De 25e editie staat, en zo hoort het ook, bol van verschillende randactiviteiten, maar natuurlijk pakt het festival ook dit jaar uit met een stevig programma onderverdeeld in drie grote lijnen: de officiële selectie, het filmspectrum en het geheugen van de film.
Zoals altijd wordt de officiële selectie op haar beurt nog eens opgesplitst. Zo zijn er de films in competitie en de films buiten competitie. Terwijl het eigenlijke filmfestival al start op dinsdag zes oktober, gaat de competitie pas van start op vrijdag negen oktober en wel met Rosie, het regiedebuut van de Belgische Patrice Toye. Hoewel nog bijna niemand de film gezien heeft, wordt dit zonder twijfel één van de toppers op het festival. De film is ondertussen niet alleen geselecteerd voor Gent, maar kreeg ook uitnodigingen uit alle hoeken van de wereld. Als er daarom al iemand veel kans maakt op de Gulden of Zilveren Spoor Prijs, de twee belangrijkste prijzen op het festival, is het Rosie wel.
Als er echter al sprake is van concurrentie dan komt die wel uit heel onverwachte hoek, want ook The Truman Show, de nieuwe Jim Carrey, loopt in competitie. Net toen we dachten dat het smoelwerk van Carrey een historisch dieptepunt had bereikt met irritante komedies als The Cable Guy en Liar Liar, pakt hij uit met een, al zeggen wij het in alle bescheidenheid zelf, klein meesterwerkje. De man aan wie we dit te danken hebben is de Australische regisseur Peter Weir. Andere opvallende competitiefilms zijn Afterglow van Alan Rudolph (Mrs. Parker and the Vicious Circle), Claire Dolan van Lodge Kerrigan (Clean Shaven) en het Japanse Lost Paradise van Morita Yoshimitsu.
Het festival heeft voor de jubileumeditie een indrukwekkende - ere wie ere toekomt - jury bijeengesprokkeld. Op een kleine Belg, Stijn Coninx, en een grote Nederlander, Huub Stapel, na, bulkt de jury van grote namen. Het Verenigd Koninkrijk is nog het best vertegenwoordigd met de knappe Julia Ormond, die net de opnames van The Barber of Siberia van Nikita Mikhalkov heeft beëindigd, voorop. Naast Ormond zetelen ook de Britse componist Edward Shearmur (The Wings of the Dove) en regisseur Christopher Hampton (Carrington) in de jury. Van een ander kaliber, maar daarom niet minder interessant, zijn de Oostenrijkse regisseur Michael Haneke (Funny Games) en de Canadese regisseur Andre Forcier. Producer Lawrence Truman (The Graduate) en scenario-autoriteit Syd Field sluiten het rijtje af.
Altijd iets interessanter zijn de films buiten competitie. Zo zal blijken uit films als The General van John Boorman, Black Cat White Cat van Emir Kusturica, Dr. Akagi van Shohei Imamura en de twee prijsbeesten Festen van Thomas Vinterberg en Eternity and a Day van Theo Angelopoulos. Opvallend zijn ook de twee openingsfilms van het festival: Antz en Hilary and Jackie. Antz, de vooropener, is een computergeanimeerde mierenfilm met stemmen van Woody Allen, Sharon stone, Gene Hackman en Sylvester Stallone. Het wordt dit jaar overigens een genre op zich, want ook Disney legt de laatste hand aan een soortgelijk project. Hilary and Jackie, de echte openingsfilm, is een eerder bescheiden film van debuterend regisseur Arnand Tucker. De prent doet in veel opzichten denken aan Shine, die het festival twee jaar geleden opende en later een schot in de roos bleek te zijn.
Andere aanraders zijn de slotfilm Mulan van Walt Disney, de wereldpremière van American Cuisine van Jean-Yves Pitoun, Elisabeth van Shekhar Kapur, The Horse Wisperer van Robert Redford, Kleine Teun van Alex Van Warmerdam, Les Miseberables van Bille August, en de nu al beruchte documentaire: La vita e bella van Roberto Benigni - herinner u wat er gebeurde met Martin Scorsese toen Benigni zijn prijs in ontvangst kwam nemen op het jongste filmfestival van Cannes - en Out of Sight, de nieuwe van Steven Soderbergh met George Clooney en Jeniffer Lopez.
Ook het filmspectrum biedt opnieuw een waaier aan interessante mogelijke toekomstige releases. Of wat te denken van Affliction van Paul Schrader (American Gigolo) en In The Presence of a Clown van Ingmar Bergman. In dezelfde sectie lopen verder ook enkele interessante documentaires met het dubbele programma Eisenstein: The Master's House en Billy Wilder: The Human Comedy voorop.
Op het festival worden dit jaar eveneens, naast Rosie weliswaar, zes nieuwe Belgische films voorgesteld, waarvan Fermeture de l'usine a Vilvoorde van Jan Bucquoy ongetwijfeld het meest in het oog springt. Net als vier andere films heeft ook dit derde luik van La vie sexuelle des Belges nog geen verdeler gevonden en zou best wel eens kunnen dat de vertoningen op het festival de enige kans zijn voor het publiek om de films te zien. Enige uitzondering op de regel is Pieces d'identites van Mweze Ngangura met onder andere Herbert Flack. Het gaat goed met de cinema in België.
Tot slot is er ook nog het geheugen van de film met een (alweer) uitstekende selectie klassiekers: The Beast of War van Kevin Reynolds, Dodes'kaden van Akira Kurosawa, Eraserhead van David Lynch, La chute de la maison Usher van Jean Epstein, enzovoort. Bijna zouden we daarbij nog vergeten vermelden dat er ook hommages lopen van Alain Resnais, Robert Wise en Shohei Imamura. Zowel Resnais, Wise en Imamura hebben hun komst naar het festival al bevestigd. Net als Nick Nolte, Emir Kusturica, John Parish, Alan Rudolph en Peter Ustinov.