Meteen naar de tekst springen
Charles Boyer en Ingrid Bergman: tussen twijfel en angst. (c) MGM

INDEX >> KLASSIEKERS >>

GASLIGHT
Ingrid Bergman was nooit beter

 

Matthias Van Wichelen | 06/03/2012


Share/Bookmark

Ingrid Bergman zal eeuwig herinnerd worden als Ilsa - “Play it, Sam. Play As Time Goes By” - Lund in Casablanca. Haar populairste rol is niet haar beste. Die speelde ze twee jaar later in Gaslight (1944), een Victoriaanse psychologische thriller van George Cukor. Ze won er terecht haar eerste Oscar mee.

De Zweedse actrice hield niet van Ilsa Lund. “Too love-struck” vatte ze in twee woorden het personage samen dat haar hyperpopulair had gemaakt.

Bergman was op de top van haar kunnen ten tijde van Gaslight. Ze was de beroemdste, populairste en voor velen ook de mooiste vrouw ter wereld. Geroemd door critici, aanbeden door miljoenen filmfans. Ze combineerde de pure, down-to-earth uitstraling van Michelle Wiliams, de intrigerend-timide look van Carey Mulligan en de klassieke schoonheid van Scarlett Johansson. Dat alles in één vrouw, zeventig jaar geleden.

Koekjes
Professioneel en artistiek was ze zelf minder tevreden. Sinds ze zich in Hollywood geïnstalleerd had, was ze enkel te spreken over haar rol in Victor Flemings versie van Dr. Jekyll and Mr. Hyde. Al haar andere rollen vond ze maar zozo. Gaslight was een unieke kans om al haar talenten te ontplooien.

Toch twijfelde ze sterk aan zichzelf. Ze maakte zich vooral zorgen over haar gewicht. Volledig terecht maar er waren verzachtende omstandigheden. Haar huwelijk met haar landgenoot Petter Lindstrom zat al ver in de blessuretijd. Terwijl zij de ene film na de andere draaide, was hij bezig met zijn chirurgenstudie in New York, de andere kant van het land. De actrice zorgde in haar eentje voor de gezinsinkomsten. Als student verdiende hij geen cent. Bergmans strakke lijn was een van zijn grootste bekommernissen. Hij knikte goedkeurend als ze met honger van tafel ging. Dat ze in de slaapkamer een grote trommel met koekjes had, wist hij niet.

Bovendien had ze net twee absolute gedrochten van films gemaakt: For Whom the Bell Tolls en Saratoga Trunk. Die laatste was zo slecht dat hij enkel aan overzeese soldaten aan het front getoond werd. De artistieke rampen zetten ook haar privéleven overhoop. Al zijn er geen harde bewijzen dat ze een amoureuze relatie had met Gary Cooper - haar tegenspeler in beide films - het is wel bekend dat ze tot over haar oren verliefd was. Of er buitenechtelijke seks van gekomen is, weet niemand, in ieder geval was haar liefde voor hem flink bekoeld toen de miserabele opnames van Saratoga Trunk ten einde liepen. Die duurden langer dan voorzien omdat de kostuums van Bergman steeds moeten versteld worden.

Haar populariteit had niet te leiden onder die twee mindere films, maar toch. Door haar falende huwelijk, de gemiste affaire met Cary Grant en haar ergernis over de twee flops zat ze net iets vaker in de koekjestrommel dan anders.

Met regisseur George Cukor trof ze op dat vlak een gelijkgestemde ziel. De kerel zei zelden nee tegen een dessertje en kreeg zijn gewicht moeilijk onder controle. Als Bergman en Cukor samen gingen lunchen bestelde hij extra desserts die hij aan haar doorschoof. Ingrid Bergman ziet er in Gaslight dan ook uit als een opvallend gezonde en stevige vrouw. Niet dik, maar ronder dan de filmsterren uit de 21ste eeuw.

David O. Selznick
Rond de productie van Gaslight hangen heerlijke verhalen die zo typisch zijn voor films uit de jaren dertig en veertig. De Zweedse ster stond onder contract bij de machtige filmproducer David O. Selznick (Gone With the Wind, Rebecca) die haar naar Hollywood had gehaald voor de remake van Intermezzo. Ieder project dat Bergman wilde aannemen had zijn toestemming nodig. De producer leende haar met veel plezier uit aan andere studio’s. Voor Gaslight betaalde Metro Goldwyn Mayer hem 253.750 dollar, de actrice zelf kreeg 74.156 dollar. Een mooie deal.

Selznick was in eerste instantie helemaal niet zinnens haar de film te laten maken. MGM was van plan Charles Boyer de first billing te geven en dat zinde hem niet. Hij ging overstag nadat Bergman woedend zijn kantoor binnenstormde en hem duidelijk maakte dat ze die ene rol waar ze al jaren op wachtte niet zou laten schieten voor gesteggel over de volgorde van de namen op de aftiteling.

Bergman kon dus aan de slag in de Amerikaanse remake van een Britse verfilming van een populair toneelstuk van Patrick Hamilton. Filmliefhebbers die klagen dat er tegenwoordig te veel remakes zijn: het was in de gouden jaren van de cinema niet veel beter.

Wat nu absoluut niet meer zou kunnen is het plan dat MGM opvatte. Om iedere vergelijking met het sterke Britse origineel onmogelijk te maken spoorde de studio alle bestaande kopijen van de film op en liet die verbranden. Het lukte niet helemaal.

Paula Alquist is het personage waar ze zo trots op is. De jonge vrouw betrekt met haar kersverse echtgenoot (Charles Boyer) het oude Londense huis dat ze erfde van haar tante. Ze weet niet dat haar man een geheim heeft dat hij ten koste van alles wil bewaren. Hij begint aan een ingenieus spel dat haar moet doen geloven dat ze gek aan het worden is.

Paula = Ingrid?
Is Bergmans vertolking zo sterk omdat ze zo veel van zichzelf herkende in Paula? Beide vrouwen zijn getrouwd met een man die hen niet echt – understatement – ondersteunt. Ze verloren hun moeder als peuter, hun vader als kind en werden opgevoed door een tante. Net als Paula volgde Bergman intensieve zanglessen. Nog meer dan deze toch wel opvallende persoonlijke overeenkomsten bewonderde Bergman de mentale weerbaarheid van de vrouw die wel buigt, maar niet kraakt.

Zoals ze dat altijd deed, bereidde Bergman zich minutieus voor op de rol. Ze las tientallen boeken, bezocht psychiatrische instellingen en besteedde weken in het gezelschap van patiënten die leden aan schizofrenie en hallucinaties. Ook na de opnames bleef ze de patiënten opzoeken.

Ze haalde alles uit de rol. Een Oscar voor de beste vrouwelijke hoofdrol was het logische gevolg. Ze ontving de prijs in dezelfde jurk die ze het jaar voordien al droeg toen ze genomineerd was voor For Whom the Bells Tolls (zijzelf, de critici en het publiek haatten die film, de Academy vond hem blijkbaar wel goed). Haar echtgenoot vond het niet nuttig geld uit te geven aan een nieuwe jurk. Die van vorig jaar was toch niet versleten?

De Oscar dankt ze aan de zeer ingehouden manier waarop ze Paula’s twijfel gestalte geeft. In haar achterhoofd weet ze dat ze niet gek is, maar hoe verklaar je die vergeetachtigheid? De scènes waarin ze ontwaakt uit haar verwarring en ineens weer glashelder nadenkt, verraden haar natuurtalent. In één enkele oogopslag, met een nauwelijks zichtbare verdraaiing van het hoofd of een minimale geste wordt ze een andere vrouw. Hoe minder ze doet, hoe beter ze is.

In de slotscène overtreft ze zichzelf. Paul heeft inmiddels door wat er aan de hand is en pakt haar man genadeloos terug door te faken dat ze helemaal gek geworden is. Ze speelt het psychologische kat-en-muis-spel met een onderdrukt sardonisch genoegen. Haar timing is perfect. Ze straalt indrukwekkend veel innerlijke kracht uit zonder de controle te verliezen. Hoe ze heen en weer flitst tussen gekte en berheersing: beter dan dit heeft ze het nadien niet meer gedaan, al zijn er scènes in Ingmar Bergmans Herfstsonate (1978) die qua intensiteit heel dicht in de buurt komen.

Vergeten helden
Gaslight is meer dan Bergman alleen. De namen Charles Boyer en Joseph Cotten klinken nu minder bekend in de oren dan pakweg Humphrey Bogart, James Stewart of Spencer Tracy. De titels van de film waarin beide mannen meespeelden klinken wel nog als een klok. Voor hij begon aan Gaslight had Cotten al gespeeld in Orson Welles’ Citizen Kane en The Magnificent Ambersons en in Shadow of a Doubt, een van de absolute toppers uit Alfred Hitchcocks rijke filmografie. Boyer is de man van Nana, Fanny, How to Steal a Million en Casino Royale.

Cotten speelt heel onderkoeld de agent die Paula ter hulp schiet. Hij heeft minder scènes en tekst dan Bergman en Charles Boyer maar telkens hij in beeld komt, gebeurt er wel wat. Charles Boyer – een Fransman die al jaren in Hollywood werkte en tot zijn dood een van Bergmans beste vrienden bleef – kreeg een Oscarnominatie voor zijn belichaming van een man die uit een Hitchcockfilm lijkt weggelopen.

Het geniale aan Hitchcock is dat zijn slechteriken er nooit kwaadaardig uitzien. Staan ze met autopech aan de kant van de weg, dan stop je en help je hen de lekke band te vervangen. Hebben ze dorst dan geef je hen te drinken. Zijn ze gestrand in het midden van de nacht dan mogen ze blijven overnachten. Er is geen reden om hen te wantrouwen. Tot hun duistere trekjes zichtbaar worden.

Gregory Anton is er zo eentje. Charmant, zorgzaam en sociaal genoeg om nooit verdacht te zijn. Er lijkt geen vuiltje aan de lucht tot hij heel voorzichtig aan zijn manipulatieve spel begint. Hij doet het zo behendig en slinks dat hij zelfs de kijker doet twijfelen. Anton is een meesterlijke leugenaar, een gewiekste manipulator die zijn vrouw stapje voor stapje richting isolement en gekte manoeuvreert. Boyers vertolking is perfect gedoseerd. Er zit genoeg slechtheid in om schrik te krijgen en net voldoende menselijkheid om toch te twijfelen.

De grote ontdekking in Gaslight is Angela Lansbury die eeuwig herinnerd zal worden als Jessica Fletcher, de geinige detectiveschrijfster uit de zeer vermakelijke maar o zo brave tv-serie Murder, She Wrote. Debuteren deed de Engelse actrice veertig jaar eerder. Na een overweldigende screentest haalde George Cukor haar weg uit het warenhuis waar ze toen deeltijds werkte als cadeautjesinpakster. Ze was toen 17.

Als Nancy de huishoudster contrasteert ze perfect met Bergmans pure en serene hoofdpersonage. De grofgebekte, volkse Nancy jaagt openlijk op mannen. Lansbury zorgt voor de grappige flitsen met scherp geplaatste oneliners en onconventionele zelfzekerheid. Ook zij kreeg een Oscarnominatie. 

Andere niet-verzilverde Oscarnominaties waren er voor de fotografie (de mist van Londen!), het scenario en de beste film. De decors werden wel bekroond. Mooi is dat want ze spelen een belangrijke ondersteunende rol. Gaslight speelt zich voornamelijk binnenshuis af. De chaos in Paula’s hoofd wordt versterkt door de benepen wanordelijke indeling van de woning.

Voor regisseur George Cukor blijft Gaslight een buitenbeentje in zijn oeuvre. Hij staat toch vooral bekende als maker van intelligente lichtvoetige komedies en musicals – The Philadelphia Story, The Women en Dinner at Eight voor Gaslight, erna Adam’s Rib, Born Yesterday, A Star Is Born, Let's Make Love en My Fair Lady – maar bewijst zich hier als een uitstekende en heldere verteller die weet hoe je behendig spanning opbouwt. Het tempo is strak genoeg, de dialogen zijn to-the-point en de briljante vertolkingen verliezen nooit hun kracht, ook niet na bijna zeventig jaar.

REEKS (121) - KLASSIEKER
In deze rubriek snuffelen we elke editie langs grote, kleine en vergeten filmklassiekers.

PLANEET CINEMA

Planeet Cinema is een online filmmagazine. We bekijken films zonder grenzen: oud of nieuw, populair of obscuur.

We geven graag nieuw schrijftalent de kans om online te publiceren.

Planeet Cinema beschikt over een uitgebreid archief van meer dan 6.000 artikelen sinds 1993.

 

HOME
RECENSIES
ACHTERGRONDEN
FESTIVALS
KLASSIEKERS

Twitter Facebook

 

THEMA

THEMA - UIT DE KUNST
Vrouw in een mannenwereld


Met de hulp van een historica draaide de Franse regisseur Bruno Nuytten in 1988 een biopic over een van Frankrijks meest bekende vrouwelijke kunstenaars uit de negentiende eeuw. De gelijknamige film vertelt haar tragische levensverhaal begeleid door de dramatische muziek voor hoofdzakelijk strijkers van componist Gabriel Yared.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
De beeldhouwer die niet wou schilderen


Quizvraagje voor bij de barbecue: wat hebben Mozes, Johannes de Doper, Marcus Antonius, Henry VIII, Michelangelo en God de Vader zelve gemeenschappelijk? Antwoord: ze werden allemaal op film vereeuwigd door Charlton Heston.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Het spanningsveld van de kunstenaar


Een kunstschilder die in de tweede helft van de negentiende eeuw in het zog van het impressionisme op de kunstscène verschijnt, is Auguste Renoir. Deze Fransman die ongeveer 6000 schilderijen maakte, is echter niet de enige kunstenaar die Gilles Bourdos met de film Renoir in de verf zet.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Genialiteit ondergedompeld in miserie


Quoth the raven: ‘nevermore’. Edgar Allan Poe schreef de beroemde dichtregel in 1845, en sindsdien heeft zijn raaf de populaire cultuur niet meer verlaten. Als zelfs The Simpsons je gedicht opnemen in hun Treehouse of Horrorreeks, weet je dat je het als dichter gemaakt hebt.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Pop-art tot de tiende macht


Thierry Guetta is een Fransman die in Los Angeles een tweedehands kledingzaak heeft. Via via ontmoet hij een street art-kunstenaar en hij – notoir allesfilmer – springt bij en filmt alles. Meer street art-kunstenaars laten zich filmen. Een idee voor een documentaire is geboren. Maar er is iets loos. Guetta zal niet rusten voor hij alle kunstenaars heeft gefilmd. Hij ontmoet er veel. Maar er ontbreekt er een: Banksy, die intussen wereldberoemd is geworden met zijn ironische street art.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Wie is er bang van Alfred Hitchcock?


In 2012, meer dan 30 jaar na zijn dood, verschenen er plots twee films over het leven van Alfred Hitchcock. Het mag een wonder zijn dat het zolang geduurd heeft. Hitchcock was een mysterieus man en een gedroomd object voor een biopic.

>>>

UIT HET ARCHIEF

Foto: Warner Bros.
THE POLAR EXPRESS
Zie ginds komt de stoomtrein...
>>>