Het vervolg laat zich raden: tijd voor een film over dit fenomeen dat populairder is dan ooit te voren. Groot was het jolijt dan ook toen het nieuws onze oren bereikte dat niemand minder dan Robert Altman, vers van de successen The Player en Short Cuts, zijn kritisch oog op de catwalk wou werpen. We hadden te vroeg gejuicht. Net als The Player is Pret-a-Porter (Ready To Wear in Amerika wegens onuitspreekbaar) een prent die de kijker een cynische, knarsende blik gunt op de achterzijde van een glamoureus en gelauwerd fenomeen. En net als in Short Cuts wordt dat gedaan aan de hand van zeer vele personages wiens belevenissen om de beurt gevolgd worden als in een heuse soap. Een typisch Altman-verhikel dus.
Het onderwerp van de spot vormt de modewereld van Parijs. Het is er Pret-a-porter week, en alle grote en kleine persoonlijkheden binnen dit wezen stromen dan ook in grote getale toe. Rode draad in het verhaal is Kitty Potter (Kim Basinger) die alle 'somebody's' netjes opwacht voor een kort interview voor FAD-TV. En hondepoep vormt een andere rode draad.
Verhaaltjes die in de plot verweven zitten, zijn onder andere de dood van de voorzitter van de Syndicale Kamer voor Confectie (Jean-Pierre Cassel), zijn vrouw (Sophia Loren) die aanpapt met een oude liefde (Marcello Mastroianni), twee journalisten (Tim Robbins en Julia Roberts) die zich genoodzaakt zien een hotelkamer te delen en drie tijdschriftenuitgevers (Linda Hunt, Tracey Ullman en Sally Kellerman) die een sterfotograaf (Stephen Rea) proberen te strikken. U kunt uiteraard nog een heel stel andere acteurs herkennen, en bovendien zit Pret-a-porter sjokvol met cameo's van bekende modellen, ontwerpers en journalisten die Altman tijdens de opnamen van film kwamen interviewen.
Waar ging het fout? Van The Player kan tenminste gezegd worden dat het verhaal draaide om de lotgevallen van één hoofdpersoon, en in Short Cuts waren de vele personages duidelijk afgelijnd en herkenbaar. Niets van dit kan gezegd worden van Pret-a-porter: geen hoofdplot, en zeker geen duidelijk afgelijnde karakters: de verhaaltjes en personages zijn nodeloos warrig en chaotisch, er is geen structuur in terug te vinden. Bijgevolg interesseert het je geen moer wat er met wie gebeurt en hoe het allemaal afloopt. Hoe realistisch dit portret ook mag zijn, het spreekt niet tot verbeelding.
Het hoeft uiteraard geen betoog dat Pret-a-porter gelukkig wel leuk is om naar te kijken wegens het dankbare onderwerp. Christy Turlington die in één of andere extravagante outfit van Gaultier over de catwalk paradeert: het blijft leuk om naar te kijken. En dat geldt ook voor de geweldige, ontluisterende finale.