TOMORROW NEVER DIES

Bond uit de bocht

Met de meest poëtische titel uit zijn geschiedenis en met nóg meer spektakel en actie, duikt Geheim Agent James Bond zijn achttiende filmavontuur in.

Sinds de nu 45-jarige Ier Pierce Brosnan het Bond-plunje overnam van Timothy Dalton, kreeg de doodbloedende saga nieuw leven ingeblazen. GoldenEye uit 1995 was wellicht de meest frisse film van de laatste Bond-jaren, en na het zien van Tomorrow Never Dies kunnen de fans op beide oren slapen: James Bond will return. Dat is voor een groot deel te danken aan de aanwezigheid van Pierce Brosnan, die op een perfecte manier zijn alterego op het witte doek weet neer te poten: met een mengeling van droge humor, atletisch vermogen en heldhaftige uitstraling.

In Tomorrow Never Dies krijgen we nu eens geen Russisch-Amerikaans conflict voorgeschoteld. Het thema is veel actueler: de inzet van alles zijn de kijkcijfers. Slechterik van dienst is Eliot Carver (Jonathan Pryce), een aan grootheidswaanzin leidende mediamogul, die een derde wereldoorlog wil ontketenen om zijn kijk- en leescijfers de hoogte in te sturen. Zijn mediakartel omvat kranten, tijdschriften, televisie en bestaat uit achtduizend journalisten in 132 landen. Slechts één land boycot Carvers informatie: China. Om de grootmacht een lesje te leren, laat hij uitschijnen dat China door Engeland aangevallen wordt. Op die manier hoopt hij W.O. III uit te lokken en zal hij op de eerste rij zitten om verslaggeving uit te brengen. Carvers boetade is dan ook dat slecht nieuws het beste nieuws is.

James Bond wordt (nadat hij in de typische Bond-proloog een andere taak feilloos tot een goed einde wist te brengen) met de opdracht belast Carver een halt toe te roepen. Hij krijgt daarbij de hulp van Wai Lin (voormalig Miss Maleisië Michelle Yeoh), een Chinese Geheim Agente. Een andere sleutelfiguur lijkt daarbij in eerste instantie Carvers vrouw (Terri Hatcher), een ex-liefje van Bond. Haar rol blijkt echter al snel uitgespeeld.

Regisseur van deze achttiende Bond-film is Roger Spottiswoode, de man van onder meer Under Fire, Air America en And the Band Played On. Hij regisseert enkele van de meest spectaculaire actiescènes uit Bonds geschiedenis en strooit luchtig in het rond met truukjes die hij als monteur van Sam Peckinpah leerde. Vaak gaat hij echter net iets over the top en lijkt het wel of je naar een opgeblazen versie van Die Hard zit te kijken. De wapens ratelen zonder weerga in het rond, de indrukwekkendse decors staan in lichterlaaie, terwijl Wai Lin tussendoor demonstreert hoe je het woord kungfu spelt: met rake klappen. Het is net allemaal iets teveel, iets te grotesk. Na een zoveelste ontploffing weten we ook wel dat er zestig miljoen dollar tegen deze film is aangesmeerd.

Veel leuker is het om te kijken hoe Bond met zijn bekend gebrek aan fijngevoeligheid gebruik maakt van zijn nieuwe gadgets en speeltjes. Dat zijn deze keer een BMW 750 die je vanop afstand kunt besturen (zijn Aston Martin staat nu al een tijdje op stal), een sigarettenaansteker waarin een granaat zit, een Ericsson GSM die zowel vingerafdrukken simuleert als elektrische schokken uitdeelt en het nieuwste model van Bonds handwapen, de Walther PKK. Uiteraard wordt één en ander hem uitgelegd door de legendarische Q (Desmond Llewelyn) en maken ook M (Judi Dench) en Miss Moneypenny (Samantha Bond) hun traditionele opwachtingen. De rol van M op het eind zet in de context van de film overigens tot nadenken aan.

In zijn achttiende avontuur slingert Bond dus op de rand, en dreigt hij af en toe uit de bocht te glijden. Het is ironisch dat een Bond met dit thema nu net het kind van zijn tijd is. Wat zou Bond immers zijn zonder zijn eigen schare blinde fans en zonder de aandacht van media en reclame?

Titel: Tomorrow Never Dies
Genre: Actie-spionage
Regisseur: Roger Spottiswoode
Acteurs: Pierce Brosnan, Jonathan Pryce, Michelle Yeoh, Teri Hatcher, Götz Otto, Judi Dench, Desmond Llewelyn, Samantha Bond, Joe Don Baker, Daphne Deckers