Het allerbekendst zal James Newton Howard altijd blijven als de vaste keyboardist/orkestrator van Elton John. Zijn bijdragen aan wereldhits als Blue Eyes en Don't Go Breaking My Heart hebben van Elton John de gigaster gemaakt die hij nu is. Howard ontwikkelde een affiniteit voor strijkorkesten toen hij nog studeerde aan de Santa Barbara Music Academy of the West. Na zijn studies kwam hij echter meteen in de pop-sien terecht. Hij werd een gevierd session-pianist en werkte met grote namen als Carly Simon, Leo Sayer, Diana Ross en Ringo Starr. Dankzij zijn samenwerking met Elton John gingen opnieuw vele deuren voor hem open: die van Randy Newman, Chaka Kahn, Barbara Streisand én, in 1985, van regisseur Ken Finkleman, voor wiens film Head Office hij zijn eerste score schreef.
James Newton Howards wervelwind- carrière als filmmuziekcomponist ging hiermee van start en is sindsdien aan kruissnelheid verder blijven razen: in nauwelijks tien jaar tijd voorzag hij bijna veertig films en t.v.-series van muziek: Hollywood-blockbusters als Guilty by Suspicion, Grand Canyon, Pretty Woman, Three Men and a Little Lady, Falling Down, Alive, Dave, Junior... Zijn score voor Men werd genomineerd voor een Emmy Award, Dying Young (met Kenny G.) kreeg in 1990 een Grammy-nominatie, en in 1991 en 1994 was hij in the running voor een Oscar: respectievelijk met zijn scores voor The Prince of Tides en The Fugitive.
De snelheid waaraan hij soundtracks maakt, laat wel zijn sporen na. Vele scores zijn slechts maatwerk, die je na één keer luisteren al gehad hebt (Just Cause en Outbreak vallen in deze categorie); meesterwerkjes zijn zeldzaam. Het gebeurt ook zelden of nooit dat hij zijn muziek zélf dirigeert. Zijn beste werk van de laatste jaren is ongetwijfeld zijn score voor Wyatt Earp (één van de Kevin Costner-flops van vorig jaar), die niet geheel tot zijn recht kwam in de film, maar op c.d. een schitterende portie muziek levert.
James Newton Howard... de vergelijking met Van Gogh gaat misschien toch op: in elk van zijn werken zien we wel iets van het genie dat in hem zit, maar door het ongelofelijke tempo waaraan hij werkt overheerst het alledaagse, het maatwerk: degelijk, maar niets nieuws onder de zon. Maar als hij dan, eens in de zoveel jaren, de kans krijgt iets unieks te brengen, dan is het wel héél bijzonder, en daar zijn soundtracks als Dave, Alive en Wyatt Earp het mooiste voorbeeld van.