ROWAN ATKINSON

From Zero to Hero (en andersom)

Met zijn rubberen lichaam en mimiek creëerde Rowan Atkinson enkele van de meest onvergetelijke karakters in het Britse komedielandschap van de voorbije twintig jaar. Er is Mr. Bean, er is Blackadder, er is Raymond Fowler. Het verhaal van de tot leven gekomen droom van iedere cartoonist.

Je zou er bij vergeten dat de momenteel 41-jarige Atkinson vroeger nauwelijks aan de bak kwam. Hij startte zijn carrière in 1978 met een revue in het Hampstead Theater, voordat hij in 1980 echt op de voorgrond trad met Emmy Award-winnaar Not The Nine O'Clock News, waar hij samenwerkte met Griff Rhys-Jones, Pamela Stephenson en Mel Smith, die later onsterfelijk zou worden als de ene helft uit Alas Smith & Jones. Naast Nigel Planer en John Lloyd (die later Blackadder zou produceren), was Richard Curtis één van de schrijvers achter deze uiterst succesvolle serie. Atkinson introduceerde in de serie trouwens een type dat hem zijn hele carrière zou blijven achtervolgen: dat van de dominee. Hij kreeg een Britse Academy Award, werd BBC Personality of the Year en kreeg een prijs als beste komiek van het jaar. Naast zijn mimische sterkte, bleek Atkinson ook verbaal bijzonder goed uit de slag te komen. Zijn sarcasme en bezentenheid werden vergeleken met die van een John Cleese.

Dat kwam goed van pas bij de creatie van een nieuw type: Blackadder. Het eerste seizoen, dat in de zomer van 1983 werd uitgezonden en waarvoor Curtis en Atkinson zelf de scripts leverden, flopte echter gigantisch. Voor het tweede seizoen (1986) werd Ben Elton (The Young Ones) als schrijver binnengehaald en hij tilde de serie in de volgende seizoenen (1987 en 1989) naar een hoger niveau. Dat was vooral te danken aan de acteerprestaties van Atkinson als Blackadder, maar ook van onder meer Miranda Richardson als de hysterische Queenie, Stephen Fry als Melchitt, Hugh Laurie als de King en Rik Mayall als Lord Flasheart. Blackadder overspande de geschiedenis van de Middeleeuwen tot na de Eerste Wereldoorlog en hoewel de fans graag een vijfde seizoen wilden zien, hadden de scenaristen hun beste kruid verschoten.

Had Atkinson met Blackadder de basis voor zijn succes gelegd, dan bereikte hij met de creatie van Mr. Bean nieuwe hoogten. De serie werd geschreven door Atkinson zelf en Robin Driscoll (wie deze man eens in het echt wil zien: hij speelt de rol van Paramedic in Jumanji) met occasionele bijdragen van Richard Curtis en Ben Elton. In de eerste aflevering, die in 1990 de Gouden Roos van Montreux won, leren we Bean kennen als een loser eerste klas, een sul, een dweep. Waar hij met zijn geel-zwarte Austin Mini verschijnt, vallen er brokken. Hoewel hij het met zijn liefje Irma Gobb (gespeeld door Matilda Ziegler) altijd verpest, heeft hij toch het hart op de juiste plaats. Door de jaren heen veranderde Bean. Hij kreeg ook gemenere kantjes, gedroeg zich soms als een etter. In de film krijgen we weer een andere Bean te zien: zijn karakter wordt uitgediept met de dimensie van schuld en de brokken die hij maakt, zal hij ook weer proberen te lijmen.

Het succes van Mr. Bean (de serie wordt in 82 landen uitgezonden) is ongetwijfeld zijn universaliteit. Er zit wat van Bean in ons allemaal. Volgens Atkinson zelf redeneert Bean als een 9-jarig jongetje. Met zijn karige woorden en sullig gegniffel spreekt hij ook een universele taal. Om te voorkomen dat het figuurtje Bean teveel uitgemolken zou worden (in de film plagieert Bean trouwens zichzelf: let op de openingsscène, de scène waarin Bean in slaap valt, de scène in het vliegtuig en de epiloog met Teddy - allemaal al eens gezien in de serie), werd in 1995 met Hair By Mister Bean of Londen de voorlopig laatste Bean-episode ingeblikt.

Atkinson stortte zich in een nieuwe figuur en een nieuwe serie: in The Thin Blue Line, van Bean-regisseur John Birkin, speelt hij tegenwoordig detective Raymond Fowler. Hoewel het eerste seizoen, dat Atkinson met Ben Elton herenigt, matig werd ontvangen, werd in de winter van 1996 toch een tweede reeks uitgezonden.

Tot het beste wat Atkinson ooit gemaakt heeft, behoort wellicht zijn theatershow. Een registratie vanuit Boston werd door HBO in 1988 uitgezonden. Atkinsons aangever was Angus Deayton, die later ook zou meespelen in de Bean-reeks. In deze show combineert Atkinson visuele en verbale humor. De sketch waarin hij de duivel speelt, die de nieuwe bewoners van de hel toespeekt, is onvergetelijk. Toch was de show in Amerika geen onverdeeld succes. Toen Atkinson in New York op de podia stond, werd hij door een aantal belangrijke critici neergesabeld wegens 'te Brits'.

Dat veranderde met zijn hilarische rol van Father Gerald in Four Weddings and a Funeral van Mike Newell uit 1994. Die film, geschreven en geproduceerd door wie anders dan Curtis, was overigens niet Atkinsons filmdebuut. Hij was als consul al te zien in de James Bond film Never Say Never Again uit 1983, en speelde de ultra-gemene megalomaan Ron Anderson in de Curtis/Smith samenwerking The Tall Guy uit 1989. In 1990 speelde hij de rol van Mr. Stringer in Nic Roegs The Witches, naar het boek van Roald Dahl. Atkinson had ook een rolletje in Hot Shot: Part Deux. In 1994 leende hij zijn sardonische stem aan Zazu, de neushoornvogel uit The Lion King.

Over de echte Rowan Atkinson is weinig geweten. Hij werd geboren op 6 januari 1955 in Newcastle en heeft twee broers, Rupert (voor fans niet onbekend) en Rodney. Hij studeerde aan de lokale universiteit, voordat hij in 1975 aan The Oxford University ging studeren, waar hij Richard Curtis ontmoette. Hij is getrouwd met een zekere Sunetra, is vader van twee kinderen en houdt van snelle wagens (hij heeft een Aston Martin Vantages en schrijft artikels voor CAR, een Brits automagazine). Atkinson verschijnt met de regelmaat van de klok op liefdadigheidsfeesten. Dat privé-leven is iets waar Atkinson niet wil aan raken. Veel liever verbergt hij zich achter zijn typetjes.

Op donderdag 11 september was Atkinson nog aanwezig in Kortrijk, bij de opening van de nieuwste Kinepolis. Ook daar: verborgen achter Bean, gehuld in zijn altmodisch kostuumpje, rode das, en veel te korte broek. En vanaf deze week kunt u hem bewonderen in Bean, zijn eerste langspeelfilm. Oh Dear!