SPIRITED AWAY

Interview Toshio Suzuki

Foto: Disney
Producenten: vaak zijn het de grote boemannen op de filmset. Ze verhinderen de creatieve regisseur door nauwgezet het budget in het oog te houden en soms verkrachten ze een meesterwerk door na de opnames nog verplichte cuts te eisen. De producent als sparringpartner dus. Althans volgens de regisseur. Terwijl acteurs en nu en dan ook regisseurs met alle pluimen gaan lopen, zijn het vaak de producenten die achter de schermen de grote financiële gevechten moeten leveren en die ook vaak jarenlang een project koesteren tot de planeten netjes op één lijn staan. In sommige gevallen groeit een regisseur-producent team uit tot een goed geoliede machine, klaar om de geschiedenisboeken in te gaan. Het team Miyazaki-Suzuki is daar een prachtige voorbeeld van.

(Van onze redacteur in Japan)

De in 1948 geboren Toshio Suzuki richtte in 1985 samen met levende animatielegende Hayao Miyazaki en Isao Takahata na het succes van Nausicaä of the Valley of Wind Studio Ghibli op. Laputa: The Castle in the Sky werd de eerste film van de nu reeds legendarische firma. Studio Ghibli en Miyazaki waren reeds jarenlang bij het animatieminnend filmpubliek gekend en geliefd, maar kwam pas enkele jaren geleden in de grote schijnwerpers te staan toen Princess Mononoke alle records in Japan verpulverde. Disney, waar Ghibli niet graag mee vergeleken wordt, sloot een verbond met de Japanse firma en verdeelde Princess Mononoke in de rest van de wereld. Terwijl ze veel te lang wachten met de rest van Ghibli's werk op grote schaal te verdelen, hebben we nu wel het geluk dat Miyazaki's laatste parel, Spirited Away (Sen no Chihiro no Kamikakushi), ongeveer een jaar na de Japanse release ook bij ons te zien is.

We hadden twee maand voor die Japanse release het grote privilege om een exclusief interview te hebben met de producent, Toshio Suzuki. We spraken samen met een tolk (die tevens ook PR-verantwoordelijke was en instond voor de internationale verkoop) af in een geluidsstudio hartje Tokyo, om voor de traditionele Japanse lunch even bij te praten over het succes van de studio.

MOVIE: Laat ons beginnen met uw achtergrond. U hebt een tijdje gewerkt als editor bij een animatiemagazine, Animage. Kunt u iets meer vertellen over die tijd en hoe u daarna bij Ghibli bent terechtgekomen?

TOSHIO SUZUKI: Zoals je reeds vermeldde werkte ik als editor voor Animage, maar uiteindelijk belandde ik na enkele jaren in de animatiefilm. Nausicaä was de eerste film waar ik aan werkte, maar dat was toen nog niet bij Ghibli. Isao Takahata en Miyazaki zijn in de industrie gekend als mensen die animatie van een heel hoge kwaliteit afleveren. Maar ze zijn ook heel berucht omdat ze heel wat tijd en geld gebruiken (lacht). Daarom wilden niet veel studio's met hen werken en dus besloten ze dan maar om hun eigen studio op te richten. En zo is Studio Ghibli tot stand gekomen. In het begin bestond de studio uit Mr. Takahata, Mr. Miyazaki en ikzelf. En de financiëring gebeurde door Tokuma Shoten. Mijn rol als editor bleef hetzelfde. Tijdens de dag werkte ik in Studio Ghibli en 's avonds ging ik terug naar Tokuma om er als editor te werken.

MOVIE: Wat was het idee achter en de motivatie om de studio te creëren, of was het enkel omdat niemand nog met hen wilde samenwerken?

TOSHIO SUZUKI: Het basisidee achter de oprichting van een bedrijf is geld verdienen. Maar dit bedrijf is niet opgericht om geld te verdienen, maar om goeie films te maken. Dus in het begin dachten we er aan om er na drie films mee te stoppen. In die tijd geloofden we namelijk dat na het maken van drie films de menselijke relaties tussen ons zouden veranderd zijn. Of dat de motivatie zo verminderd zou zijn, dat we niet dachten dat je kon verder gaan en verder goede films kon maken voor een lange periode. Na Nausicaä maakten we dus Laputa: The Castle in the Sky, My Neighbor Totoro, Grave of the Fireflies en Kiki's Delivery Service. Telkens we een film maakten, verzamelden we mensen en na de productie gingen die weer weg. Na Kiki zaten we samen om te discussiëren of we het bedrijf zouden verder zetten of stoppen. Als we zouden verder doen, zouden we mensen moeten inhuren als vaste werknemers in plaats van als tijdelijke medewerkers. En anders moesten we er maar mee stoppen. Na een lange discussie besloten we om er mee verder te doen.

MOVIE: Het was waarschijnlijk een groot risico om alleen lange animatiefilms te maken, want de meeste studio's maken alleen goedkope tv-series.

TOSHIO SUZUKI: We geloven dat de twee zaken om succesvol te zijn in de filmwereld de volgende zijn: ten eerste is de inhoud van de film belangrijk en de tweede de distributie. We beseften dat als we goed konden zijn in die twee aspecten, dat we konden verder doen. Als je het belang van het bedrijf hoger plaatst dan zou je die optie kunnen nemen, namelijk het maken van goedkope televisieproducties. Maar wij hechten meer belang aan het werk zelf, de film zelf. En daarom hebben we besloten om die weg in te slaan. Als gevolg is studio Ghibli een uniek bedrijf geworden, niet alleen in Japan maar misschien in de hele wereld. We maken namelijk alleen maar featurefilms. Maar ik heb ook het gevoel dat als we zouden falen met zelfs maar één film, dat we dan zouden moeten stoppen. Daarom zeg ik altijd dat het een risico is om een film te maken, juist door dat unieke systeem dat we hebben. Na Kiki hadden we dus zoals ik reeds gezegd heb een discussie. Toen was ik het die wou verder doen, maar Mr. Miyazaki wou ermee stoppen. Na Princess Mononoke hadden we dezelfde discussie en toen was ik het die wou stoppen en Mr. Miyazaki die wou verder doen. Die verschillen in mening zijn misschien wel de reden waarom we dus nog steeds verder doen.

MOVIE: Princess Mononoke was toch een enorm succes. En toch wou u er daarna mee stoppen?

TOSHIO SUZUKI: Mr. Miyazaki werd toen 60 jaar, nu is hij al een stuk ouder. En ik dacht dat hij dus misschien wel wou stoppen. En ik ben ook reeds heel lang een producent voor Mr. Miyazaki's films en ik word vermoeid! Het is 23 jaar geleden dat ik hem voor het eerst heb ontmoet. Ik ontmoette hem toen ik 29 was. Ik zeg nu vaak tegen Mr. Miyazaki: geef me alstublieft mijn jonge dagen terug. (lacht)

MOVIE: U zei dat u een uniek bedrijf bent, niet alleen in Japan maar ook wereldwijd. Er is een ander groot bedrijf dat feature films maakt. Kan u zich daarmee vergelijken? Ik weet dat Mr. Miyazaki niet echt van Disney houdt...

TOSHIO SUZUKI: In welke zin?

MOVIE: Disney maakt films voor de hele wereld, maar niet erg specifiek voor het Amerikaanse volk. De films van Ghibli daarentegen zijn heel specifiek op de Japanse markt gericht. Als je niet specifiek mag zijn, moet het iedereen aanspreken.

TOSHIO SUZUKI: Ik ga met je akkoord. Ik zal je een antwoord op je vraag proberen te geven. Zoals je weet hebben we nu een relatie met Disney, en ik ben gaan praten met Peter Schneider het hoofd van de studio, en ook met Tom Schumacher. Ik heb vaak de gelegenheid gehad om met hen te praten. En ze hebben me allebei gezegd dat ze Mr. Miyazaki en mezelf benijden, want ze zeiden dat ze als het hoofd van Disney enkel familiefilms konden maken, en dat die voor heel de wereld moesten dienen. Maar dat wij zoveel vrijheid hebben om een film te maken die we willen maken en daarom benijden ze ons.

MOVIE: Is het geen beperking dat jullie alleen het Japanse volk als doelpubliek nemen?

TOSHIO SUZUKI: Omdat we Japanners zijn, kennen we niet veel van buiten Japan. We maken altijd films voor het Japanse publiek. Maar het blijkt nu dat de films ook andere mensen aanspreken. We beperken dus niets, maar we kennen alleen het Japanse publiek en daarom richten we ons daar op.

MOVIE: Zullen jullie zo blijven verder werken?

TOSHIO SUZUKI: Ja.

MOVIE: Eén van de interessante zaken aan jullie films is dat je verhalen op meerdere lagen hebt. Het is complex. Je hebt heel wat karakters, heel wat ideëen. Wat mij heel sterk opviel hier in Japan is dat je een heel interessante contradictie hebt: je heb aan de ene kant heel high tech zaken en aan de andere kant traditie en oude waarden. En die zijn niet echt gescheiden maar zijn door elkaar verweven.

TOSHIO SUZUKI: Het is altijd mijn wens dat de film door zoveel mogelijk mensen wordt gezien. Maar ons hoofdreden om dergelijke creatieve films te maken is dat het een film is die we willen maken. Dus wanneer de tijd zou komen dat we een film zouden maken die wij willen maken, maar dat het publiek niet meer wilt zien, dat is misschien het ogenblik dat we zullen stoppen.

MOVIE: Princess Mononoke heeft veel te maken met de natuur. Hoe is het dan eigenlijk mogelijk dat het zo'n groot succes is? Er zijn hier zoveel gigantische steden met heel wat gebouwen en beton. Willen mensen terug naar de natuur? Waarom zijn ze er zo in geïnteresseerd?

TOSHIO SUZUKI: Ik weet niet of je dit weet, maar de ratio van bomen ten opzichte van het landoppervlak is nog steeds de hoogste in de wereld. 70 procent of zo. Japanners zijn dus altijd dicht bij bomen of een woud. Er zijn dus al heel wat films gemaakt die gelinkt worden met de natuur of het woud. De televisieserie Heidi, gemaakt door Miyazaki en Takahata bijvoorbeeld. Het thema van die serie was ook een meisje omringd door de natuur. Dus eigenlijk hetzelfde thema. Het is dus waar dat Miyazaki en Takahata films hebben gemaakt die handelen over natuur en het woud. En Japanners houden nu eenmaal van een dergelijke thema. Eén van de sterke thema's van Princess Mononoke was duidelijk het nadenken over het redden van het woud. Dat is één van de redenen waarom de film zo succesvol was. De boodschap was hierin het sterkste van alles wat we tot nog toe hadden gedaan.

MOVIE: Wie komt met de ideëen af voor de films?

TOSHIO SUZUKI: Bij Ghibli is het meestal Mr. Miyazaki die met de meeste ideëen afkomt. En van al zijn ideëen ga ik soms akkoord, of weiger ik. Wij zijn nu momenteel druk bezig aan een film (Spirited Away) die in juli zal gereleased worden. Voor deze film stelde Mr. Miyazaki bij het begin voor om een personage van 20 jaar in de hoofdrol te casten. En dat heb ik verworpen. En toen hebben we er een 10-jarig kind van gemaakt.

MOVIE: Waarom?

TOSHIO SUZUKI: Mr. Miyazaki is nu meer dan 60 jaar oud en als hij als oude man een film zou maken over een jong meisje, dan zou dat niet realistisch overkomen. Maar een 10 jaar oud kind is voor hem net als een kleinkind. Voor mij is het logischer, komt het realistischer over om een 10-jarig meisje te tekenen in plaats van een 20-jarige.

MOVIE: Is het altijd Mr. Miyazaki en Mr. Takahata die de films geregisseerd hebben en zal dat zo blijven?

TOSHIO SUZUKI: Mr. Takahata is zelf nog ouder. Dus ik plan wel om iets te maken met jongere regisseurs. Maar nu zit ik in de problemen. Ik ken hen (Miyazaki en Takahata) en heb met hen gewerkt gedurende 20 jaar. Van het volgend project waar we aan werken is de regisseur 33 jaar oud of zo. En ik heb reeds gedurende een half jaar discussies met hem, maar het gaat niet goed. Dus ik ben geen producent meer. Ik laat nu de jonge producenten werken met de regisseurs. Het is helemaal niet interessant om met hen te praten.

MOVIE: Dus dit was uw laatste film als filmproducent?

TOSHIO SUZUKI: Neen, neen. Ik werk enkel niet met die jonge regisseur. Ik ben ook oud (lacht). Mr. Miyazaki en ik zijn reeds met de volgende volgende film gestart. En ik spreek ook met Takahata over een kortfilm.

MOVIE: Zoals Pixar dus.

TOSHIO SUZUKI: Inderdaad.

MOVIE: Hoeveel animatoren werken er bij Ghibli?

TOSHIO SUZUKI: Ongeveer 150, maar niet alleen animatoren.

MOVIE: Hoe animeren ze? Is het hetzelfde systeem als in de Verenigde Staten, of hebben ze een ander systeem?

TOSHIO SUZUKI: Totaal verschillend. Het is zeer ingewikkeld om uit te leggen, maar er is één heel belangrijk punt. In de States tekent één animator slechts één karakter. Bij Disney noemt men dit het Character System. Maar in Japan tekent een animator een volledige sequentie. Heb je Tarzan gezien? Het karakter van Tarzan was getekend door een heel beroemde animator, Glenn Keane. Dat karakter is zeer goed, maar het karakter van het meisje dat is getekend door een animator die niet zo goed is. Het was dus niet overtuigend voor mij dat de levendige aantrekkelijke Tarzan en die niet zo goed bewegende, niet levendige vrouw op elkaar zouden verliefd worden.

MOVIE: De continuïteit moet dan toch zeer moeilijk zijn.

TOSHIO SUZUKI: De continuïteit wordt gecontroleerd door Miyazaki, dat is één van zijn belangrijkste taken: er voor zorgen dat je een film hebt met hetzelfde karakter. Dat is het belangrijkste punt. Er is nog een tweede punt. Mensen zijn misschien vergeten of hebben het verkeerd begrepen, maar Walt Disney was niet echt een regisseur, maar eerder een soort producent. Hij animeerde zelf niet. Hij liet de animatoren tekenen, verzamelde alles en besliste hoe hij het zou gebruiken. Maar hij deed de animatie zelf niet. Maar Miyazaki tekent alles zelf. Dus Walt Disney laat de animatoren tekenen en haalt er enkel de goede uit, maar Miyazaki tekent alles zelf. Hij tekent storyboards. Hij tekent natuurlijk niet elke cell, maar wel de storyboards, de basis van de animatie. Dat is het grote verschil tussen Walt Disney en Mr. Miyazaki. Bij Disney werken ze nog steeds zo. Peter Schneider en Tom Schumacher gebruiken hetzelfde systeem. Bij studio Ghibli is het het idee van één persoon, en iedereen gaat dan werken aan dat idee. Dat is de stijl die wij hebben. Bij Disney is het iedereens idee, maar één persoon kiest. Dat zijn dus de twee grote verschillen tussen Disney en Ghibli.

MOVIE: Het is meer een teamwork dan bij Disney.

TOSHIO SUZUKI: (lange stilte) Ik ben niet zeker of wij meer teamwork hebben dan zij, want ze werken ook als een team, maar we hebben wel aan ander soort samenstelling van de teams. In Japan is het heel duidelijk: de regisseur heeft de macht. In de States heeft de persoon die het hoofdkarakter tekent de macht.

MOVIE: Jullie zijn ook begonnen met het gebruik van de computer. Waarvoor gebruiken jullie het? Enkel maar om cellen in te kleuren of ook voor 3d animatie?

TOSHIO SUZUKI: Allebei. Ink & Paint is één tool en sommige expressies van karakters zijn ook met computer graphics gemaakt.

MOVIE: De figuren ook?

TOSHIO SUZUKI: Het is heel moeilijk om in woorden uit te leggen. We gebruiken soms CG om perspectief te krijgen, meer diepte, maar dan lijkt het dat het met de hand gemaakt is.

MOVIE: Ik heb het alvast niet in Mononoke gezien.

TOSHIO SUZUKI: Dat is de truc. We gebruiken daar CGI maar we zorgden er altijd voor dat het op 2D-animatie lijkt. Onze belangrijkste strategie is om nooit zomaar CG te gebruiken, maar om ervoor te zorgen dat het heel natuurlijk is, alsof het met de hand getekend is.

MOVIE: In Beauty & The Beast heb je bijvoorbeeld de balzaal scène in CG.

TOSHIO SUZUKI: Ik hou helemaal niet van die scène. Herinner je je die openingsscène waarbij Belle naar buiten komt en water gaat halen. Wel, in dat stuk is de computer gebruikt om de camerabeweging te maken. Maar dat vond ik dus dan weer wel heel erg goed. Dat was een revolutie, heel slim, en ik werd erdoor verrast. En dat is iets wat Walt Disney altijd wilde. Bij Disney werd een machine uitgevonden, de multiplane, om diepte te krijgen.

MOVIE: Terwijl u daarjuist aan de telefoon was hadden we het over merchandising. Het begon na Totoro?

TOSHIO SUZUKI: We zijn dat op heel kleine schaal gestart in 1983, we zijn dan in de jaren 90 op een grotere schaal begonnen en de grote reden was de gevulde pop uit Totoro.

MOVIE: Heel wat Amerikaanse films zijn rond merchandising gemaakt. "Dit zou een leuke pop kunnen worden, laten we het in de film steken."

TOSHIO SUZUKI: Wij maken eerst de film. Als daarna blijkt dat een bepaald karakter uit de film het goed zou doen in merchandising dan doen we het. Maar wij maken geen films voor de merchandising.

MOVIE: Zijn er zaken van Princess Mononoke? Ik weet dat er een boek is.

TOSHIO SUZUKI: We hebben een heel klein beetje. In die tijd waarschuwde ik reeds de persoon die de leiding had over merchandising. ik vroeg hem om één product te maken, het masker. We maakten het, maar het deed het niet zo goed (lacht).

MOVIE: Wat zijn de plannen van Ghibli? Waar gaan jullie naartoe?

TOSHIO SUZUKI: Ik kan alleen denken aan het product waar ik momenteel aan het werken ben. Mijn eerlijke mening? Wat ik het liefst wil bij Ghibli is iemand die de studio kan leiden. Ik wil daarvoor iemand inhuren. In mijn droom vecht ik met die persoon. Ik maak wel de film, maar toch vecht ik met hem. Dat is mijn droom. Ik werd door één van de topmensen van Disney gevraagd: doe je het management van de studio, of doe je de productie van de studio? En op een dag nam hij me mee naar de Disney Feature Animation studio en gaf hij me een rondleiding en ik onmoette alle soorten menen, van marketing tot productie. En uiteindelijk zei hij: ik heb je rondgeleid en je hebt al die mensen ontmoet, van marketing tot productie en door te kijken naar u terwijl je hen ziet weet ik aan welke kant je staat. Uw gezicht veranderde toen je de productiemensen ontmoette, dus je moet aan die kant staan. Dus wil ik iemand die mijn studio kan leiden.

MOVIE: Jullie deden ook iets met televisie?

TOSHIO SUZUKI: Het heet Ocean Waves. Het was eenmalig.

MOVIE: Jullie doen zoiets niet meer?

TOSHIO SUZUKI: Als de condities goed zouden zijn. In Japan kan je geen grote budgetten krijgen, dus kunnen we geen goed kwaliteitsfilms afleveren.

MOVIE: Hoe moeilijk is het om hier mensen te vinden die goed kunnen animeren?

TOSHIO SUZUKI: In heel Japan zijn er 2000 mensen die in studio's werken, maar er zijn maar 500 animatoren. Waarvan er maar 50 goed zijn. Veel van hen zijn free-lance omdat ze zo goed zijn en altijd willen doen wat ze zelf willen doen. Ze willen niet gebonden zijn aan een studio.

MOVIE: Jullie werken ook aan een museum. Wanneer zal het klaar zijn?

TOSHIO SUZUKI: In oktober.

MOVIE: Waar gaat het over? Over animatie van Ghibli of alleen van Miyazaki?

TOSHIO SUZUKI: Het museum bevat nieuw werk van Mr. Miyazaki. Het zal dus altijd in de progress stage zitten. Meestal staat er in een museum kunst uit het verleden, maar ons museum toont het heden of de toekomst.

MOVIE: Ik geloof dat er speciale werken gemaakt zijn voor het museum?

TOSHIO SUZUKI: Het gebouw zelf is ontworpen door Mr. Miyazaki en is dus uniek. En er zijn heel wat kamers. Als je rondgaat en naar elke kamer gaat, kan je verstaan hoe animatie werkt. Elke kamer vertegenwoordigt een stadium. En elke kamer is op zich een werk.