Die Norman Jewison sleept nogal wat filmervaring met zich mee. Wat heet. De nu 73-jarige Canadees maakte met In the Heat of the Night, The Thomas Crown Affair, Fiddler on the Roof, Jesus Christ Superstar, A Soldier's Story en Rollerball enkele klassiekers in het genre. Twee keer eerder hield hij zich al met racisme bezig. The Hurricane is de kroon op zijn werk. Hij baseerde zich daarvoor op Rubin Carters eigen biografie The Sixteenth Round en Sam Chaintons boek Lazarus and the Hurricane. Dat hij het daarbij niet al te nauw neemt met de werkelijkheid, belandde in Hollywood in het verkeerde keelgat. In de kantlijnen van de filmrelease werd ook weer de hele zaak opgerakeld. Zo raakte bekend dat detective Vincent Della Pesca eigenlijk een fictief personage is. Niet zo erg, maar het feit dat Carter vóór zijn onterechte beschuldiging er al vier jaar cel had opzitten, vertekent toch enigszins de werkelijkheid.
In The Hurricane maken we eerst en vooral kennis met de bokser Rubin Hurricane Carter, die zichzelf midden jaren zestig naar de absolute wereldtop vecht in het middengewicht boksen. Op een avond in 1966 worden hem onterecht drie moorden in de schoenen geschoven door politieagent Vincent Della Pesca, een racist uit New Jersey die al zijn hele leven op Carter jaagt. Samen met Carter vliegt overigens ook ene John Artis de cel in. Ze krijgen driemaal levenslang. De enige manier voor Carter om te overleven is zich helemaal uit de werkelijkheid terug te trekken. Hij vraagt zelfs aan zijn vrouw Mae Thelma om te scheiden. Het enige dat hem overeind houdt is zijn autobiografie, The Sixteenth Round, waar hij in zijn cel naarstig aan tikt.
Jaren later koopt de zwarte tiener Lesra Martin op een rommelmarkt dat boek. Het verandert zijn leven. Hij woont bij drie Canadese weldoeners die hem op de universiteit voorbereiden. Carter wordt zijn persoonlijk idool en hij begint er een correspondentie mee. Als hij hem opzoekt in de cel, is hij tot in het diepste van zijn ziel geraakt. Samen met het Canadese drietal en een horde advocaten besluit hij om de moed niet op te geven. Carter werd tenonrechte en alleen omwille van zijn huidskleur terechtgesteld en dat moet koste wat het kost ongedaan gemaakt worden. Op het einde stappen ze zelfs naar het federale gerecht. Waar de waarheid wel moét zegevieren.
Kijken naar The Hurricane is een vreemde ervaring. Fact is stranger than fiction, lees je wel eens, en in dit geval gaat dat zeker op. Het verhaal zit zo naïef en clichématig in elkaar dat je denkt dat er een slechte scenarioschrijver aan het werk is geweest. Gezien de achtergrond van het verhaal totaal onterechte kritiek natuurlijk. Hoewel je overal leest dat de regisseur zich een aantal dramatische vrijheden heeft aangemeten. Zo zou het aandeel van de drie Canadese vrienden helemaal niet zo groot zijn geweest als de film laat vermoeden. Het waren eerder Carters advocaten die al het werk verzetten. Veel komen we over die Canadese vrienden trouwens niet te weten. In werkelijkheid vormden zij een soort commune. Na zijn vrijlating zou Carter met Lisa getrouwd zijn, een huwelijk dat uiteindelijk op de klippen liep.
Qua verteltechniek is Norman Jewison in de jaren zestig blijven hangen. Hij tovert enkele oude verhaaltechnieken uit zijn hoge hoed (het kaderverhaal met het boek, de afwisseling tussen de boksfragmenten en passages in de gevangenis) en schuwt overduidelijke pathos en emotie niet. Zijn vertelling is letterlijk en figuurlijk wel heel zwart-wit en schildert Carter bijna af als een heilige. Blinde adoratie oogt nooit mooi in een biopic, hoe sterk je ook achter je figuur (en de goede zaak) staat. Gelukkig is er Denzel Washington, die volledig verdwijnt in zijn personage. Hij creëert op wonderbaarlijke manier Carter en speelt de pannen van het dak. Het leverde hem oververdiend een oscarnominatie als beste acteur op.
Genre: Drama
Speelduur: 2u05
Regisseur: Norman Jewison
Acteurs: Denzel Washington, Vicellous Reon Shannon, Deborah Kara Unger, Liev Schreiber, John Hannah, Dan Hedaya