Toen het revolutionaire Toy Story onze harten veroverde, was dat niet omwille van de technologische doorbraken of het gegoochel met termen die enkel door techneuten kunnen begrepen worden. Regisseur John Lasseter en zijn Pixar-team hadden immers het lumineuze en anarchistische idee om als fundering voor hun gewaagde onderneming een hartverwarmend verhaal te gebruiken. En daarmee hadden ze ons dus liggen. Met de computer als een hulpmiddel, als een digitaal potlood, en niet als een mokerhamer om er de emoties in te kloppen. Of om een zwak scenario te verbergen.
De digitale opvolger A Bug's Life kwam er echter niet zonder problemen. Aartsrivaal Jeffrey Katzenberg van DreamWorks SKG zette immers Disney (die de films van Pixar verdeelt) een ferme hak door een gelijkaardig CGI-project aan Pacific Data Images (PDI) toe te vertrouwen: Antz. Katzenberg draaide het mes nog even in de wonde door totaal onverwacht de releasedatum van Antz een aantal maanden naar voor te schuiven en zo de film een achttal weken voor A Bug's Life in de bioscoop te laten verschijnen. Maar uiteindelijk heeft dit blijkbaar toch geen enkele invloed gehad op de prestaties van de film aan de box-office. Nu al staat de film in de top vijf van de meest opbrengende animatiefilms.
Net zoals in Antz bevinden we ons in een mierenkolonie. Wanneer Flik, het klunzig/geniale buitenbeentje van de kolonie, per ongeluk de met veel moeite samengesprokkelde voedseltol voor de jaarlijks weerkerende sprinkhanen vernietigt, probeert hij een blijvende oplossing voor het probleem te vinden. Hij biedt zichzelf aan om op zoek te gaan naar krijger-insecten die het op zullen moeten nemen tegen de meedogenloze sprinkhanen onder leiding van Hopper. Wanneer hij echter (onbewust) met een troep circusinsecten terugkomt lijkt het lot van de kolonie bezegeld.
We zijn vier jaar verder, en dat zullen we geweten hebben. A Bug's Life is immers een streling voor het oog geworden, stukken complexer dan Toy Story, een heel stuk kleurvoller ook. En net als bij Toy Story is het een regelrechte familiefilm geworden. En dat is misschien ook wel het grootste verschil met Antz. Die richtte zich toch wel meer tot een volwassener publiek met z'n neurotische Woody Allen in de rol van Z.
In tegenstelling tot Antz is men voor A Bug's Life de stemmen niet gaan zoeken bij de allergrootste filmsterren. Een groot voordeel trouwens, omdat je veel minder afgeleid wordt dan bij pakweg een vechtmier met de heel herkenbare stembare stem van Sylvester Stallone.
A Bug's Life zal natuurlijk met Toy Story vergeleken worden en op technisch en visueel vlak wint A Bug's Life het met enkele lengtes voorsprong. Maar jammer genoeg blijft Toy Story nog steeds de enige computergegenereerde film die even onze ziel wist te beroeren. En daar kunnen zelfs geen duizend mieren iets aan veranderen.
Tip van de week: we weten het uit ervaring: mensen kunnen na het laatste geprojecteerde beeld om de een of andere duistere reden vaak niet snel genoeg de zaal verlaten. In het geval van A Bug's Life raden we u ten sterkste aan om toch nog even te blijven wachten tot na de hilarische aftiteling. Geen enkel excuus zal aanvaard worden.
Genre: Animatiefilm
Regie: John Lasseter en Andrew Stanton
Speelduur: 1u36
Stemmen: Dave Foley, Kevin Spacey, Julia Louis-Dreyfus, Denis Leary