ALIEN 1-4: DE TIJDSCHRIFTEN

Weggegooide schatten

De Alien-reeks is voor uitgevers van tijdschriften een ware goudmijn. Niet alleen is de reeks wegens z'n visuele kracht ideaal om rijk geïllustreerde artikels te publiceren, maar door de grote en trouwe Alien-gemeenschap is men van een enorme afzet verzekerd.

Een verzamelaar kun je tot waanzin drijven door alleen al maar te vermelden dat je nu en dan filmtijdschriften weggooit, 'omdat je ze toch al gelezen hebt.' Duizenden potentiële collector's items verdwijnen zo van de aardbodem, waardoor de waarde van de overgebleven stukken natuurlijk de hoogte ingejaagd wordt. Alien-verzamelaars zullen het geweten hebben, want tijdschriften waarin nog maar de titel Alien in vermeld staat, zijn soms waanzinnig duur. Uit het enorme aanbod proberen we de beste nummers te filteren.

Cinefantastique is een genre-tijdschrift dat al meer dan 25 jaar alle Engelssprekende scienfiction-, horror- of fantasyliefhebbers in vervoering brengt. Ze zijn bekend voor hun uitgebreide specials, waarbij ze nu en dan wel eens tegen de schenen durven trappen. Maar jammer genoeg gaat het de laatste jaren nogal sterk bergaf. Je hebt nog steeds enorme specials, maar die concentreren zich meer en meer rond de succesvolle TV-reeksen Star Trek (alle mogelijke varianten) en The X-Files. Allemaal leuk en wel, ware het niet dat je dus om de zoveel maanden een nieuw overzicht van alle seizoenen van die reeksen onder ogen krijgt.

Maar gelukkig was het in 1979 nog allemaal koek en ei. Toen publiceerden ze in het eerste nummer van het negende volume een sublieme special over het maken van Alien. De talrijke interviews worden afgewisseld met unieke foto's van op de set. Giger komt natuurlijk aan bod, maar ook Bolaji Badejo, de man in het monster, kan zijn zegje doen. Heel uniek zijn ook de interviews met Roger Dicken, die de kleine aliens maakte en Carlo Rambaldi, de Italiaanse monstermaker, die het beroemde Alien-hoofd tot leven bracht. In dat opzicht zijn dan ook de tekeningen van het tongmechanisme en foto's van het met oogkassen (!) voorzien Alien-hoofd alleen al de moeite waard om dit kleinood aan te schaffen. Nog niet erg zeldzaam, maar toch al zo'n 600 BEF waard en hoe dan ook een must voor elke verzamelaar.

Over Aliens verscheen in Cinefantastique bitter weinig en dus ook geen special. Het was wachten tot Alien 3 (volume 22, nummer 6), en vergeleken met het Alien-nummer was dit een ware teleurstelling. Amper 14 bladzijden werden aan de film gewijd en vooral de negatieve aspecten van de productie kwamen aan bod. Giger mag nog maar eens zijn gal komen uitspuw en ook William Gibson, die zijn versie van het script in de prullenmand zag verdwijnen, wordt aan het woord gelaten. Een kleine teleurstelling dus. En ook voor Resurrection was de interesse blijkbaar niet zo groot. In het meest recente nummer (volume 29 nummer 8) staat ook wel een 'Making Of' special, maar het is nog slechts een schim van het originele Alien-nummer. En dat na het extra-dubbel nummer waarin maar liefst 90 bladzijden lang over Star Trek gepalaverd wordt. Pijnlijk en heel jammer.

Cinefantastique besteedde gelukkig ook heel wat aandacht aan het visueel genie H.R. Giger. In 1988 verscheen een special (volume 18 nummer 4) rond de man, waarin men terugblikte op Alien en men Gigers andere (vaak in het water gevallen) projecten kort vermeldde. Ook in het ter ziele gegane zustertijdschrift van Cinefantastique, Imagi-Movies, werd Giger uitgebreid geprezen (volume 1 nummer 3). Vooral zijn niet-gebruikt werk voor Alien 3 komt aan bod en dat levert enkele interessante foto's en tekeningen op. En de nodige gal natuurlijk.

Wie uitgebreid de effecten wil bestuderen, kan zich het beste de verschillende Cinefex-nummers aanschaffen die aan de reeks zijn gewijd. In het eerste nummer van het tijdschrift komt naast de eerste Star Trek-film Alien aan bod; nummer 27 is dan weer volledig gewijd aan Aliens; en nummer 50 heeft het dan weer een uitgebreid artikel over Alien 3. De artikels zijn zeer diepgaand en vereisen dan ook een zekere kennis van de terminologie, maar alleen al omwille van de schat aan foto's zijn het verplichte stukken. Jammer genoeg zijn de eerste twee nummers al lang uitverkocht. Hier en daar zijn ze nog te vinden, maar dan wel tegen waanzinnige prijzen (100 pond voor nummer 1 bijvoorbeeld). Gelukkig verscheen er dit jaar een verzamelboekje met daarin de drie Alien-artikels. Het enige nadeel (buiten het feit dat het geen echte verzamelwaarde heeft) is dat de foto's deze keer van een heel wat mindere kwaliteit zijn. Het lijkt alsof de originelen verloren zijn gegaan, en men (kleuren-)kopies heeft gebruikt. Maar voor 13 pond kun je dit echt niet laten liggen (zie het boeken-artikel voor de correcte gegevens). Of ook Resurrection uitgebreid aan bod zal komen in een toekomstig nummer was nog niet duidelijk.

Ook het Franstalig tijdschrift SFX heeft een aantal interessante nummers gewijd aan de effecten van de films. In nummer 4 wordt dieper ingegaan op Alien 3, terwijl het vijfde nummer een overzicht geeft van de effecten uit alle drie de films. Hiervoor werd wel teruggegrepen naar de originele Cinefex-artikels. Intussen is het tijdschrift zelfstandiger en volwassener geworden. Vermits Alien: Resurrection door een Fransman werd geregisseerd stonden ze natuurlijk te springen om over de film te schrijven, wat resulteerde in een interessante verzameling van interviews die verspreid over de november en decembernummers van dit jaar (52 en 53) verschenen.

Starlog is samen met Cinefantastique het belangrijkste genre-magazine van over de grote plas en ook zij hebben in de loop van de tijd heel wat papier besteed aan de reeks. Over Alien 3 en Alien: Resurrection werd en wordt heel wat afgeschreven, maar wie een echt collector's item wil, moet op zoek gaan naar nummer 23, met daarin een speciale preview van de eerste film. De alien zelf is natuurlijk nog nergens te bespeuren. In juni 1979 ging dit voor amper 1.95 dollar over de toonbank.

Ook Famous Monsters had het in een aantal nummers over de eerste film. Nummer 155 had een korte, met zwart-wit geïllustreerde preview (opnieuw zonder monster), terwijl nummer 156 iets dieper inging op de verschillende personages. Aan de tekst is echter duidelijk te zien dat de journalisten op dat ogenblik de film zelf nog niet gezien hadden, en voor hen bleef het dan ook gissen. Voor de matige foto's hoef je deze tijdschriften niet te kopen, maar de geschiedenis heeft uitgewezen dat ze wel degelijk veel geld waard zijn. De prijs wordt trouwens nog eens goed de hoogte ingejaagd door de aanwezigheid van het vervolg op die andere kleine sciencefictionfilm, Star Wars.

Starlog en andere uitgevers brengen met de regelmaat van de klok ook 'Official Movie Magazines' uit, die meestal ook meteen als collector's item de wereld in worden gestuurd. Het is meestal een verzameling van interviews, terwijl ook even het makingsproces van de film oppervlakkig wordt belicht. Het grote nadeel aan deze tijdschriften is dat ze meestal niet erg kritisch zijn. De inhoud is duidelijk langs de PR-mensen van de film gepasseerd en elke film lijkt dan ook een meesterwerk. Ook van Alien en Aliens bestaan dergelijke magazines. Zo heb je het Alien Movie Magazine (vreselijk duur en zelf hebben we het maar éénmaal te koop gezien), en het Aliens Movie Magazine UK en US (beiden ook zeer duur en zeer moeilijk te vinden).

Wie echt alles wil moet zeker ook de persmappen verzamelen. Ook heel leuk (en heel duur; 30 pond voor enkele bladzijden) is de Japanse brochure van Alien. Zoals we gewoon zijn van Japanse uitgaven boordevol beeldmateriaal, maar voor de rest natuurlijk totaal onleesbaar.

Cinescape, het Amerikaanse tijdschrift dat zo veelbelovend begon, maar gaandeweg z'n pluimen verloor, pakte reeds in december 1995 uit met een artikel over Alien: Resurrection. In datzelfde nummer blikten ze ook terug op Alien 3. Onlangs brachten ze ook Cinescape Presents Movie Aliens uit, een interessante verzameling artikels over en rond de reeks (zie het boekenartikel).

Over het algemeen is het opvallend hoe weinig informatie er te vinden is over Aliens. Enkel in trilogie-artikels gaat men dieper op de film in. Zo heb je The Dark Side van februari 1992. Giger komt natuurlijk terug aan bod, maar interessanter zijn die enkele foto's die we nog nergens anders waren tegengekomen. Ook redelijk uniek zijn de vele storyboards van Alien 3. Maar de echte reden om dit tijdschrift op te sporen, is het artikel over Aliens The Special Edition en het James Cameron interview (dat vooral over The Abyss en Terminator 2 handelt).

Over Alien 3 daarentegen is genoeg materiaal te vinden. Zo besteedde Empire een interessante artikelenreeks aan de film, net als het Franse tijdschrift l'Ecran Fantastique. De film werd wel geprezen omwille van de sfeervolle fotografie en daarover kunt u meer lezen in het vaktijdschrift American Cinematographer (juli 1992).

Naar aanleiding van Alien 3 verscheen ook een driedelige Movie Special bij Dark Horse Comics. Naast het stripverhaal zelf krijg je ook een kleine blik achter de schermen van de productie. Leuk dus als je je verzameling wilt vervolledigen, maar zeker niet diepgaand.

Facehugger is (of heel waarschijnlijk was) dan weer een magazine voor de rasechte freak. Goedkoop uitgegeven, maar wel door de echte, en voor de echte fans gemaakt. Hierin kreeg je de kans om bijvoorbeeld voor 150 pond een M41A Plse Rifle te bestellen, of een 90 cm hoge Alien Warrior (amper 140 pond) in huis te halen. Vooral nuttig dus om te weten wat er zo op de markt bestaat.

Het gros van bovenstaande tijdschriften is tegenwoordig enkel nog tegen exhuberante bedragen te verkrijgen. Wie zich hiertegen dus wil beschermen, kan dus maar best zo snel mogelijk naar de kiosk gaan om er nu reeds z'n voorraad Alien: Resurrection artikels in te slaan. Buiten de eerder vermelde tijdschriften (Starlog, Cinefantastique) vonden we nog een paar andere schatten.

Jeunet is dus een fransman, en we zullen het geweten hebben. In het novembernummer van Studio mag hij samen met Sigoruney Weaver uitgebreid zijn relaas doen, terwijl men ook even kort terugblikt op de eerste trilogie. Ook Mad Movies (nummer 110) wist heel wat interviews te versieren, en besteedt naast de effecten ook aandacht aan de buitengewone fotografie van Darius Khondji. Zestien bladzijden interessant leesvoer. Ook in de franse Première (december) mogen Jeunet, Weaver en Ryder komen opdraven. Alles goed voor zo'n twaalf bladzijden. De hoofdvogel wordt echter afgeschoten door het novembernummer van l'Ecran Fantastique. Maar liefst 29 bladzijden werden gewijd aan Resurrection. Van portretten, tot de voorgangers en rip-offs en de effecten. Een absolute must en als toetje krijg je er de Franse affiche van de film bovenop.

Het is algemeen geweten dat de Engelsen de beste filmtijdschriften op de markt brengen. Het onovertroffen Empire (december) bijvoorbeeld besteedt een elftal bladzijden aan de film en ook SFX (december) wist ons met een aantal interessante gesprekken te bekoren. Veel beknopter (en droger) is dan weer Sight and Sound (december), terwijl ook het eigenwijze Neon (december) slechts enkele pagina's aan het fenomeen wijdt.

Van over de grote plas bereikten ons Film Review (december) en Movieline (september). Met respectievelijk acht en elf bladzijden gerechtvaardigde aankopen. Wie onder de indruk was van het visueel aspect van de film, moet zeker American Cinematographer (december) kopen, het gerenomeerd vakblad van de Amerikaanse Directors of Photography. Voor leken echter vaak totaal onverstaanbaar en te technisch. Verder vermelden we graag nog SciFi Entertainment en natuurlijk de Amerikaanse Premiere. Dit laatste tijdschrift heeft in het december nummer een deel van het dagboek dat Sigourney Weaver tijdens de opnames van Alien Resurrection schreef, afgedrukt.

Voor de mensen die geen enkel probleem hebben met de Duitse taal gooien we er nog even Moviestar (december) tussen. Met acht bladzijden over Resurrection, negen over de trilogy en vier over Sigourney Weaver alleen al de moeite waard om het Duits wat bij te werken.

Als het even meezit koopt u dus nu een goudmijn aan. Maar als u dan weer een echte fan bent zult u het over enkele jaren dan toch weer niet over uw hart krijgen om uw schatten te verkopen. We kennen het gevoel.