Maar wat je ook van Jim Carrey mag beweren, de man weet een film te dragen. Hij heeft présence, hij is aanwezig en kan op zijn eentje de meest hilarische taferelen op het witte doek toveren. De actanten van de meest grappige scènes van de film zijn dan ook hijzelf en één of ander object: Carrey en pen, Carrey en wc, Carrey en sportzak. Hij worstelt én overwint. Dat de sterkte van zijn persoonlijkheid wellicht recht evenredig is met de grootte van zijn ego, zien we tijdens de outro van de film, tijdens de Jackie Chan-achtige bloopers. Jim Carrey De Grote heerst op een set, hij is het middelpunt. Hij freewheelt doorheen het script, hij jongleert, hij speelt, hij is the greatest star of all. En ach, hij mag dan wel zijn onhebbelijkheden hebben, alleen de grootste zuurpruim zal gedurende de hele film een lachsalvo kunnen onderdrukken.
In Liar Liar, geregisseerd door Tom Shadyac (Ace Ventura, The Nutty Professor), kruipt Carrey in de rol van de corrupte LA-advocaat Fletcher Reede. Door leugenachtige truuks in de rechtbank heeft hij het tot een bekend en veelbelovend advocaat geschopt. Privé gaat het hem minder goed af: hij is gescheiden van zijn mooie vrouw Audrey (Maure Tierney) en hoewel zijn zoontje Max (Justin Cooper, die een broertje van de Olsen-tweeling had kunnen zijn) zielsveel van hem houdt, slaagt Reede er nooit in zijn beloftes aan zijn zoontje te houden. Op zijn verjaardag wenst Max dat Reede voor één dag lang eens niet zou kunnen liegen. En ja: de wens komt uit.
Dat komt Reede niet al te best uit, want de volgende 24 uur zouden wel eens de belangrijkste van zijn leven kunnen zijn en zonder liegen komt hij die niet door. Zijn ex-vrouw staat op het punt met haar nieuw lief (de dweeb Jerry, rol van Cary Elwes) naar het verre Boston te vertrekken en in de rechtbank moet hij seksbom Samantha Cole (Jennifer Tilly) verdedigen, die de grote slag wil slaan door van haar steenrijke echtgenote te scheiden.
Die verschillende elementen zorgen voor een perfect evenwicht in de film: de hilariteit en absurditeit wordt afgewisseld met stroperig melodrama en na een klassieke over the top -finale, krijgt de film natuurlijk nog een morele staart van drie meter. Heerlijk!
Hoewel Carrey-haters het allemaal wel één pot nat zullen vinden, verlegt Jim Carrey in Liar Liar zijn grenzen: hij kneedt zijn mimiek in nieuwe posities, is energieker dan ooit en drijft de fysieke humor tot het uiterste. Liar Liar is dan ook zijn onemanshow en na de tegenvallende zwarte komedie The Cable Guy, geniet hij zichtbaar van zichzelf in anderhalf uur zelfverheerlijking. Tot spijt van wie het benijdt.