SOUNDTRACK: X-MEN

Druk, drukker, drukst

Michael Kamen is een getalenteerd componist, daar niet van, en hij heeft al met diverse scores bewezen een wezenlijke bijdrage aan een film te kunnen leveren, maar het lijkt een beetje alsof hij het de laatste jaren moeilijker en moeilijker vindt om inspiratie te vinden voor zijn muziek.

X-Men is een live action cartoon, maar omdat de thema's die in de film aan bod komen meer diepgang vertonen dan je bij films als Superman of Batman verwacht, is het ergens niet verbazingwekkend dat Kamens score voor X-Men een stuk volwassener klinkt dan de bombastische speelgoedmuziek die Elfman en Williams componeerden voor hun superhelden. Maar behalve volwassen klinkt Kamens score ook ongeïnspireerd en saai; de muziek doet zijn werk en drukt op de goeie knoppen in de goeie momenten, maar heeft een erg lage waw-factor en als je de zaal uitloopt is er weinig dat echt blijft hangen. Behalve de hoofdpijn.

Michael Kamen werd vrij laat in het productieproces van X-Men vertrokken. Dat had alles te maken met het feit dat de vaste componist van de regisseur, John Ottman, met wie hij onder meer Apt Pupil en The Usual Suspects had gemaakt, op het laatste moment moest afhaken door zijn werk voor Urban Legend 2. Er werd hard gezocht naar een vervangcomponist, en aangezien Michael Kamen de afgelopen jaren voor heel wat films op relatief korte tijd vervangscores had gecomponeerd, kreeg Kamen ook nu weer het dirigeerstokje in handen.

Wie Michael Kamen zegt, denkt aan scores als Brazil, Don Juan de Marcos, de Die Hard- en Lethal Weapon-series en Robin Hood: Prince of Thieves. Wat al die scores met elkaar gemeen hebben is een grote mate van melodiciteit en een themagerichte benadering van de compositie. Voor X-Men slaat Kamen een heel ander pad in, en het resultaat is niet zo goed als je zou durven denken. Omdat X-Men een sciencefictionfilm is, krijgen we dezelfde space-sound te horen die Kamen reeds aanwendde voor films als Event Horizon en, in mindere mate, The Iron Giant, maar dit keer voor een groot deel aangevuld met elektronica. Het probleem met Kamens elektronica is niet alleen dat ze gedateerd overkomen, ook het gebruik in de context van de muziek is weinig geïnspireerd: met synthesizers worden de 'gaten' in de orkestpartituur opgevuld, op een manier die erg weinig ademruimte voor de motieven en thema's overlaat en inventiviteit op het gebied van orkestraties inruilt voor een relatief complexloze volle klank.

Kamen heeft wel degelijk een thema voor de film gecomponeerd, een thema dat gelijk aan het begin van de film wordt geïntroduceerd, maar jammergenoeg doet hij er verder weinig of niets mee. Nadat hij met het thema heeft uitgepakt gooit Kamen er algauw het orkestrale geweld van het hele symfonieorkest tegenaan en gaat voor effect in plaats van introspectie en probeert met zijn muziek op sommige momenten de wervelende actiescènes nog grootser en indrukwekkender te maken dan ze al zijn. Het gevolg is dat de drukdoende, allesbehalve subtiele muziek al heel gauw alle troeven op tafel heeft liggen en Kamen al na een half uurtje elk konijn dat hij in zijn mouw heeft zitten tevoorschijn heeft gehaald. Het enige wat dan nog rest is sneller en luider gaan, en dat doet hij met een hoge technische vaardigheid, maar met weinig emotionele betrokkenheid of passie.

De score van Kamen is op sommige momenten zo druk, dat het lijkt alsof Kamen een parodie aan het schrijven is. Als kijker word je getrakteerd op een enorme geluidsmuur, waar zelfs de personages - met al hun superhuman powers - moeilijk doorheen kunnen breken. Kamen maakt dat zijn bijdrage tot X-Men niet onopgemerkt voorbij kan gaan, zoveel is zeker, maar het was interessanter geweest als hij dat had gedaan met meeslepende thema's en boeiende orkestraties in plaats van met overbeklemtonende ratjetoe-muziek.