HIGHLANDER III: THE MAGICIAN

Het lot van een onsterfelijke

Met Highlander III: The Magician werd een behoorlijk slot gebreid aan een opmerkelijke fantasy-trilogie. Connor MacLeod verdween dan ook op passende wijze in de oneindigheid.

Beweren dat de eerste Highlander uit 1986 een cultstatus in filmland wist te veroveren, zullen zelfs de meest hevige Highlander-fans lichtjes overdreven vinden. Toch leverde regisseur Russell Mulcahy (tot dan toe vooral bekend als videoclipfanaat) met zijn geesteskind een niet onbelangrijke bijdrage in de ontwikkeling van het fantasy-genre: de boutade 'There can be only one' werd in sf-kringen een begrip. De juistheid hiervan ondervonden de makers vijf jaar later op een pijnlijke manier zelf. De sequel Highlander II - The Quickening was een schot dat mijlenver naast de vooropgestelde roos belandde.

En dus kwam er een nieuwe man aan het Highlander-roer: Andy Morahan, nog nat achter de filmoren, maar een ervaren man als het op videoclips aankomt. Morahan werkte samen met de crème de la crème van het internationale poptoneel: Guns'N Roses, Tina Turner, Cyndi Lauper, Michael Jackson en Elton John. Zijn videocliproots kon hij in deze film niet verbergen, maar dat was dan ook de bedoeling. Met dit derde deel wilde vooral hoofdrolspeler Christopher Lambert terug naar de roots. Spijtig genoeg namen scenaristen Paul Ohl en Bill Panzer dat net iets te letterlijk en presenteerden ze een bijna identieke kopie van de eersteling.

Het draait nog steeds om Connor MacLeod, een onsterfelijke die door tijd en ruimte reist om het kwaad te bestrijden. Dat kwaad incarneert in de magiër Kane, die door MacLeods schuld de voorbije vier eeuwen het donker moest trotseren in een onderaardse gevangenis. Reden genoeg dus om zich op MacLeod te wreken. Kane maakt daarbij gebruik van zijn talenten als tovenaar. Zo bezit hij de kracht om de gedaante van iemand anders aan te nemen. Slechts één keer levert dat een fraai staaltje cinema op: als Kane vervloeit in een zwarte raaf. Voor de rest overtuigt de figuur van Kane niet echt, hoewel je het gevoel hebt dat Mario Van Peebles het onderste uit de kan wil halen.

Dat ligt vooral aan het uiterst zwakke scenario, dat eenlijning, voorspelbaar en saai is. Zo worden er een aantal reuzesprongen in de tijd gemaakt (van het middeleeuwse Japan over de Franse Revolutie naar het Amerika van 1995): het is niet meer dan een overbodig intermezzo in een film die op zich al boordevol cliché's steekt. MacLeod heeft ook nu weer zijn gebruikelijke leermeester (Nakano) en wordt bijgestaan door een brok vrouwelijk schoon in de persoon van Alex Johnson (het lichaam van Deborah Unger). Lambert zelf kan niet meer dan het laatste stukje originaliteit uit MacLeod persen. En toch is Highlander III geen slechte film. Misschien komt dat omdat je door alle gemeenplaatsen heen af en toe enkele magische scènes weet te ontdekken. Misschien wel gewoon omdat je weet dat de trilogie nu eindelijk rond is.