En toch was er iets aan de hand: schaars verspreide, schijnbaar verdekt opgestelde beeldschermen schreeuwden om enige aandacht: het eerste Festival van de Kunstfilm was aan onze kust neergestreken en trachtte er het kunstige met het mondaine te verenigen.
Video zit duidelijk in de lift. Voor de geïnteresseerden was het Casino van Knokke dan ook 'the place to be'. U kon er genieten van kunstwerkjes van onder meer Walter Verdin, Lucy Gunnings, Tacita Deans en Anne Teresa de Keersmaeker. De moeite waard om even bij stil te staan.
Een internationale jury, bestaande uit Guillaume Bijl (B), beeldend kunstenaar, Dorine Mignot (NL), conservator van het Stedelijk Museum Amsterdam, Stuart Morgan (GB), kunstcriticus, Anders Wahlgren (S), regisseur en Judith Wechsler (USA), kunsthistorica en regisseur, boog zich consciëntieus over de selectie van fims en video's voor de internationale competitie en bekroonde die films over kunst die zij beschouwden als meest innoverend, creatief en boeiend.
De prijs van de Gemeente Knokke-Heist ging naar Nadar, Photographe van de Franse regisseur Stan Neumann. Love Sonnets van de Belg Thierry De Mey en David Oïstrakh, Artiste du peuple? van Bruno Monsaingeon gingen beiden naar huis met een gedeelde Prijs van de Provincie West-Vlaanderen.
Een wat bedeesde Prins Laurent reikte tenslotte de Prijs René Magritte uit aan de Belgische prent Rik en Nel Wouters van Erik Blankaert, een produktie van de zeer ondergewaardeerde BRTN-reeks Tekens. Met deze keuze sprak de jury zich uit voor eerlijke, recht voor de rape kunstfilms, die elk op hun manier een specifieke kunsttak op een eigenzinnige manier belichtten.
Al bij al was het een wat rommelige finale van een Festival dat ietsje elitair overkwam en er daardoor niet in slaagde ook het jonge publiek naar Knokke te lokken. Enige afstandname van het gedandineer te Cannes was hier echter méér dan op zijn plaats geweest.
Toch moet dit Festival blijven bestaan, al was het maar omdat films en video's over kunst al zo weinig aan bod komen.
Misschien kan men het Festival volgend jaar in een godvergeten bidonville integreren, ver weg van glamour en decadentie. Kwestie van de kunst te plaatsen waar ze moet geplaatst worden: overal en nergens.