Het feit dat de verwachtingen van Waterworld meteen worden gekoppeld aan dat immense budget, waarmee je al gauw een heel land mee kan voeden, is meteen de ondergang van de prent. Vertaalt het bedrag zich naar spektakel op het scherm? In geen geval. Terwijl een film als Batman Forever (kostprijs: 60 miljoen dollar) eruit ziet alsof hij tweemaal zoveel heeft gekost. De verfilming van Waterworld was van bij het begin een veelgeplaagde onderneming. Sets zonken of werden vernield door tsunami's, de opnames duurden ettelijke maanden te lang en ruzies tussen de twee Kevins (hoofdacteur Costner en regisseur Reynolds) liepen dag na dag op. Je zou denken dat ze hun lesje geleerd hadden na gelijkaardige scenario's tijdens de produkties van Robin Hood: Prince Of Thieves en Rapa Nui. Ze hadden dan ook tegen beter weten in de allereerste regel in filmmaken aan hun laars gelapt: maak nooit een film op zee.
Er blijft natuurlijk wel naar Waterworld te kijken. Er zitten een aantal behoorlijk spectaculaire actiescènes in, en de sets van bijvoorbeeld het atol en de Exxon Valdez mogen gezien worden. Het scenario, dat bedoeld was voor een goedkope Roger Corman-film, vertelt zoals genoegzaam bekend het verhaal van een met water bedekte aardbol als gevolg van het smelten van de poolkappen, en de mensen die erop trachten te overleven.
Protagonist is de norse Mariner, een eenzaat op een Trimaran (een wel erg veelzijdig bootje), die maar nauwelijks wordt aanvaard door zijn medemensen omdat hij een mutant is: hij heeft een stel kiewen achter de oren. Hierdoor kan hij duiken naar de bodem van de oceaan, waar hij schatten verzamelt uit verdronken grootsteden. Hiermee trekt hij naar zo'n atol om er aan ruilhandel te doen. Terwijl hij in het atol gevangen zit, wordt deze drijvende stad overrompeld door de Smokers, een bende piraten onder leiding van Deacon, een genietbare rol van Dennis Hopper. Mariner weet te onstnappen en besluit enigszins tegen de zin samen met de Helen en Enola, een kindje met een kaart naar het mythische Dryland op haar rug getatoeëerd, op zoek te gaan naar dit droge land.
Het cliché 'Mad Max op water' hebt u beslist nog al gehoord, maar deze uitdrukking is dan ook recht in de roos. Onverzorgde mensen die proberen te overleven in een vijandige omgeving met overblijfselen van voor de ramp, het is verre van een nieuw gegeven. Het script gaat jammerlijk de mist in als gevolg van een overdaad aan tegenstrijdigheden en inconsistente wendingen, en een einde dat een zeer wrange nasmaak achterlaat.
De acteurs zijn best genietbaar; de mooie Jeanne Tripplehorn (Basic Instinct) als Helen voorop. Flauwe special effects zijn in een film van deze omvang echter onvergeeflijk.