THE ENGLISH PATIENT

Portret Michael Ondaatje

De 53-jarige schrijver Michael Ondaatje sleepte reeds twee keer de Canadese Governor-Generals's Award in de wacht en werd enkele jaren geleden beloond met de prestigieuze Booker Prize. Zijn roman The English Patient werd onlangs op pellicule gezet. Wie is de man achter het boek?

Philip Michael Ondaatje werd in 1943 geboren in Colombo, Ceylon (nu Sri Lanka). Toen zijn ouders op zijn negende scheidden, verhuisde hij samen met zijn moeder, broer en zus naar Londen. In Engeland ging hij naar het Dulwich College, maar was geenszins tevreden over het heersende schoolsysteem. Het vele wiskunde kon hem niet boeien en hij droomde ervan zich toe te leggen op wat hem echt interesseerde: literatuur. Om aan die wensen te kunnen voldoen verhuisde hij op negentienjarige leeftijd naar Canada. Zijn broer Christopher leefde toen al enkele jaren in Montreal. Hij haalde een licentie in Engels en geschiedenis aan de Bishop's University in Lennoxville, enkele jaren later zou hij zelf professor worden.

Hij las grote dichters als Browning, Elliot en Yeats en kwam in contact met hedendaagse Engelse dichters als D.G. Jones. Het waren zijn ideeën dat Canada geen literaire traditie had, dat Ondaatje aanzette om te schrijven.

Een bijkomend jaar aan de universiteit bracht hem in contact met Raymond Souster, welke Ondaatje's werk opnam in de bundel New Wave Canada (1966). Wanneer hij de Epstein Award voor poëzie won, bracht de schrijver Wayne Clifford hem in contact met Couch House Press. Couch House was een kleine maar invloedrijke uitgeverij die voorstelde om Ondaatje's werk te publiceren. In 1967 verscheen zijn eerste gedichtenbundel The Dainty Monsters, waarvan de titel afkomstig is van een gedicht van Baudelaire.

Ondaatje's tweede boek, The Man With Seven Toes, vindt zijn origine in een reeks tekeningen van de Australische artiest Sidney Nolan, gebaseerd op het leven van Eliza Fraser. De vrouw uit de gedichten is naamloos. Ze is achtergelaten in de woestijn, wordt verkracht en ontmoet een man die haar helpt te ontsnappen. Als ze na haar redding uitrust in het deftige Royal Hotel, verkent ze haar eigen lichaam terwijl een vogel door de ventilator in de kamer aan stukken wordt gereten. De aanvaarding van een gewelddadige dood gaat gepaard met de acceptatie van het seksuele lichaam, hoewel ze de gebeurtenissen nog niet goed heeft kunnen verwerken.

In de zomer van '68 schreef Ondaatje Leonard Cohen, dat pas in 1970 gepubliceerd werd. Het is een soort hommage aan de poëet die hem in zijn jeugdjaren sterk beïnvloed heeft. Vooral The Favourite Game uit 1963 heeft veel indruk op hem gemaakt.

Zijn volgende boek, The Collected Works Of Billy The Kid, krijgt in 1970 de Governor-General's Literary Award en wordt door Canadese critici omschreven als 'one of the best books ... in a long time.' Het werk beschrijft de levensgeschiedenis van de Amerikaanse held aan de hand van gedichten, proza, foto's, interviews enz. Het is zo succesvol dat het weldra uitmondt in een toneelstuk.

Begin jaren '70 maakte hij tevens de overstap naar het beeld. Een eerste poging was de film Carry On Crime And Punishment, waarvoor hij familie en kennissen als acteurs liet fungeren. Daarna volgden enkele documentaire films, meer bepaald Sons of Captain Poetry over de Canadese dichter B.P. Nichols en The Clinton Special over Theatre Passe Muraille's The Farm Show.

Na The Dainty Monsters afgewerkt te hebben en tijdens het schrijven van zijn twee vorige boeken, bleef Ondaatje zijn traditie van het maken van lyrische teksten voortzetten. Dit resulteerde in 1973 tot Rat Jelly, een bundel bestaande uit gedichten over familie, dieren en kunst.

Vijf jaar later verscheen Coming Through Slaugther, een roman over Charles 'Buddy' Bolden, een jazz- muzikant die aan het begin van deze eeuw gek werd. De idee voor dit boek kwam tot stand bij het zien van een krantekop: 'Buddy Bolden, who became a legend when he went berserk in a parade.' Hoewel er heel weinig geweten is over het leven van Bolden, heeft Ondaatje vele jaren aan dit boek gewerkt. Wat de vormgeving betreft vertoond het veel gelijkenissen met The Collected Works Of Billy The Kid. Naast proza vinden we een schriftelijke neerslag van geluidsopnamen waarop jazzmuzikanten hun collega herdenken en krijgen we inzage in rapporten van het ziekenhuis waar de muzikant na zijn instorting verbleef. Maar ook hier is zijn interesse niet historisch: Ondaatje wijzigt data en brengt mensen samen die niets met elkaar te maken hebben.

In 1978 reist hij opnieuw naar Sri Lanka om vijf maanden bij zijn familie te verblijven. De impressies die hij hieraan overhield vinden deels hun weerslag in Ondaatje's volgende dichtbundel There's A Trick With A Knife I'm Learning To Do, maar vooral in Running In The Family, zijn enige autobiografische roman. Tien jaar later publiceerde hij In The Skin Of A Lion, waarin een gedetailleerd beeld wordt gegeven van het Toronto van de vroege jaren '20. In vele opzichten vormt dit werk één geheel met zijn volgende en tevens laatste roman The English Patient. In de eerste plaats zijn beide romans de enige van Ondaatje die niet op ware feiten gebaseerd zijn. De tweede overeenkomst vinden we terug in de verhaallijn zelf. In beide verhalen worden de levens van verschillende personen met elkaar verweven. Bovendien vormt de dief/spion David Caravaggio een constant personage. In The English Patient wordt trouwens teruggegrepen naar wat hij eerder heeft geschreven: het is immers door Caravaggio's vroegere werk als dief (zoals dat beschreven wordt in In The Skin Of A Lion) dat hij als spion aan de slag kon.

Toen Anthonny Minghella in 1992 The English Patient las was hij meteen laaiend enthousiast. Hij nam contact op met producer Saul Zaentz en ook Ondaatje bleek meteen bereid zijn teksten aan het witte doek toe te vertrouwen. De rest van het verhaal is bekend. Ondaatje werkt momenteel aan het Glendon College, en doceert Canadese en Amerikaanse literatuur, hedendaagse literatuur in vertaling en creatief schrijven.

The English Patient werd besproken in ons filmoverzicht.