HEARTS IN ATLANTIS

Growing pains

Foto: Castle Rock
Tom Hanks, Tim Robbins, Morgan Freeman en nu ook Anthony Hopkins: het is voor de groten der aarde blijkbaar drummen geblazen om mee te doen in een Stephen King-verfilming. Het was ooit anders, maar sinds Castle Rock zich over het betere King-product heeft ontfermd, worden steevast meesterwerken afgeleverd. Ook nu weer, in dit schitterend coming-of-age verhaal vol weemoed, melancholie en nostalgie.

Niemand heeft ooit meer bloed, pijn en angst over pagina's en pelicule laten vloeien dan Stephen King, maar diep in hem schuilt een onverbeterlijke softie. Het beste bewijs leverde hij met de onovertroffen verhalenbundel Different Seasons uit 1984 (waar de verfilmingen Stand By Me, The Shawshank Redemption en Apt Pupil uit kwamen), maar wie Kings oeuvre met het juiste oog leest, weet dat het hart het voor King altijd al gehaald heeft van het monster. Door moed, vriendschap, opoffering, verbeelding en het hart van een leeuw hebben Kings protagonisten de gruwelijkste gedrochten overwonnen.

Met Hearts in Atlantis schreef King voor velen zijn beste boek uit de jaren negentig. In vier verhalen en een coda vertelde hij het relaas van een generatie wiens leven bepaald werd door de Viëtnam-oorlog. Die achtergrond liet William Goldman in zijn adaptatie helemaal vallen. Hij concentreerde zich op het eerste (en langste) verhaal van de bundel, Low Men in Yellow Coats, en schreef er het laatste, Heavenly Shades of Night Are Falling, als een kaderverhaal omheen. De titel van de verhalenbundel, Hearts in Atlantis, werd ook de titel van de film, maar het gelijknamige verhaal kreeg er dus geen plaats in. Volkomen verdedigbaar voor wie het boek las.

Hearts in Atlantis is het verhaal van Bobby Garfield (David Morse), een fotograaf van middelbare leeftijd die tijdens de begrafenis van een jeugdvriend in Harwich terugdenkt aan 1960, het jaar dat hij elf wordt en de laatste zomer van zijn jeugd aan hem voorbij trekt. Het is de zomer van zijn vriendschap met Sully en Carol, het meisje waar hij verliefd op is; de zomer waarin hij nog steeds rouwt om zijn overleden vader; de zomer waarin zijn moeder steeds verder van hem weg groeit; maar ook de zomer waarin een vreemde man op de tweede verdieping van hun huis komt wonen. Zijn naam is Ted Brautigan (Anthony Hopkins) en hoewel Bobby's moeder hem niet vertrouwt, voelt Bobby meteen grote sympathie voor hem.

Ted Brautigan is de man die Bobby leert in hoeverre goede boeken en films je leven kunnen bepalen. Hij leert Bobby over leven en liefde en voorspelt hem dat hij en Carol binnenkort hun eerste kus zullen delen, een kus waarmee hij al zijn latere kussen zal vergelijken. Ted betaalt Bobby zelfs een dollar per week om voor te lezen uit de krant. Met die dollar wil Bobby de fiets van zijn dromen kopen. Maar terwijl de zomer stilaan in herfst dreigt over te gaan, onthult Ted ook zijn geheim. Hij is op de vlucht voor wat hij de Lage Mannen noemt. Ze zitten achter hem aan omdat hij een gave heeft. Een gave die hem in staat stelt om deuren naar de toekomst te openen.

Wie zijn de Lage Mannen? In het boek wordt het duidelijk dat Ted een zogenaamde Breker is, op de vlucht uit een wereld die King-lezers kennen als de Donkere Toren. De film laat die intertekstualiteit begrijpelijkerwijze volledig vallen en suggereert dat de Lage Mannen FBI-agenten zijn. Maar wie de schaduwrijke schimmen ook voor Ted zijn, in beide gevallen betekenen ze voor Bobby het einde van zijn onschuldige jeugd. Ted is voor Bobby de man die hem de ogen heeft geopend voor de wijde wereld. Niet de wereld van de kommerloze jeugd die lijkt op wat het verloren Atlantis ooit geweest moet zijn, maar de wereld waarin harten breken. Die breken ook in de film. De zomer die voor Bobby nooit leek te eindigen, dooft uit in mineur.

Regisseur Scott Hicks werd in 1996 de hemel in geprezen voor Shine en maakte in 1999 nog Snow Falling on Cedars. Hij wilde voor Hearts in Atlantis vooral gevoel en sfeer naar boven halen en deed daarvoor een beroep op cinematograaf Piotr Sobocinski, die de broeierige zomer van 1960 perfect door zijn lens haalt. Het zou meteen zijn laatste film worden, want Sobocinski stierf in maart vorig jaar op 43-jarige leeftijd. Met Hearts in Atlantis laat hij een testament achter dat kan tellen. Net als Stand By Me zit deze prent vol melancholie, weemoed, nostalgie en magie. Dat resulteert in onvergetelijke scènes als de eerste kus van Bobby en Carol op het reuzenrad of het verhaal dat Ted aan Bobby vertelt over de legendarische football-speler Bronko Nagurski, de oude krijger die tegen alle verwachtingen in de Chicago Cardinals versloeg.

Nog voor zijn release werd Hearts in Atlantis naar voren geschoven als een grote kandidaat voor de oscars: het verzamelde talent van Hicks, Goldman en Hopkins zou wel voor de nodige beeldjes zorgen. Uiteindelijk bleek de film het te moeten stellen met geen enkele nominatie. Té klef, zo oordeelde de Amerikaanse critici bijna volledig in koor, té stroperig. En toegegeven: Hicks en Goldman laten geen truc ongebruikt om de gevoelige snaar te raken. Decor, muziek, acteurs en verhaal staan in dienst van de emotie, het gevoel. Wat ons betreft is dat perfect gelukt. Hearts in Atlantis balanceert bijna voortdurend tussen de lach en de traan, maar op het einde blijft vooral een onverklaarbare somberheid hangen. Onschuld wordt schuld, zomer wordt herfst, jeugd wordt herinnering. En harten breken.

Titel: Hearts in Atlantis
Genre: Drama
Speelduur: 1u41
Regie: Scott Hicks
Acteurs: Anthony Hopkins, Anton Yelchin, Hope Davis, Mika Boorem