Meteen naar de tekst springen

INDEX >> ACHTERGRONDEN >> MARY SHELLEY'S FRANKENSTEIN

MARY SHELLEY'S FRANKENSTEIN
Digitaal tot leven gewekt

 

Jo Anseeuw | 28/10/1997


Share/Bookmark

Terwijl zijn voorganger Bram Stoker's Dracula enkel gebruik maakte van klassieke visuele effecten (buiten een morph op het einde van de film), werden voor Mary Shelley's Frankenstein de grote digitale middelen ingezet.

Onder het waakzaam oog van visual effects supervisor Richard Conway leverde de Britse firma Computer Film Company (CFC), onder leiding van visual effects producer Chris Watts (The Hudsucker Proxy, Demolition Man), zo'n 140 shots af.

In één van de eerste scènes zien we hoe een driemaster, de Alexander Nevsky, tijdens een nachtelijke storm in aanvaring komt met een ijsberg. Om de boot op zee te tonen werd een schaalmodel (8 meter lang en met een aantal kleine popjes aan boord) gebouwd, die, voortgetrokken door een andere boot, op klaarlichte dag op zee werd gefilmd. Om de scène consistent te maken met het script vervingen de digitale artisten van CFC de zonnige dag door een stormachtige nacht. Hiervoor wijzigde men de helderheid van de opnames en werd het contrast aangepast. Regen werd voor een zwarte achtergrond gefilmd en samen met bliksem en bootlichten aan de scène toegevoegd. Om de beelden zo spectaculair mogelijk te maken trok men de boot loodrecht op de baren vooruit (wat dus wil zeggen: tegen de wind; wie goed kijkt kan zien dat de zeilen in feite de andere kant opstaan), waarbij de stabiliteit gegarandeerd werd door het groot gewicht (5 ton) van de boot. Dit alles werd nog versterkt door de scène aan 72 beelden per seconde te filmen. Het filmen van modellen met hoge snelheidscamera's zorgt er immers voor dat bij het afspelen op normale snelheid alles veel grootser en zwaarder lijkt. Deze methode wordt standaard toegepast bij miniatuurfotografie, en we hebben het zelfs eens zien gebruiken in een televisiejournaal om een brand groter te doen lijken! Om de zee nog woester te doen lijken werd het schuim digitaal toegevoegd. De scène werd vervolledigd door de sleepboot en de sleepkabel weg te schilderen, terwijl Mark Nelmes en Dominic Parker van CFC een computergegenereerde ijsberg toevoegden (omdat de uit polystyreen vervaardigde berg te nep leek).

Ook de ijsberg die voor de boot omhoogstuikt en waarop het schip botst, bestaat enkel in de computer. De crash zelf werd dan wel weer met behulp van miniaturen gefilmd, waarbij de ijsberg digitaal vergroot werd. De scènes op de ijsberg zelf werden oorspronkelijk in de Shepperton studio's gefilmd, maar bleken niet te voldoen aan de gewenste 'look': bepaalde bergen leken nep, de zoldering van de studio was vaak te zien, en de zwarte achtergrond zorgde ook niet voor een realistische Noordpool. Extra (computergegeneerde) achtergronden, lucht en mist werden toegvoegd, terwijl de belichting en de kleuren werden aangepast. Misschien toch nog even vermelden dat het niet zo evident is om computerbeelden te combineren met 'live' opnames waarbij met vaak met beweeglijke camera's werkt. Men moet er immers voor zorgen dat die digitale beelden niet staan te trillen in de scène als de camera beweegt. De digitale artist moet dus rekening houden met de beweging van de camera om zijn beeld op de juiste plaats in te passen. Enkel indien de opnames gebeurd zijn met een motion control camera (waarbij de bewegingen gestuurd en/of geregistreerd worden door een computer) is dit relatief eenvoudig te automatiseren. Indien zo'n toestel niet voor handen was moet men uit de beelden zelf de positie en de beweging van de camera reconstrueren.

De belangrijkste scène moest echter nog komen... Toen Kenneth Branagh aan de inseminatie-scène begon te filmen, wist hij dat dit misschien wel de belangrijkste meters pelicule van de film zouden worden. Hier draaide immers alles om, en de Frankensteinkenners zouden het niet nalaten om de film de grond in te boren als de schepping maar een zwak afkooksel zou zijn van de talrijke voorgangers. Hij orchestreerde de volledige scène rond een hydro-electrisch bad, waarbij de inseminatie omwille van de visualisatie een sterk sexueel karakter krijgt.

Frankenstein leerde tijdens een picknick in de Alpen de krachten van elektriciteit kennen (hiervoor filmde men verschillende elektrische ontladingen die men met behulp van een speciaal geschreven programma langsheen een pad konden laten bewegen) en in zijn laboratorium bouwt hij een soort sarcofaag dat gevoed wordt door elektriciteit die uit bliksemontladingen wordt gerecycleerd en via sidderalen aan het monster wordt doorgegeven. Om de scène zo spectaculair mogelijk te maken wilde Branagh het geheel door vonken laten overheersen.

Een aantal daarvan werden op de set zelf gefilmd, maar omdat de regisseur middenin dit (levensgevaarlijk) elektrisch festijn ook nog moest acteren werd besloten om een groot deel van de elektrische vonken in de postproduktie aan het geheel toe te voegen. Om de illusie zo goed mogelijk te bewaren werden een groot aantal echte vonken gefilmd die deels handmatig, deels softwarematig aan de scène werden toegevoegd. Vermits de sidderalen in de tank van silicone waren moesten ook deze van de nodige electrische ladingen voorzien worden. De beestjes zelf werden met behulp van plexiglazen staafjes bewogen. Op de set had men deze verkozen boven ijzeren staafjes omdat men dacht dat ze zo quasi ondetecteerbaar zouden zijn op het grote scherm. De belichting op de set was echter van dien aard dat de staafjes juist heel goed zichtbaar werden zodat men voor het digitaal opkuisen ervan nog bijkomende software moest schrijven.

In de tweede creatiescène (waarin een metgezel voor het monster tot leven wordt (her)wekt) maakte men daarenboven veelvuldig gebruik van een steadicam wat het plaatsen van de vonken op de juiste plaatsen nog stukken moeilijker maakte.

Niet alles wat de Computer Film Company afleverde oogt op het eerste zicht spectaculair. Er zijn een aantal scènes waarin de effecten een belangrijke doch onzichtbare rol spelen. Zo zorgden ze ervoor dat de hoofdactrice zich tijdens de zelfverbrandingsscène zich geen zorgen hoefde te maken over verbrande wimpers. Een mechanische pop (animatronics pop in het jargon) voerde de stunt uit waarin het vrouwelijk monster zichzelf in brand steekt. Hiervoor werd het hoofd van de actrice voor een blue screen opgenomen en nadien op dat van de pop geplaatst (een effect dat ook in Jurassic Park en Forrest Gump gebruikt werd).

Ook de ontmoeting van Frankenstein met zijn creatie in Zwitserland is één grote illusie. De opnames gebeurden immers bij een meer nabij London, en wie zich nog iets van de lessen aardrijkskunde herinnert weet dat daar geen bergen zijn. Daarom werd een berg geknipt uit de picknick-scène en werd deze bij het meer geplaatst (een beetje zoals cut en paste in tekstverwerkers). De grootste uitdaging bestond er dan nog in om realistische reflectie in het water te krijgen. Hiervoor werd het beeld van de berg gespiegeld en op het water gelegd. Om de rimpeling van het het water ook in dat spiegelbeeld te krijgen werd tenslotte speciale software gebruikt die beelden kan vervormen.

Al bij al leverde CFC goed werk af dat niet zozeer opvalt door het spectaculair karakter ervan, maar wel door het onzichtbaar ondersteunen van het verhaal. De volgende digitale hoogstandjes van CFC zullen te zien zijn in Mary Reilly.

PLANEET CINEMA

Planeet Cinema is een online filmmagazine. We bekijken films zonder grenzen: oud of nieuw, populair of obscuur.

We geven graag nieuw schrijftalent de kans om online te publiceren.

Planeet Cinema beschikt over een uitgebreid archief van meer dan 6.000 artikelen sinds 1993.

 

HOME
RECENSIES
ACHTERGRONDEN
FESTIVALS
KLASSIEKERS

Twitter Facebook

 

THEMA

THEMA - UIT DE KUNST
Vrouw in een mannenwereld


Met de hulp van een historica draaide de Franse regisseur Bruno Nuytten in 1988 een biopic over een van Frankrijks meest bekende vrouwelijke kunstenaars uit de negentiende eeuw. De gelijknamige film vertelt haar tragische levensverhaal begeleid door de dramatische muziek voor hoofdzakelijk strijkers van componist Gabriel Yared.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
De beeldhouwer die niet wou schilderen


Quizvraagje voor bij de barbecue: wat hebben Mozes, Johannes de Doper, Marcus Antonius, Henry VIII, Michelangelo en God de Vader zelve gemeenschappelijk? Antwoord: ze werden allemaal op film vereeuwigd door Charlton Heston.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Het spanningsveld van de kunstenaar


Een kunstschilder die in de tweede helft van de negentiende eeuw in het zog van het impressionisme op de kunstscène verschijnt, is Auguste Renoir. Deze Fransman die ongeveer 6000 schilderijen maakte, is echter niet de enige kunstenaar die Gilles Bourdos met de film Renoir in de verf zet.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Genialiteit ondergedompeld in miserie


Quoth the raven: ‘nevermore’. Edgar Allan Poe schreef de beroemde dichtregel in 1845, en sindsdien heeft zijn raaf de populaire cultuur niet meer verlaten. Als zelfs The Simpsons je gedicht opnemen in hun Treehouse of Horrorreeks, weet je dat je het als dichter gemaakt hebt.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Pop-art tot de tiende macht


Thierry Guetta is een Fransman die in Los Angeles een tweedehands kledingzaak heeft. Via via ontmoet hij een street art-kunstenaar en hij – notoir allesfilmer – springt bij en filmt alles. Meer street art-kunstenaars laten zich filmen. Een idee voor een documentaire is geboren. Maar er is iets loos. Guetta zal niet rusten voor hij alle kunstenaars heeft gefilmd. Hij ontmoet er veel. Maar er ontbreekt er een: Banksy, die intussen wereldberoemd is geworden met zijn ironische street art.

>>>

THEMA - UIT DE KUNST
Wie is er bang van Alfred Hitchcock?


In 2012, meer dan 30 jaar na zijn dood, verschenen er plots twee films over het leven van Alfred Hitchcock. Het mag een wonder zijn dat het zolang geduurd heeft. Hitchcock was een mysterieus man en een gedroomd object voor een biopic.

>>>

UIT HET ARCHIEF

Paradiso
THE DOOR IN THE FLOOR
Het deurtje en wat erachter zit
>>>