In den beginne was Premonition niet meer dan een rampenfilm met een meteoriet die richting aarde kwam. Tot screenwriter Jonathan Hensleigh op het idee kwam om het idee te koppelen met een stel ruige oil drillers. Regisseur Michael Bay was snel gewonnen voor het idee, en samen met top-producente Gale Ann Hurd (die later trouwde met Hensleigh) trokken ze naar Disney chairman Joe Roth die bijna onmiddellijk groen licht gaf en meteen ook voor de titel zorgde: Armageddon.
Eenmaal blockbuster-producent Jerry Bruckheimer (Top Gun, Con Air, The Rock, Crimson Tide) aan boord werd gehaald, begon de bal pas echt te rollen. Na Bruce Willis kwamen ook Billy Bob Thornton, Ben Affleck, Liv Tyler en Steve Buscemi op de loonlijst te staan. Een nogal vreemde cast (buiten Willis dan) als je er de respectievelijke filmografieën op naleest.
De grootste vangst zou echter NASA (National Aeronautics and Space Administration) worden. Bruckheimer had immers met Top Gun een goede relatie opgebouwd met het Department of Defense vermits hij met die film de luchtmacht in een goed daglicht had gesteld. Na enkele scriptaanpassingen gingen de deuren van het indrukwekkende Kennedy Space Center in Florida en het Johnson Space Center in Texas wagenwijd open.
De filmmakers kregen de unieke gelegenheid om twee space shuttle lanceringen van heel dichtbij te filmen. De eerste, in april 1997, was een lancering tijdens de dag, en was uiteindelijk een test voor de camerastandpunten en de filmsnelheden. De lancering zelf werd met een 15-tal camera's opgenomen, waarvan er een twaaftal waren geplaatst in de 3 mijl veiligheidszone van het lanceerplatform. Omdat men enkele dagen voor de lancering de veiligheidszone niet meer mag betreden, moesten speciale voorzorgen genomen worden tegen de enorme hitte en hoge vochtigheidsgraad in Florida. Om de camera's voor de lancering te activeren mochten de filmmakers uit veiligheidsoverwegingen ook hun eigen zendapparatuur niet gebruiken. Daarom werd een speciale code in het aftelmechanisme van de shuttle ingebouwd, zodat de camera's een beveiligd signaal van de NASA-controletoren kregen, zo'n 45 seconden voor de lancering. Tijdens de volledige productie werden trouwens zo'n 50 verschillende camera's gebruikt.
Zes weken later werd alles opnieuw opgesteld om een nachtlancering te filmen. De fx-firma's zouden dan in post-productie de hedendaagse shuttle met behulp van miniaturen door een modernere vervangen.
Ook bij de space shuttle zelf mocht gefilmd worden, maar wel pas nadat het NASA personeel zich ervan had vergewist dat de camera-kraan door een foute beweging geen vitale onderdelen van de pererdure (en vaak levensgevaarlijke) onderdelen zou kunnen beschadigen.
Op het lanceerplatform, waar de shuttle Endeavor klaar stond om gelanceerd te worden, waren de veiligheidmaatregelen mogelijk nog groter. Geen schroefje mocht achterblijven wegens het potentiele gevaar tijdens een lancering. Bruce Willis en Ben Affleck kregen zelf de kans om (onder toezicht) even te gluren in de shuttle. Ze waren trouwens ook de eerste twee gewone burgers die in NASA-ruimtepakken (kostprijs per stuk: twee miljoen dollar) in de gigantische (water)oefentank in het Johnson Space Center mochten springen.
Voor de film zelf werden speciale ruimtepakken ontworpen die echter zo zwaar waren dat Willis op een bepaald ogenblik weigerde uit zijn trailer te komen tot regisseur Michael Bay zelf in een dergelijk pak zou komen werken. Deze nam de uitdaging aan, en probeerde zelf de crew te imponeren door sportieve prestaties te levern in zijn pak. Al moest hij later toegeven dat dat wel verschrikkelijk lastig was...
Het prijskaartje van dit alles: zo'n 140 miljoen dollar.