Gus Van Sant stapt in de schoenen van de ongeëvenaarde meester van de suspens, Alfred Hitchcock. Een beslissing waar we ons vragen bij stellen. Immers, het vraagt toch geen groot talent om een ander zijn ideeën slaafs te dupliceren? Wat is uiteindelijk de inbreng van Van Sant in deze film? Of om een andere veel gehoorde vraag te stellen: wat is überhaupt het nut van een dergelijk project? Uniek, ongetwijfeld; interessant, zeker en vast. Maar nodig? Waar ligt de meerwaarde? In de kleuren? De effectiviteit van het origineel is voor een aanzienlijk deel een product van de zwart-witte natuur ervan. In Anne Heche en Vince Vaughn? Uitgesloten: dergelijke platte, zielloze vertolkingen kunnen met de beste wil van de wereld niet concurreren met de herinnering aan Janet Leigh en de onvergetelijke Anthony Perkins. De fans kunnen dus op beide oren slapen: hun troetelfilm blijft onkreukbaar, blijft de ultieme slasher, blijft de seminale oer-klassieker. Eens dat is opgeklaard wordt de prent meer toegankelijk voor objectieve kritiek.
Psycho is uiteindelijk best een geslaagde prent. Met een scenario als dat van Joseph Stefano kan dat ook niet anders, het maakt niet uit hoe zoutloos de acteurs hun regeltjes eruit kramen. Het tempo is misschien dat tikkeltjke te langzaam geworden voor het hedendaagse publiek, en de gore misschien ietwat te braaf, maar Stefano's script is nog steeds zo effectief als het was in 1960: ontdaan van alle overdadige vet tot op de bare bones: dit is het verhaal van een gestoorde jongeman, zonder meer. Dialogen, subplots en verklaringen blijven beperkt tot een absoluut minimum; het is resultaat is een griezelverhaal van een ongekende zuiverheid. Vel over been, maar dan in de best mogelijke zin van het woord.
Er zijn een aantal minuscule verschillen ten opzicht van het origineel (hoewel dat voor de puristen ongetwijfeld voldoende is om van heiligschennis te spreken). Zo opent de film met een helicopter-shot tot in de hotelkamer van Marion Crane. Een opname die ol' Hitch wel had gepland maar die technisch niet haalbaar bleek. Voorts zien we de regisseur in zijn eigen cameo, in gesprek met een Hitchcock-lookalike, en het personage Norman Bates wordt iets perverter voorgesteld (zo masturbeert hij terwijl hij Marion beloert in de douche). Het zijn uiteindelijk onooglijke en evenzeer onnodige details. Beide films zijn voor 99 procent identiek aan elkaar.
Bijgevolg weet je op elk moment wat het verhaal in petto heeft - het verrassingseffect is weg, behalve voor de arme zielen die het origineel nooit zagen. En wat aan passie onbreekt in de vertolkingen van Anne Heche en Vince Vaughn wordt ruimschoots goedgemaakt door de erg genietbare bijrollen van Julianne Moore (als Lila Crane) en vooral William H. Macy (als Milton Arbogast). Macy maakt er al enkele jaren een hobby van om via bijrollen het doek te stelen van de zogenaamd grote sterren, die er vaak hulpeloos bijstaan. Fargo, Boogie Nights en binnenkort A Civil Action; Psycho is hier misschien nog het meest prominente voorbeeld van. Dat iemand deze man eens een oscar geeft.
Genre: Horror-thriller
Speelduur: 1u49
Regisseur: Gus Van Sant
Acteurs: Anne Heche, Vince Vaughn, William H. Macy, Julianne Moore, Viggo Mortensen, Robert Forster, Rita Wilson, James Remar