Het steeds weerkerend probleem in deze situatie is namelijk het feit dat onze zuiderburen nog steeds denken met hun films het warm water opnieuw te hebben uitgevonden. En moest hun bewering dan nog maar voor de helft met de waarheid stroken, waren we al tevreden maar wat we meestal voorgeschoteld krijgen, is niet echt om over naar huis te schrijven.
Gelukkig loopt de situatie deze keer met Le hussard sur le Toit niet zo dramatisch uit de hand. We gaan naar de Franse Provence midden negentiende eeuw. Cholera is er een ware epidemie, de Fransen zijn niet echt meer goede maatjes met de Italianen en de Oostenrijkers, kortom, het gaat niet goed in het land van de zomerse kilometerlange files.
Eén van de eerste slachtoffers van de politieke strubbelingen is Angelo (Olivier Martinez), steeds opnieuw maar 'on the run', vluchtend naar een onbekende bestemming. Op zijn tocht ontmoet hij de mooie jonkvrouw Pauline (mooie rol van Juliette Binoche, bekend uit onder andere Trois Couleurs: Bleu en The Unbearable Lightness of Being) ook een slachtoffer van de chaos in haar land. Ondanks al de ellende leren de twee elkaar beter kennen en trekken ze zich aan elkaar op om zo samen op zoek te gaan naar hun vrijheid.
Regisseur Jean-Paul Rappeneau is zeker geen onbekende in het Franse filmlandschap. De man was enkele jaren geleden al verantwoordelijk voor de Gerard Dépardieu-prent Cyrano De Bergerac, die in 1990 goed was voor een oscar voor de kostumering. Voor Le Hussard sur le Toit baseerde hij zich op de gelijknamige roman van Jean Giono, voor vele laatstejaarsstudenten Frans allicht verplicht leesvoer.
Rappeneau is een vakman en dat is dan ook te zien in deze 70 mm-produktie: een mooie fotografie die zowat het hele Franse zuiden bestrijkt, een sobere maar strikte regie en ietwat aarzelende muzikale interventies. Desalniettemin kampt de film met een plaag die we de laatste weken al meer constateerden: twee uur en een kwartier is lang, veel te lang voor een film van deze soort. En Olivier Martinez (nog nooit gehoord of gezien, maar dat doet allicht niet ter zake) is nog lang geen Gérard Dépardieu.
Niet alleen daarom betwijfelen we dat deze prent hoge ogen gaat gooien in Vlaanderen. Meer dan waarschijnlijk een schril contrast met onze Waalse landgenoten, die Le Hussard sur le Toit enthousiast onthaalden en met alle lof overlaadden. Maar het is niet de eerste keer dat we van mening verschillen. Neem het van ons aan: je geld is deze week beter besteed aan een Species of een The Madness of King George. Jammer maar helaas.