LEUVEN KORT

Verscheidenheid troef

Foto: Organisatie
Na tien dagen bijna onophoudelijk snorren vielen de filmprojectoren van Leuven Kort zondag weer voor een jaartje stil. De zevende editie was zowel qua omvang als impact de grootste tot nu toe. Meer dan vierduizend bezoekers zagen animatie, fictie en videoclips in alle maten en gewichten, zowel van eigen bodem als verre oorden.

Geen filmfestival biedt zoveel variatie en verrassing als een kortfilmfestival. Op een avond kan je zowel klein en experimenteel als groot en mainstream voorgeschoteld krijgen. Zelfs binnen een programma-onderdeel zijn de verschillen immens. Die brede waaier blijft een van de grote troeven van een festival zoals Leuven Kort. Mits het nodige puzzelwerk, krijg je op een week tijd een prachtige staalkaart van wat er zoal reilt en zeilt in het wereldje van korte fictie, animatie en videoclips. Leuven Kort bood het dit jaar allemaal, ondanks het pokkenweer, de verbouwingen aan het STUK en enkele technische problemen. Het publiek kwam wel. De ene avond meer dan de andere, maar met 4.200 toeschouwers werd het aantal van twee jaar geleden toch getopt. Zoals bekend moest Leuven Kort vorig jaar voor een keertje zijn heil zoeken in cyberspace.

Maar dit jaar was er dus een heus festival. Qua opkomst bleef de Vlaamse kortfilmcompetitie de topper. Dirk Belien kon met zijn nieuwe kortfilm Fait D'Hiver het aanwezige publiek het meest boeien en won de prijs van het publiek (een productiepakket van 400.000 BF). Belien draaide eerder al Jingle Bells en mocht met Straffe Koffie al in het voorprogramma van Titanic. Het zeven minuten durende Fait d'Hiver vertelt het relaas van een man die op een koude winteravond vast komt te zitten in de file en met zijn GSM zijn vrouw opbelt. Een daad die, zoals zal blijken, erg verstrekkende gevolgen heeft. De film, met In De Gloria-ster Tom Van Dyck in de hoofdrol en opgenomen op 35mm, was inderdaad een van de sterkste kortfilms die de wisselvallige competitie dit jaar rijk was.

De jury (met onder andere Vincent Bal, Kurt Vandemaele en Jan Verheyen) was het daar niet mee eens en gunde de 400.000 BF aan productiemiddelen aan Belgie-Turkije van Brecht Van Hoenacker. In die film volgen we de beslommeringen van de tiener Lex, die geen tickets heeft voor de voetbalwedstrijd Belgie-Turkije en thuis moet afrekenen met zijn zus, stiefpa en moeder. Enkel de muziek van Maria Callas kan hem tot rust brengen. Niet meteen ons kopje thee, maar wel goed dus voor de Prijs van de Jury. De Prijs voor het Beste Debuut (100.000 BEF) ging naar het visueel erg indrukwekkende Dialing the Devil van Toon Aerts, opgenomen op Betacam, waarin de protagonist zijn ziel verkoopt aan de duivel en zijn simpel leventje een dramatische wending ziet nemen. Onder meer festivalbekenden Christophe van Rompaey (met Oh my God?!) en Gert Embrechts (met Vincent) moesten met lege handen naar huis.

In de videoclipcompetitie sprong slechts één muzikaal nummer echt in het oog: Bananaqueen van Zita Swoon. Het kleinood van Neville Marcinkowski en Kim Goossens kon dan ook een beroep doen op leuke computeranimatie van fx-huis (en tevens producent) Imagination in Motion. De SABAM publieksprijs (70.000 BF) werd dan ook gemakkelijk binnengerijfd. Het zeer mager opgekomen publiek kon verder ook clips bekijken van onder meer Monza, Ozark Henry, De mens en Indiana.

De Europese kortfilmcompetitie was gelukkig van een hoger niveau. Verspreid over twee delen kreeg het Leuvense festivalpubliek leuke en ontroerende pareltjes te zien uit onder meer Oostenrijk, Engeland, Zwitserland, Spanje, Frankrijk, Wallonië en de Scandinavische landen. Het publiek kon het niet eens worden en daarom werd de Publieksprijs (100.000 BF van de stad Leuven) maar meteen in twee gedeeld. De helft blijft in het land en komt op de bankrekening van Fabrice Du Welz voor zijn Quand on est amoureux, c'est merveilleux. De rest verdwijnt met de noorderzon richting Finland voor de heerlijke tragikomedie Kovat Miehet (A Stone left unturned) van Maarit Lalli. In deze laatste kortfilm volgen we een hilarische, maar woordenloze vader-zoon relatie. De SACD Juryprijs (80.000 BF) gaat richting Oostenrijk voor Copy Shop van Virgil Widrich. Deze 12 minuten durende kortfilm vertelt het verhaal van een man, werkend in een kopiewinkel, die zichzelf zoveel keren kopieert tot hij de hele wereld bedekt.

België is het land van levende legende Raoul Servais (die op het festival trouwens zijn eigen special had), maar jammer genoeg bleek dat niet uit het niveau van de korte animatiefilms. Opvallend was dit jaar het gebrek aan een meeslepend verhaaltje. Veel te veel animatiefilmpjes laten zich voortdrijven op een bepaalde techniek zonder ook echt het hart aan te spreken of toch op z'n minst een emotie op te roepen. Pijnlijk voor een medium dat zoveel energie opslorpt. Vooral de computergeanimeerde kortfilms lijken hiervan het slachtoffer te zijn. Frodo Kuipers veegde dan ook alle concurrenten met gemak bij elkaar met zijn Antipoden om zo de prijs van het publiek (50.000 BF van de Vlaamse Gemeenschap) binnen te rijven. In de schitterende animatiefilm, die op het Internationaal Filmfestival van Gent de eerste prijs voor beste studentenfilm won, zien we hoe de wereld uit evenwicht geraakt wanneer aan de andere kant van de wereld een nieuwe bewoner zijn intrek neemt in een huis.

Onder de noemer Korte Fictie stofte de organisatie nog een aantal korte films buiten competitie op een hoopje. Vooral De Frigo van Wim Hertoghe, over een man die met de loterij een vreemde koelkast wint, maakte indruk. Jeroen Dumoulein stak een knappe vingeroefening in het horrorgenre in elkaar met Saturday Night Fear. In Kort & Goed trokken de opmerkelijkste kortfilms van 1998 tot 2000 nog eens voorbij de projector: onder meer Maria van Fien Troch, Charlotje van Lien Willaert en Gabriël van Renaat Coppens. Traditioneel keek Leuven Kort met Travaux en Court ook naar Wallonië. Dit jaar zaten er zes van hun beste kortfilms op het festival. Kinepolis vertoonde als gast vijf eigen producties: Straffe Koffie, De Kapster, De Feniks, Gabriël en Zoltan, het regiedebuut van Luc Wyns. Heel veel volk was er op de special rond Pieter Van Hees. In Bruxelles Mon Amour gaven Kaat Beels, Marc Didden en Peter Vandekerckhove elk op hun manier een visie op onze hoofdstad. De hoofdstad van de kortfilm blijft vooralsnog Leuven. Met volgend jaar hopelijk een Festival dat even veelzijdig en veelkleurig is als dit jaar. Met of zonder regen.