Castle Rock Entertainment heeft de voorbije jaren een reputatie opgebouwd wat Stephen King-verfilmingen betreft. Terwijl andere maatschappijen exact die boeken met het grootste monstergehalte probeerden te verfilmen, liet de vuurtoren steevast zijn licht schijnen op de verhalen met een hart: Misery, Needful Things, The Shawshank Redemption, Dolores Claiborne, The Green Mile en Hearts in Atlantis behoren dan ook één voor één tot de beste King-verfilmingen. Geen wonder dan ook dat de grootmeester er alle vertrouwen in had toen Castle Rock zijn roman Dreamcatcher wou verfilmen. Voor het symbolische bedrag van 1 dollar gaf hij de rechten uit handen. Kings vreugde moet alleen maar toegenomen zijn toen bekend werd dat Lawrence Kasdan en William Goldman het scenario zouden schrijven. Kasdan is de oerdegelijke regisseur van onder meer The Big Chill, Wyatt Earp en Silverado, schreef mee aan The Empire Strikes Back en The Raiders of the Lost Ark; terwijl Goldman één van Hollywoods beste scenarioschrijvers en scriptdokters is, en met Misery en Hearts in Atlantis bewezen had een King-adept te zijn.
Het spreekt voor zich dat King-fans dus erg veel van de film verwachtten. Dreamcatcher had immers een speciale waarde voor hen. Het was het eerste boek van Stephen King na zijn intiem gesprek met de Dood in juni 1999, het boek dat King ondanks helse pijnen volledig met de hand had geschreven en dat vreemd genoeg een soort synthese of afronding werd van zijn eerder werk. Het eerste uur van de totaal ondergesneeuwde film lijkt die hoge verwachtingen in te lossen. Net als in het boek maken we in een knappe proloog kennis met de vier protagonisten, die een soort telepathische band met elkaar lijken te hebben. Het viertal - alcoholist Beaver, autoverkoper Pete, psychiater Henry en geschiedenislector Jonesy - sukkelt in een midlifecrisis, maar besluit toch af te spreken voor de jaarlijkse jachtpartij in de Hole in the Wall, een blokhut die diep in de bossen verscholen ligt.
Aanvankelijk lijkt alles volgens plan te verlopen, tot een oude, zieke man de blokhut binnenstrompelt. Op zijn huid heeft hij verschroeide plekken en in zijn lichaam groeit een virus dat buitenaards zal blijken te zijn. In een memorabele toiletscène komen de vrienden oog in oog te staan met een alienachtig strontmonster. Intussen zijn de poppen aan het dansen gegaan: het hele gebied is in quarantaine, want enkele kilometers verderop is inderdaad een vijandig ruimtetuig gecrasht. Kolonel Abraham Curtis (Morgan Freeman) en zijn kompaan Owen Underhill (Tom Sizemore) proberen via een militaire operatie (die de nodige machtsstrijd met zich meebrengt) de buitenaardse invasie tegen te houden, maar de vier vrienden beseffen dat hun oude jeugdvriend Duddits (Donnie Wahlberg) de enige persoon is die de aarde van de ondergang kan redden. Maar Duddtis is stervende aan leukemie, dus de tijd dringt.
Het bewerken van Dreamcatcher moet Lawrence Kasdan (die ook regisseerde) en William Goldman voor enorme problemen gesteld hebben. Enkele daarvan hebben ze puik opgelost, andere problemen hebben hen regelrecht de das omgedaan. Eerst maar even de positieve punten aanhalen. Voor wie er mocht aan twijfelen: Lawrence Kasdan kán filmen. Niet alleen bewijst hij dat al met zijn vorige films, maar ook in Dreamcatcher zitten stukken die zijn talent bevestigen. De flashbacks waarin we meer te weten komen over de relatie tussen de vier vrienden en Duddits zijn bijvoorbeeld bijzonder geslaagd. Natuurlijk roepen ze herinneren op aan Stand By Me en It (in de roman wordt het verband met dat laatste boek expliciet gemaakt), maar Kasdan brengt ze met een visuele flair in beeld. Stukje bij beetje wordt duidelijk dat Duddits, die aan het syndroom van Down leidt, de oorzaak is van de psychische band die de vier vrienden met elkaar hebben, én dat de arme stakker op de een of andere manier de komst van de aliens voorzien heeft. Ook heel erg knap is de manier waarop de makers de zogenaamde geheugenbibliotheek van Jonesy wisten te visualiseren. Wanneer Jonesy in de loop van het verhaal bezeten geraakt door een buitenaards wezen, sluit hij zich op in zijn eigen geheugen, dat letterlijk als een immense bibliotheek aan herinneringen wordt voorgesteld. We zien Jonesy voortdurend in de weer met dozen en pakken die belangrijke herinneringen bevatten en die hij voor zijn tegenstander verborgen probeert te houden.
Maar hier stuiten we meteen op Dreamcatchers grootste manco: dit idee wordt onvoldoende uitgewerkt, net als alle andere ideeën in de prent. Wie een knoert van 700 bladzijden in een film van twee uur wil proppen, moet keuzes maken. En die keuzes konden Kasdan en Goldman duidelijk níet maken, met als gevolg dat de film een opeenvolging wordt van scènes die amper zijn uitgewerkt, niet logisch zijn en nooit verklaard worden. Wat is bijvoorbeeld de functie van de dromenvanger in dit alles? Waarom hebben de aliens (die duidelijk met duizenden zijn geland) die strontwezels nodig om de aarde te veroveren? Waarom slaagt nét Duddits erin Mister Gray te overwinnen? Dit is een film die meer vragen oproept dan beantwoordt, en dat is deels te verklaren door het feit dat de makers nooit de tijd nemen om een scène eens grondig uit te diepen. Je voelt dat er in deze film veel meer mogelijkheden zitten en dat is frustrerend. Zonder twijfel had Dreamcatcher beter gewerkt als een tv-serie van een uurtje of zes.
Wat lijkt te starten als een film over de kracht van vriendschap, ontaardt bovendien in een rommelig zootje van actie en horror en halfweg de prent verliest Kasdan dan ook volledig de trappers. Wat in het complexe opgebouwde boek goed werkt, komt op het scherm erg verwarrend over en het lijkt alsof Kasdan niet goed weet wélke film hij nu eigenlijk aan het regisseren is: een actieprent, een horrorfilm, een thriller? Keuzes, mensen! Keuzes! Ook de cast is te uitgebreid om in een bestek van twee uur goed te leren kennen. De vriendschap tussen Henry (Thomas Jane), Beaver (Jason Lee), Pete (Timothy Olyphant) en Jonesy (Damian Lewis) wordt onvoldoende uitgespit en de minieme rol die Duddits (Donnie Wahlberg) in het verhaal krijgt is belachelijk. Wat een klasbak als Morgan Freeman (als kolonel Curtis) in Dreamcatcher komt zoeken, is ons een raadsel. Wellicht werd ook hij, gezien zijn enorme borstelige wenkbrauwen, verblind door het verzamelde talent dat deze film zou maken.
Alsof dat allemaal nog niet erg genoeg is, veranderden Kasdan en Goldman het einde van de roman. De verschillende verhaallijnen die in de grande finale samenvloeien, worden hier dus vakkundig verknoeid door een eindsequentie die zó slecht en zó belachelijk is, dat we van plaatsvervangende schaamte bijna uit ons stoeltje gleden. Dreamcatcher is een film die je heel even laat dromen, maar meteen daarna in een nachtmerrie laat belanden. Of zoals Jonesy zou zeggen: Same Shit, Different Movie.
Genre: Horror
Speelduur: 2u14
Regie: Lawrence Kasdan
Acteurs: Morgan Freeman, Thomas Jane, Jason Lee, Damian Lewis, Tom Sizemore, Donnie Wahlberg