THE GREEN MILE

Dood doet leven

Foto: UIP
Frank Darabont is één van Hollywoods meest onderschatte talenten. Zelfs nadat hij in 1994 de wereld deed trillen van pure emotie met 7-voudig oscargenomineerde The Shawshank Redemption, bleef hij in alle anonimiteit verderklussen als scriptdokter. Geen hond die het weet, maar hij was het die onder meer Eraser, The Fan en Saving Private Ryan onder de stethoscoop nam. Zes jaar na Shawshank treedt de 41-jarige Darabont eindelijk nog eens in het voetlicht. Het wachten was lang, de beloning meer dan de moeite waard. In The Green Mile gaat hij als een volleerd chirurg op zoek naar datgene wat filmkijken zo betoverend mooi maakt: het hart.

Voor zijn eerste regieklus sinds The Shawshank Redemption ging Darabont dus weer aanbellen bij zijn goeie vriend Stephen King. Die had nog wel een paar onverfilmde romans op de plank liggen. Maar Darabont wist heel goed wat hij wilde. Vanaf het eerste moment was hij verliefd geworden op The Green Mile, een serial thriller die Stephen King eind 1995 en begin 1996 op de markt had gegooid. Het was een periode dat de literaire productie van King in het slop zat. Zowel de verhalenbundel Nightmares and Dreamscapes als de romans Insomnia en Rose Madder bleken voor zowel fans als critici zware ontgoochelingen en een nieuw project over een ter dood veroordeelde man wilde maar niet vlotten. Tot Kings literaire agent, Ralph Vicinanza, op het idee kwam om het verhaal als feuilleton op de markt te brengen, net zoals de grote Charles Dickens dat een eeuw geleden had gedaan. Natuurlijk was het buiten een literaire uitdaging voor King ook een marketingstunt van jewelste om de dalende verkoopcijfers weer op te krikken. Dickens' chapbooks waren immers ooit zó populair geweest dat één serie in Baltimore op een tragedie was uitgedraaid. Een grote groep Dickens-fans verdrong zich op de kade waar een Engels schip met exemplaren van de laatste aflevering van The Old Curiosity Shop aan boord werd verwacht. Het schijnt dat enkele lezers in het gedrum in het water vielen en verdronken. Zo'n tragedie bracht de publicatie van The Green Mile niet met zich mee, maar de stunt draaide wel uit op een nooit gezien succes. In Amerika gleden meer dan één miljoen exemplaren per deel over de toonbanken. Stephen King had zichzelf weer op de rails gezet en denderde als een TGV verder - tot een minibusje hem vorige zomer in Maine weer tot stilstand bracht.

Weinig mensen weten dat Stephen King al in 1992 aan The Green Mile begonnen schrijven was, meestal in een klein notitieboekje tijdens zijn wandelingen in Fenway Park. Het verhaal dat hij voor ogen had, heette toen nog What Tricks Your Eye en zou gaan over een ter dood veroordeelde kolossale zwarte man die bij het naderen van de executiedatum belangstelling voor goochelkunst krijgt en zichzelf vlak voordat hij op de stoel vastgesnoerd wordt op een magische manier laat verdwijnen. Wist King toen veel dat The Green Mile, zoals het project uiteindelijk ging heten, zo'n succes zou worden. Frank Darabont kreeg voor de verfilming vier oscarnominaties. Hoewel de oscar voor beste film eind maart wellicht naar American Beauty zal gaan, mag Darabont bijna zeker op het beeldje voor beste aangepast scenario rekenen, een scenario dat zowel door Stephen King als Steven Spielberg (die Kings mini-serie The Talisman zal produceren) de hemel wordt ingeprezen. Meer dan terecht. Ook commercieel doet de prent het schitterend. De 120 miljoen dollar die The Green Mile tot nu toe in Amerika opbracht, is het dubbele van het budget.

The Green Mile speelt zich af in Louisiana tijdens de grote depressie van de jaren 1930. Paul Edgecombe (Tom Hanks) is hoofdcipier van Block E in Cold Mountain, beter gekend als de laatste verblijfplaats van moordenaars voor ze de doodstraf krijgen. Paul is een rustig en eerlijk man, die erop toeziet dat de gedetineerden op een menswaardige manier de laatste mijl richting Old Sparky kunnen wandelen. Omdat in Cold Mountain het linoleum van de vloer de kleur van verschrompelde oude limoenen heeft, wordt het daar de groene mijl genoemd. Op een dag wordt de zwarte reus John Coffey binnengebracht. Hij werd veroordeeld voor verkrachtig en moord op twee jonge meisjes, de Detterick-tweeling. Coffey blijkt een vreemd iemand te zijn, een schuchtere analfabeet met een geest die traag en sloom werkt en een vreemde angst voor het donker. Coffey heeft ook een bijzondere gave, die Edgecombe laat vermoeden dat hij nooit tot zo'n gruwelijke dubbelmoord in staat zou zijn. Uitgerekend in de plaats waar de dood zegeviert, blijkt John Coffey in staat om leven te geven.

Stephen King werd wereldberoemd met zijn horrorboeken, maar zijn beste werk speelt zich af op de velden van het hart: Stand By Me en Shawshank zijn daar de beste voorbeelden van. Ook The Green Mile is geen horror, maar snijdt thema's zoals dood en leven, hoop en wanhoop, opoffering en noodlot aan. Centraal staan de intermenselijke relaties die zich op de Mijl ontrollen. Tussen Edgecombe en zijn medecipiers (waaronder de gemene Percy Wetmore, die liefst zoveel mogelijk mensen wil roosteren), maar vooral tussen Edgecombe en Coffey. Niet voor niets stelen Tom Hanks en Michael Clarke Duncan de show. Hanks vereenzelvigt zichzelf nog maar eens zó goed met zijn personage, dat het eigenlijk niet opvalt dat hij acteert. Duncan toornt letterlijk en figuurlijk boven alles en iedereen uit. Hij straalt als Coffey zoveel rust en charisma uit dat het hem, geheel terecht, een oscarnominatie opleverde. De vraag wie (of vooral wat) John Coffey eigenlijk is, wordt tijdens het verloop van de film nooit echt duidelijk. Volgens Stephen King zelf is de naam Coffey een hommage aan William Faulkners Christus-figuur Joe Christmas. Een zendeling van God dus. Om in het achterhoofd te houden bij het bekijken van de film.

Frank Darabont mag dan wel tijd verloren hebben als scriptdokter, hij is er wellicht wel béter door gaan schrijven. The Green Mile is zó behoedzaam en voorzichtig opgebouwd, dat elke scène en elke dialoog klopt. De climax van de film is schokkend en het einde boort zo'n vat vol emoties aan dat het bijna ondraaglijk wordt. Hoe dat in elkaar steekt, verklappen we hier niet, maar het heeft met de structuur en opbouw van de film te maken. Laten we het erop houden dat Paul Edgecombe zijn eigen groene mijl aan het wandelen is. En dat, welk mirakel ons ook overkomt, wij allemaal een dood verschuldigd zijn. Teveel Schmalz en pathos voor één film? Toch niet. Darabont neemt rustig zijn tijd om alle emotie te vertellen en volgt de roman bijna woord-voor-woord en scène-per-scène. Dit moet één van de meest letterlijke adaptaties ooit zijn (een eerste draft had de film zelfs opgedeeld in zes segmenten). Ook de muis op de mijl, de onfortuinlijke Mr. Jingles, en Toot Toot krijgen in de film dus alle aandacht. Dat alles resulteert in een film die zich uitstrekt over meer dan drie uur. Da's lang, akkoord, maar The Green Mile heeft alle geneugden van een lekker traag, dik boek. Met zijn beste werk wordt King wel eens vergeleken met Dickens. Als Darabont zo verder doet, kan hij de vergelijking met Spielberg aan.

Titel: The Green Mile
Genre: Drama
Speelduur: 3u08
Regisseur: Frank Darabont
Acteurs: Tom Hanks, David Morse, Bonnie Hunt, Michael Duncan, James Cromwell, Graham Greene, Sam Rockwell, Harry Dean Stanton