Het fenomeen Martin Scorsese, de astmatische zoon van Italiaans-Amerikaanse ouders, groeide op voor het televisietoestel van een New Yorks flatje. Het jongetje wou priester worden, maar faalde toen hij op zijn 16e naar het seminarie ging. Daarom keerde hij terug naar zijn passie, de cinema, en werd hij maar filmmaker, maar dan wel serieus beïnvloed door de katholiek-christelijke moraal. Dit is zo'n beetje het geliefkoosde verhaal van Scorseses biografen. Hoe geromantiseerd deze informatie soms ook is, wat vaststaat is dat Scorsese sinds begin de jaren '70 tot nu enkele van de allergrootste films op zijn palmares heeft staan. Samen met enkele andere piepjonge afgestudeerde filmmakers (met illustere namen zoals Coppola, Spielberg en Lucas) bracht hij een ware beeldenstorm - letterlijk en figuurlijk - teweeg in de jaren '70-cinema. Niet alleen omwille van hun verschijning, maar ook van hun vroegrijpe gaven als cineast, noemde men deze generatie niet voor niets de bearded kids van Hollywood (Zeer boeiend hierover is het boek 'Easy Riders, Raging Bulls' van Peter Biskind). Marty - voor de vrienden - is verantwoordelijk voor Grote Cinema zoals Taxi Driver (1975), Raging Bull (1980), The Last Temptation of Christ (1988) en Casino (1995). Logisch dus, dat telkens hij een nieuwe film uitbrengt, de verwachtingen hoog zijn.
Gangs of New York, een epos met een budget van 100 miljoen euro, die een whopping 3 uur duurt, leent zich bijzonder goed voor torenhoge verwachtingen. Zorgvuldig werd elk detail van de film geheimgehouden en gaf producent Miramax slechts met mondjesmaat informatie aan de pers. Ook in België was dit niet anders, zoals persvisies van enkel het eerste half uur illustreren. Wat wel op voorhand bekend was, waren de crew en cast. Geen duo De Niro-Pesci ditmaal, maar wel jonge god Leonardo di Caprio en de onbetwistbare nummer één als het op method acting aankomt, Daniel Day-Lewis. Gemiddeld heeft de Ier drie jaar nodig om een rol terug helemaal uit zijn lijf te krijgen. Kun je nagaan. Day-Lewis speelde een tiental jaar geleden al eerder de hoofdrol in een Scorsese-film: The Age of Innocence. De bevallige Cameron Diaz is love interest van dienst.
Typisch Scorsese is dat hij steeds dezelfde mensen uitkiest voor de filmploeg. Sommigen, zoals editor Thelma Schoonmaker, director of photography Michael Ballhaus of productie-designer Dante Ferretti werken al tientallen jaren met hem samen. Ondanks deze hechte groep, zijn er toch heel wat moeilijkheden geweest vooraleer de film af was. Scènes moesten opnieuw gedraaid worden, het budget werd overschreden, de Miramax-bonzen eisten van Scorsese dat hij zijn film danig verkortte, enz. Het duurde sowieso al een stevig tijdje vooraleer alles opgenomen was. Scorsese, met zijn legendarische obsessie voor details en perfectie, besloot immers om het negentiende-eeuwse New York na te bouwen in de al even legendarische Italiaanse Cinecittá-studio's. Het resultaat is navenant: de sfeerschepping is ongelooflijk overweldigend. De eerste vijf minuten van de film doen veel denken aan die van Casino: zwierige camerabewegingen en veel snelle close-ups, gevolgd door een majestueuze 'ontploffing' van een totaal shot.
1848: we zijn getuige van een memorabele knokpartij tussen de bende van de Ierse priester Vallon en die van Bill 'the Butcher' Cutting, een 'native' (iemand die al in Amerika woonde vóór de eerste Ierse migratiegolf). Je voelt de broeierige spanning, de zenuwen van het met knotsen - géén vuurwapens, te gevaarlijk - gewapende schorremorrie. De actie breekt letterlijk open wanneer de twee bendes mekaar als hondsdolle maniakken te lijf gaan op het centrale plein. Bagaar, met een grote B. Onze kennismaking met Cutting is ronduit hilarisch: hoewel hij tot de tanden bewapend is, doen zijn gestreepte broek en nar-achtig mutsje hem meer denken aan een dandy avant la lettre. Uiteindelijk verliest priester Vallon: hij wordt vermoord voor de ogen van zijn zoon. Cutting verbiedt voortaan de bende van de priester en verklaart zichzelf leider van de buurt rond Five Points, laat ons zeggen een gore havencôté.
Tot zover het uitgangspunt. Een weinig belicht facet van de Newyorkse geschiedenis, een periode waarin het recht van de sterkste zijn stempel heeft gedrukt op de manier waarop de verschillende bevolkingsgroepen vandaag in de grootstad samenleven. Het verhaal begint vijftien jaar later: Amsterdam Vallon (di Caprio), zoon van de priester, vertrekt uit het opvoedingsgesticht waar hij opgroeide, en maakt incognito zijn opwachting in Five Points. Hij heeft één doel voor ogen: bloedwraak.
Het blijft prachtige scènes regenen terwijl Amsterdam zich in de buurt van Cutting probeert te werken, maar na een uurtje begint het pijnlijk duidelijk te worden dat de plot niet veel voorstelt. Gangs of New York verrast immers enkel door beelden, maar nooit door gewiekste plotwendingen. Van begin tot einde is alles duidelijk en zie je de plotwending-buien al een kwartier op voorhand hangen. En deze film, die inderdaad de perfectie qua beeld benadert en waarin uitmuntend geacteerd wordt, verdient een dergelijke plot. Niet alleen de hoofdplot, maar ook het obligaat liefdeszijspoortje schiet schromelijk te kort: té voorspelbaar, te makkelijk. Schoon koppel toch, zou u denken, maar zelfs de vonk tussen di Caprio en Diaz blijft spijtig genoeg uit.
Martin Scorsese heeft weer eens diep in zichzelf gegraven door dit met de geschiedenis van New York te doen en hiervoor verdient hij op zich al veel lof. Dat hij trouw blijft aan de 'echte' manier van filmmaken door eventjes New York in 't klein minutieus na te bouwen en er twee jaar filmt: respec' .Dat hij wel degelijk zeer meesterlijk een drie uur durend waardevol document over New York heeft gemaakt, zal hem als cinematografische tijdskronieker wederom bevestigen. Maar dat hij door al dit nobels in feite iets fameus belangrijks is vergeten - het creëren van een beeld verhaal - maakt dat Gangs of New York mist wat bijvoorbeeld Taxi Driver en Raging Bull wél hebben. Vintage Scorsese, zeker en vast. Een krachtig begin, maar een flauwe afdronk en gewoon te weinig body. Een slecht jaar: het kan altijd gebeuren.
Genre: Drama
Speelduur: 2u48
Regie: Martin Scorsese
Acteurs: Leonardo DiCaprio, Daniel DayLewis, Cameron Diaz, Jim Broadbent