LIFE IS BUT A DREAM

Hollywood stelt existentiele vragen

Eén van de meest voorkomende, maar vreemd genoeg minst besproken filmische trends van de laatste jaren is dat van de realiteit versus de illusie. Droombeeld of werkelijkheid? Waarheid of waanzin? Een oerfilosofische vraag die aan de basis ligt van verschillende godsdiensten en talloze literaire werken en studies. Het is een thema dat, van nature uit, alle mensen aanspreekt. Films die daarop inspelen zijn dan ook niet nieuw. Wat echter wel verbazing wekt, is het aantal films in dat genre uit de jaren negentig. The Matrix is slechts de jongste telg in een immer langer wordende rij. En wat evenmin te ontkennen valt is de hoge kwaliteit die bijna altijd gepaard gaat met een dergelijk verhaal.

De minst interessante - en inmiddels volkomen uitputte - manier om met deze existentiële vragen te spelen, is door de kijker in kou te laten of de film (of desgewenst specifieke scènes) zich al dan niet in een computergegenereerde virtuele realiteit afspeelt. Een belangrijk detail: de hoofdrolspelers weten wèl hoe het zit. David Cronenbergs recentste, Existenz, jongleerde mooi met de verwachtingen van zijn publiek en slaagde erin met een totaal onverwachte finale af te sluiten. Laat echter wel duidelijk zijn dat er geen talent nodig is om met een dergelijk ha ha fooled you! einde voor de dag te komen. Jennifer Lynch maakte op zo'n lompe manier gebruik deze deus ex machina dat haar Boxing Helena de kijker alleen maar gefrustreerd achterliet. Het was maar een droom! Ja, dat hadden we echt niet zelf kunnen bedenken. Een prent als The Devil's Advocate brengt het er iets beter vanaf: nadat Kevin Lomax de plannen van zijn vader (satan) dwarsboomt, verspringt het verhaal terug naar het beginpunt, een punt waarop Lomax overigens even gedesorienteerd was aan het begin van de film. De boodschap (en die wordt nog eens nodeloos versterkt wanneer satan even later weer opduikt in de huid van een ander personage): dit verhaal is kringloop, zonder begin en zonder einde.

Andere films, zoals Virtuosity en Star Trek: Insurrection, maken gebruik van(virtual reality om zowel kijker als antagonist beet te nemen. In Virtuosity is Sid 6.7 ervan overtuigd dat hij op eigen terrein (in een virtuele realiteit) zit, terwijl hij feitelijk in de 'echte' werkelijkheid zit, en zodoende niet onsterfelijk is. In Star Trek gaat het er om omgekeerd aan toe: het stelletje booswichten denkt een slag in de ruimte te hebben gewonnen, terwijl ze eigenlijk een luttel videospelletje zaten te spelen in een zogenaamd holodeck.

Veel interessanter wordt het wanneer het publiek noch de protagonisten zelf precies weten waar werkelijkheid begint en eindigt. Om in de sfeer van de VR te blijven, tijdens de eindgeneriek van Total Recall is het nog steeds niet duidelijk of Quaids avontuur op Mars zich al dan niet in zijn hoofd afspeelde, iets waar het script voortdurend op zinspeelt. Het is aan het publiek om dit voor zichzelf uit te maken. In Brainscan komt een tiener terecht in een escalerende nachtmerrie van moord die op het einde - en daar hebben we weer een voorbeeld van hoe het niet moet - een ultra-realistsch (en ultra-mislukt) videospelletje blijkt te zijn. Heel geestig.

Een duo schitterende - en op vele manieren gelijkaardige - films heeft het over een man die voortdurend in alternatieve werkelijkheden ontwaakt, en aan zijn eigen verstand gaat twijfelen. In Twelve Monkeys was het James Cole (Bruce Willis in de rol van zijn leven), die voor een ondergrondse en bijna surrealistische maatschappij in de toekomst moet uitzoeken wat de oosprong was van een virus dat vrijwel de hele mensheid uitroeide. In het zwaar onderschatte Jacob's Ladder is het slachtoffer Jacob Singer. Hij is een Vietnam-veteraan die nu eens ronddwaalt in een wereld waar hij gescheiden is en met een collega samenwoont, en waarin zijn jongste zoon dood is, en dan weer wakker wordt in een wereld waar hij nog steeds getrouwd is en zijn zoon Gabe nog leeft. Beide films eindigen met een schitterende onknoping die de kijker totaal verbouwereerd achterlaat - in het geval van Jacob's Ladder moet je zelfs wachten tot tijdens de allerlaatste seconden om te weten hoe de vork precies aan de steel zit... een mindfuck die je nimmer vergeet. Een vruchteloze poging om een zelfde effect te bereiken, kregen we onlangs nog in de vorm van In Dreams. De arme Claire surft voortdurend op de smalle grens tussen realiteit en visioen, en moet daar net als James Cole voor boeten in een psychiatrische instelling. Een nobele poging, maar jammer dat de film ervoor kiest te eindigen als een slap afkooksel van The Silence of the Lambs.

De meest aangrijpende films in dit genre zijn deze waarin een individu of een hele beschaving te weten komt dat de wereld rondom nep is. Dat kan op twee manieren. In conceptfilms als Pleasantville treedt een personage uit onze werkelijkheid een kleinere onderliggende werkelijkheid binnen, en opent daar de ogen van de inwoners. In het prachtige Pleasantville wordt David tegen wil en dank in een naieve zwartwitte televisiereeks gezogen (nog maar eens een stadje zonder uitgang). Vrijwel indentiek wat betreft verhaalstructuur was Tron, een grafisch hoogstandje waarin een programmeur in de computerwereld wordt gezogen, er kennis maakt met computerprogramma's en de oorlog verklaart aan de plaatselijke autoriteiten.

Anderzijds heb je de films waarin onze werkelijkheid (of ten minste één die daarop geïnspireerd is) louter een leugen blijkt. Een uitstekend en zeer recent voorbeeld is Dark City, een duister meesterwerkje dat nooit de Belgische bioscopen haalde. Dark City handelt over een stad zonder uitgangen, waar buitenaardse wezens, the Strangers, het gedrag van de mensen bestuderen, en hen elke nacht een totaal nieuwe identiteit meegeven. Net als Neo in The Matrix staat er een held op die de waarheid inziet (maar niet voor hij aan zijn eigen verstand gaat twijfelen: is hij echt de gevreesde seriemoordenaar?) en the Strangers door middel van hun eigen truukjes overwint. Onze held John Murdoch is, tegen dat de eindgeneriek rolt, effectief een God die van de stad zijn eigen persoonlijke Eden maakt. Personages die de macht hebben om levens van anderen te sturen, worden in dit soort film overigens wel vaker als Goden voorgesteld...

Opgepast, spoiler -alarm. In The Thirteenth Floor, een VR-film geproduceerd door Roland Emmerich die op 28 juli in dit land uitkomt, komt een personage te weten dat zijn wereld slechts bestaat als nullen en enen op een harde schijf (en net als in Dark City heeft zijn stad geen uitgang, een plottwist die in dit geval veel minder plausibel is uitgewerkt). Op het einde krijgt het publiek - en het personage - een glimps te zien van de echte wereld, en van de auteur van het VR-programma. Niet toevallig ziet deze wereld eruit als een hoogtechnologisch paradijs, een hypermoderne berg Olympus zeg maar, die wordt bevolkt door volmaakte, almachtige mensen. Ook The Matrix hoort thuis in het rijtje van Dark City en The Thirteenth Floor, maar we willen u graag de kans geven deze prent zelf te ontdekken.

Of wat te denken van de solipsistische fantasie The Truman Show? Het brein achter de hele onderneming, Christof, spreekt Truman letterlijk vanuit de hemel toe, en is machtig genoeg om een storm op zee te veroorzaken. Voor regisseur Peter Weir bestaat er geen twijfel over: Christof is een God, en Truman is zijn creatie. Bedenk dat Truman zijn aards paradijs verlaat; wat denk je dat de boodschap is van Weir, met betrekking op onze godsdiensten? Dat maakt goed gemaakte films in dit genre zo interessant: ze zetten je tot nadenken.

Wij kunnen, na dit bondig overzicht, alleen maar hopen dat we je een beetje nieuwsgierig hebben gemaakt en dat je straks naar de videotheek zal rennen om er pakweg Jacob's Ladder en Dark City mee naar huis te nemen. Wees klaar voor films met een ongewone structuur, films die vragen dat je je openstelt voor bizarre plottwists en bijna absurde resoluties. Films die wat te vertellen hebben over je eigen leven.