiteit ondergedompeld in miserie


Quoth the raven: ‘nevermore’. Edgar Allan Poe schreef de beroemde dichtregel in 1845, en sindsdien heeft zijn raaf de populaire cultuur niet meer verlaten. Als zelfs The Simpsons je gedicht opnemen in hun Treehouse of Horrorreeks, weet je dat je het als dichter gemaakt hebt.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Pop-art tot de tiende macht


Thierry Guetta is een Fransman die in Los Angeles een tweedehands kledingzaak heeft. Via via ontmoet hij een street art-kunstenaar en hij – notoir allesfilmer – springt bij en filmt alles. Meer street art-kunstenaars laten zich filmen. Een idee voor een documentaire is geboren. Maar er is iets loos. Guetta zal niet rusten voor hij alle kunstenaars heeft gefilmd. Hij ontmoet er veel. Maar er ontbreekt er een: Banksy, die intussen wereldberoemd is geworden met zijn ironische street art.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Wie is er bang van Alfred Hitchcock?


In 2012, meer dan 30 jaar na zijn dood, verschenen er plots twee films over het leven van Alfred Hitchcock. Het mag een wonder zijn dat het zolang geduurd heeft. Hitchcock was een mysterieus man en een gedroomd object voor een biopic.

>>>

UIT HET ARCHIEF

New Line
THE UPSIDE OF ANGER
Het tranenmeer
>>>