Het levensverhaal van Clive Barker: een Amerikaanse droom omgeven door Britse mist. Midden jaren tachtig probeerde de in Liverpool geboren schrijver aan de kost te komen met enkele fantastische toneelstukken, die hij voor Londense randtoneelgezelschappen bij elkaar pende. Zo knutselde hij Frankenstein in Love, The History of the Devil, Subtle Bodies en The Secret Life of Cartoons in elkaar. Om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen, combineerde hij het schrijven met een job als illustrator voor de Omni en American Film.
Clive Barkers niet erg succesvolle carrière kwam in een stroomversnelling na het lezen van Dark Forces, een bundel horrorverhalen, samengesteld door Kirby McCauley, de toenmalige literaire agent van Stephen King. Barker ontdekte een gat in de markt en begon als een bezetene te schrijven aan wat zou uitgroeien tot zes volumes Books of Blood (1985/1986). Stephen King zelf orakelde in Publishers Weekly: 'Ik heb de toekomst van de horror gezien en zijn naam is Clive Barker.' De meester had zich niet vergist. Na een week bereikte Barkers eerste roman, The Damnation Game (1985) immers al de eerste plaats in de New York Times best-seller lijst. Hij verdiende meteen een plaats in de galerie der illustere grootheden uit de horrorliteratuur en ontwikkelde zijn heel eigen stijl: stoutmoedig, zonder terughoudendheid, altijd direct. Wie nog maar alleen de bloedstollende preface tot de Books of Blood gelezen heeft, weet wat hem te wachten staat: veel bloed, veel geweld, veel seks. Niet iets wat je van een licentiaat in de Engelse Literatuur en Filosofie zou verwachten.
In 1987 schreef Barker een opvallende fantasy-roman, Weaveworld, over tovenaars die een geheime wereld verborgen houden in geweven tapijten. Recensenten vergeleken het boek meerdere malen met enkele werken van de grote J.R.R. Tolkien. Weaveworld werd overigens zelf door Barker geïllustreerd, net als de hardcoverversie van de Books of Blood. Vanaf 1985 profileerde Barker zich ook als scenarioschrijver. Hij vormde zijn kort verhaal Underworld om tot een langspeelfilm en twee jaar later deed hij hetzelfde met RawHeadRex. In 1987 kroop hij voor een eerste keer zelf achter de camera's voor de regie van Hellraiser. Barker verkocht de rechten van zijn Pinhead-figuur (gebaseerd op het verhaal The Hellbound Heart) voor één miljoen dollar. Tony Randel en Anthony Hickox breidden twee sequels (1988 en 1992) aan het origineel.
Maar Barker had genoeg om handen. In 1988 schreef hij Cabal, een jaar later The Great and Secret Show. Cabal verfilmde hij in 1990 als Nightbreed, met een indrukwekkende David Cronenberg als sinistere psychiater. 1992 was weer een druk jaar voor Barker. Naast het derde Hellraiser-deel, produceerde hij ook Candyman, een adaptatie van zijn kort verhaal The Forbidden. Hij schreef en illustreerde ook zijn eerste boek voor kinderen, The Thief of Always. Van dat boek wordt momenteel door Paramount Pictures en Kennedy/Marshall een animatiefilm gemaakt. In Europa wacht men ook nog altijd op Hellraiser IV.
Barkers derde regie-film heet dus Lord Of Illusions en is gebaseerd op het korte verhaal The Last Illusion, een onderdeel van het zesde boek van bloed, en voert de omineuze privé-detective Harry d'Amour (een rol van Scott Bakula) ten tonele. In tegenstelling tot bijvoorbeeld kluizenaar Stephen King, verschijnt Barker nog geregeld op festivals, persconferenties en publieke ontmoetingen. In de gezellige bar van de Brusselse Passage 44 boeide hij het talrijk opgekomen publiek ruim anderhalf uur. Barker is een opvallend rustig man, welbespraakt en altijd vriendelijk; een figuur die woord en beeld op een bijzondere manier weet te verenigen. Volgens Barker is het verschil tussen schrijven en filmen dan ook simpel. Een film maken is een orgie en schrijven is soloseks. En hij heeft beiden nodig.
MOVIE: U hebt heel veel korte verhalen geschreven. Waarom hebt u er voor gekozen dit te verfilmen?
CLIVE BARKER: Ik heb dit verhaal gekozen, omdat de figuur van Harry d'Amour mogelijkheden bood om de held uit te werken. De voorbije jaren werd de horrorfilm overheerst door de schurk (Freddy, Pinhead, Candyman). Ik vond het boeiend een film te maken waar het interessant was om de held te volgen in plaats van de schurk. Als je een Nightmare On Elmstreet-film gezien hebt, kan niemand zich de naam van de persoon herinneren die Freddy Kruger tenslotte wist te overwinnen. Wat je je herinnert is wat Kruger deed. Ik wou eens een andere soort horrorfilm maken.
MOVIE: Wat is voor u het verschil tussen regisseren en schrijven?
CLIVE BARKER: Ik schrijf heel georganizeerd. Ik begin elke ochtend om half negen. Ik schrijf met pen en papier, want ik heb geen computer of typemachine. Ik heb nu pas een nieuw boek af, Sacraments, waar ik een jaar aan gewerkt heb. Dat was schrijven in een vacuum, ik laat nooit iets lezen tijdens het schrijven. Ik weet dus nooit of de anderen het goed of slecht vinden. Ik hoop natuurlijk dat het goed is. Het verschil is, dat films door verschillende mensen gemaakt worden. Schrijven is voor mij meer een intern proces. Als ik maar één ding mocht doen, dan zou ik zeker schrijven.
MOVIE: U zegt dat u in een soort vacuum schrijft. Is er dan niemand die u kritiek geeft?
CLIVE BARKER: Ja, toch wel. Eens het boek af is zijn er enorm veel mensen die kritiek geven. Mijn uitgevers in Engeland en Amerika bijvoorbeeld. Soms ben ik het natuurlijk oneens met hun opmerkingen, maar soms hou ik er ook rekening mee. Maar tijdens het schrijfproces zelf wil ik niet dat iemand zich ermee bemoeit. Ik wil mijn werk niet teveel analyseren tijdens het schrijven. Pas achteraf zal ik opmerkingen in overweging nemen.
MOVIE: Bekritiseert u zichzelf?
CLIVE BARKER: Oh ja, ik haat wat ik schrijf. Ik ken geen enkele auteur die wat hij schrijft ook werkelijk goed vindt. Ik probeer mijn eigen boeken niet zelf te lezen. Ik kijk ook niet graag terug naar de dingen die ik vroeger schreef. Je denkt dan automatisch dat je het nu veel beter had kunnen doen; dat geldt trouwens voor elke kunstenaar. Ook voor mijn films en schilderijen. Als je kunt zeggen het perfecte kunstwerk gemaakt te hebben dan is, denk ik, het moment daar om ermee te stoppen.
MOVIE: In uw werk gebruikt u bijna steeds de metaforen van hemel en hel. Waarom?
CLIVE BARKER: k denk dat fantasy-boeken één van de weinige plaatsen is waar we nog het vocabularium van hemel en hel kunnen gebruiken, van goed van kwaad dus. Dat vind ik zeer interessant. Boeken zoals Weaveworld gaan er bijvoorbeeld over wat het Paradijs eigenlijk is. Lord Of Illusions laat dan weer zien wat de Hel zou kunnen zijn. In de twaalf jaar dat ik nu schrijf zijn mijn ideeën daarover natuurlijk ook veranderd. Pinhead is nu alweer tien jaar oud en hij gaat maar verder, sequel na sequel, maar ik denk dat ik hem nu niet meer zou creëren. Hij behoort tot het verleden. Mijn nieuw boek, Sacraments, zou ik dan weer vroeger niet hebben kunnen schrijven. Je verandert als je ouder wordt.
MOVIE: Denkt u dat de films u beroemd hebben gemaakt? Er zijn veel mensen die u alleen daarvan kennen, terwijl ze uw boeken niet of nauwelijks lezen.
CLIVE BARKER: Je hebt gelijk. Mijn boeken bereiken een veel beperkter publiek, terwijl, vooral in Amerika, mensen mijn films zien, maar nooit een boekhandel binnengaan. In Amerika heeft het gemiddelde gezin slechts twee boeken: de Bijbel en een roman van Stephen King. We leven nu eenmaal in een wereld waarin niet veel meer gelezen wordt. Ik noem lezers co-auteurs, want ze maken het boek mee. In een film word je veel meer een bepaald beeld opgelegd. Iedereen die bijvoorbeeld Imajica leest, zal zich een ander Imajica voorstellen, want iedereen zit verschillend in elkaar.
MOVIE: In uw films hebt u het altijd over vlees. Wat is uw connectie met het vlees?
CLIVE BARKER: Wilt u een ernstig antwoord hierop? (lacht) Goed, het grote probleem van de mens is vlees. Het onderwerp van het vlees is er één van de katholieke kerk, van boeken, van films,... Het is een bestanddeel van ons dagelijkse leven. We hebben er voortdurend mee te maken. Het moet gevoed worden, heeft nood aan slaap, enzovoort, enzovoort. In feite is onze geest ondergeschikt aan iets veel primitiever, hetgeen ons lichaam is. En als we plezier beleven aan ons lichaam is alles oké, maar als we ons snijden of ons slecht voelen 's morgens, wordt het een probleem. Ik spreek hier als 43-jarige, waar het lichaam stilaan een probleem begint te worden. Het gebeurt gewoon. Er is een voortdurende strijd tussen onze geest en lichaam. Dat is interessant.
MOVIE: Wie is uw favoriete auteur?
CLIVE BARKER: Ik heb er verschillende. Ray Bradbury, Edgar Allan Poe, Herman Melville (Moby Dick is mijn favoriete roman). Maar ik heb ook vele andere invloeden. Door schilderijen bijvoorbeeld. James Ensor (Vlaams impressionist, vooral bekend om zijn werk met maskers en geraamten, nvdr) vind ik een fantastische schilder, hij heeft een enorme impact gehad op wie ik ben. Goya-schilderijen hebben mij ook beïvloed, William Blake ook (Goya was een veelzijdig Spaans schilder uit de 18e eeuw, nvdr). In onze film-wereld kijken we jammergenoeg te weinig naar schilderijen. Het is belangrijk dat we onze horizon niet beperken tot boeken of film alleen. Dat zou gevaarlijk zijn.
MOVIE: U schrijft ook voor kinderen.
CLIVE BARKER: Het is enorm belangrijk om tot kinderen te spreken via boeken. Ik heb zelf geen kinderen, maar het idee dat mijn kinderen zouden grootgebracht worden met de Mighty Morphin Power Rangers of Pocahontas vind ik walgelijk. Kinderen hebben een enorme fantasie. Het is niet goed als je door middel van film of televisie probeert die fantasie in hun plaats in te vullen. Dat moeten ze zelf doen. Ik geloof dat onze verbeelding een deel is van onze ontwikkeling als mens. Er is niks erger dan families die uit Disneyland komen en zeggen dat ze zopas een zeer verbeeldingsrijke ervaring hadden. Maar daar gaat verbeelding helemaal niet over! Verbeelding is geen man in een muis-pak. Daar maak ik me echt zorgen om. Kinderen moeten naar hun eigen verbeelding gaan. En ik probeer ze via mijn boeken daar mee te helpen.
MOVIE: Stephen King noemde u ooit de toekomst van de horror. Wat is uw mening over zijn werk?
CLIVE BARKER: Ik denk dat Steve de laatste tijd echt een slechte tijd heeft meegemaakt op het gebied van film. Ik vind zijn boeken veel, veel beter dan de films die ervan gemaakt werden. Er zijn natuurlijk uitzonderingen, zoals Carrie, waar ik een enorme fan van ben. Ook het eerste deel van The Stand was zeer goed. King veranderde de manier waarop mensen naar horrorfictie kijken compleet. Ik zou hier niet zitten als Stephen King er niet was geweest. Het verschil tussen hem en mij is dat hij een veel conservatievere opvatting heeft over hoe de wereld werkt en in elkaar zit. Steve vertelt verhalen waarin een status-quo bedreigd wordt door iets van buitenaf en waarbij dat ding uiteindelijk vernietigd wordt. Dat soort verhalen vertel ik niet. Volgens mij maakt het monster deel van ons uit, zit het in ons en moeten we het proberen te begrijpen. Er is geen scherpe lijn tussen goed en kwaad. Ik vertel vrij bizarre dingen en het verbaast me hoeveel mensen die verhalen willen horen en zien. Ik ben ze dankbaar dat ze ook een ander soort horror willen dan datgene wat Stephen King schrijft.
MOVIE: Boeken zoals Hellbound en Cabal verschillen duidelijk van boeken als Weaveworld en Imajica, waar een heel andere wereld opengaat. Hoe rijmt u deze twee verschillende werelden?
CLIVE BARKER: Wel, het zijn beide horrorboeken. Diep in mijn hart zou ik het liefst schrijven over onbekende plaatsen. Mijn favoriete boek is dan ook Imajica, omdat ik het daar heb aangedurfd om de reis te maken, een enorme reis. Maar het blijken voor de meeste lezers wel de moeilijkste boeken te zijn. Imajica is mijn minst succesvol boek, in termen van verkoop, omdat het zo dik en ingewikkeld is. Ik heb veel problemen met realiteit. Ik leef in mijn dromen. En als ik daarover kan schrijven, dan doe ik dat. Maar ik besef ook dat vele mensen daar niet op zitten te wachten. Ik probeer dus een evenwicht te vinden tussen de twee werelden. Ik ben nu in mijn veertiger jaren en hoop nog een 25-tal jaar te kunnen schrijven. Ik zou nog heel graag vier boeken schrijven van het kaliber van Imajica. Dat hoop ik echt. Maar je moet ook realistisch blijven. Imajica kostte me 18 maanden van mijn leven. Als ik een vrouw geweest was, dan had ik twee baby's kunnen hebben! Er kruipt zeer veel energie en tijd in. Ik ben op een punt in mijn leven gekomen dat ik moet overwegen wat ik doe. Ik schreef tot nu toe vijftien boeken. Het zou mooi zijn als ik er nog een twintigtal bij kon doen.