GODZILLA

Vroeger en nu

De tijd dat een man in een plastic kostuum kroop en vreemde geluiden maakte, is al lang voorbij. Dat moest ook monsterovergrootvader Godzilla ondervinden. Het beest lijkt in geen lichtjaren meer op zijn origineel.

Toen Godzilla voor het eerst opdook uit de Tokyo Bay midden jaren vijftig, was de Amerikaanse bezetting van Japan net op zijn einde gekomen en waren de Verenigde Staten de H-bom aan het testen op de Marshall Islands. Bovendien was de monsterfilm, aangevoerd door King Kong (1933) en The Beast From 20.000 Fathoms (1953), groot nieuws aan de kassa. Japan kon niet achterblijven en dus creëerden de Toho-studio's een reuzenmonster, een mutant gevormd door nucleaire testen, dat steden verwoestte door zijn adem van vuur, net zoals de Enola Gay deed over Hiroshima. De film was zo'n groot succes op Japanse bodem, dat de Amerikaanse versie - Godzilla: King of the Monsters - in 1956 volgde. Het verhaal werd aangepast aan de westerse markt en kreeg ook een Amerikaanse ster, Raymond (Ironside) Burr.

De toeloop was ook daar zo groot dat het meteen weer naar Japan werd overgevoerd. Er volgden nog 22 andere films en bijna allemaal werden ze in Amerika verspreid. Godzilla werd in een mum van tijd een cultfenomeen en kreeg steeds gevaarlijker tegenstanders waaronder King Ghidora, een driehoofdige draakachtige; Mothra, een vrouwelijke motachtige en Rhodan, een vliegende mutant van een préhistorisch reptiel. Enkel in de jaren zeventig deed Godzilla het wat minder en dus werd de filmproductie voor zeven jaar stilgelegd. De verkoop van gadgets, video's en Godzilla-stripboeken was daarentegen nog steeds hoog. En in 1984 besloot Toho, naar aanleiding van het dertig-jarig bestaan van het monster, hem weer nieuw leven in te blazen. Het was dan ook sterk voorspelbaar dat de Hollywoodversie vroeg of laat op de markt zou komen. 'Godzilla was één van de laatste concepten van de jaren vijftig dat nog nooit in een moderne vorm was gegoten. Waarom het niet moderniseren ?' aldus Roland Emmerich, regisseur van de nieuwe Godzilla-film, ergens in één van de vele intervieuwen die hij recentelijk achter de rug heeft.

Emmerichs Godzilla is op velerlei vlakken anders dan zijn voorgangers. De Toho-films die tussen 1954 en 1995 zijn gemaakt, zijn immers vooral geliefd om hun onhandige effecten (man in kostuum), dit in tegenstelling tot de speciale effecten van vandaag. Devlin zegt hierover: 'We hebben het beest recht-toe-recht-aan gemaakt, helemaal niet kitsch, nostalgisch, camp en Burton-esque.' Emmerich was oorspronkelijk zelfs niet geïnteresseerd in deze camp - de reden waarom de producers ook mensen als Jan De Bont aanklampten - maar hapte nadien wel toe toen hij op het idee kwam Inoshiro Honda's origineel te herwerken. 'Het is een fantastische film,' zegt Emmerich. 'Het is angstaanjagend, er is een wetenschapper die uitdoktert hoe hij het monster kan doden, er is de liefdesaffaire, al deze dingen die mensen al lang vergeten zijn. En als ze de technologie van vandaag hadden, had het monster er ook helemaal anders uitgezien.'

Emmerich en producer Dean Devlin kregen aanvankelijk echter niet de vrijheid om hun zin door te drijven. Als gevolg van dit grote succes en de Amerikaanse versies stelden de Toho- studio's een 75-pagina's dik compendium op met regels waar de imiteerders zich aan moesten houden: Godzilla heeft drie tenen aan elke voet, geen vier ; Godzilla moet vier klauwen hebben aan iedere hand, geen drie; Godzilla heeft drie rijen kammen op zijn rug, niet één; Godzilla eet vis, geen mensen; Godzilla mag er niet onnozel uitzien; Godzilla mag niet sterven. Dit boek werd overhandigd aan Devlin en Emmerich vanaf het moment dat de twee tekenden om de film te maken. 'We waren verplicht het te lezen alvorens we het script schreven,' aldus Devlin. De regels waren vooral van belang voor Patrick Tatopoulos, maker van de buitenaardsen in Independence Day, en aangeworven om Godzilla in een moderner kostuum te steken. En dus faxte Emmerich de parameters van de studio door naar Tatopoulos. Alleen, deze heeft de fax nooit ontvangen en dus brak zijn versie van Godzilla met ongeveer elke regel opgesteld door Toho.

Devlin en Emmerich kregen uiteindelijk toch gelijk. 'Ik zei tegen die Japanse kerels dat het grootste verschil zou zijn dat het dier lenig is omdat het ook snel moet zijn. Ik zei hen ook: Mannen, ofwel doen we het op deze manier, ofwel doen we het helemaal niet,' aldus Emmerich. Dat argument had enige waarde omdat Toho de Japanse distributeur was van Devlins en Emmerichs Independece Day. En dus lijkt deze Godzilla helemaal niet op zijn soortgenoot. Zo is het zoogdierachtige van de Japanse film - Gojira is een amalgaam van kujira (walvis) en gorira (gorilla) - verdwenen en heeft het plaatsgemaakt voor het voorhoofd van een krokodil, de aanstellerij van een iguaan, het kruipen van een T-rex en een draakachtige kin in plaats van een vaderlijke adamsappel. 'We creëerden een dier, geen monster,' aldus Tatopoulos. Het enige dat echt bleef behouden is de originele Godzilla-brul en dan enkel uit praktische overwegingen. Toen een heel studioteam het geluid niet bleek te kunnen reproduceren werd dus gewoon geopteerd voor het origineel.

Deze aanpassingen waren volgens de Toho-studio's ook mogelijk omdat Godzilla al een hele traditie heeft wat veranderingen betreft. Godzilla zag er met elke film anders uit. Zijn ogen stonden bijvoorbeeld aan de zijkant van het hoofd, verplaatsten daarna naar het voorste gedeelte en staan voor deze film opnieuw opzij. De wilde en ontembare Godzilla uit 1954 is fysisch ook verschillend van het relatief goedaardige monster dat slag voert met het driehoofdige monster Ghidorah in Destroy All Monsters (1968) van de té grote Japanse nationalist die de Amerikaanse King Kong naar het leven staat in King Kong Versus Godzilla (1963) en van de gezonde milieudeskundige die op de vuist gaat met een hoop sneeuwmodder in Godzilla vs. The Smog Monster (1972).

De grootste mutatie van het Godzilla-fenomeen is tegenwoordig echter in de winkels te vinden. Daar neemt hij de vorm aan van wekkers, tandenborstels en zelfs toilet-rol houders. En wie zelf eens in de huid van Godzilla wil kruipen kan dat door middel van de Godzilla- pyjama (inclusief hoofd). Emmerich: 'Ik vraag me soms af waarom mensen Godzilla zo serieus nemen.' Tsja.