NATIONAL SECURITY

Lawrence of America

Foto: Columbia
It was the best of times. It was the worst of times. Alleen niet dat eerste. Oftewel, 'waar te beginnen met een recensie als je bijna geen stof hebt om over te schrijven', deel elf-en-dertig. What the problem is? I'll tell you what the problem is, Martin.

National Security opent met politieman Hank, rol van Steve Zahn, die samen met zijn partner (u weet onderhand wel hoe politiediensten te werk gaan) reageert op een oproep in verband met een inbraak. We komen snel te weten waar we aan toe zijn, want Hanks partner loopt tegen een kogel op en sterft ter plaatse. Oh nee, nu heeft Hank een nieuwe partner nodig, wie o wie zou dat toch kunnen zijn? Wel, niemand aanvankelijk, want Hank moet voorlopig alleen op schok en gaat uiteraard op zoek naar de moordenaars. Schijnbaar doelloos rondrijdend stuit hij op de zwarte Earl (Martin Lawrence), die op dat moment druk bezig is met zijn arm in het raam van een stilstaande wagen te wurmen. Wat Hank niet weet is dat de wagen van Earl zelf is, en hij houdt de arme man staande. Hoewel, arme, wat volgt is een scheldtirade aan het adres van de politieman waarvoor wij hier in België prompt een nachtje cachot zouden krijgen. Niet zo in de States, waar racisme bij de politie nog steeds een heikel punt is en waar blanke agenten wel twee keer nadenken alvorens ze een zwarte de boeien inslaan.

Alles schijnt goed af te lopen tot een onschuldig bijtje zich in de debatten mengt. Earl maakt Hank duidelijk dat hij allergisch is voor bijen, en de goeie lobbes van een agent probeert het beestje weg te meppen... met zijn gummiknuppel. Het hele akkefietje wordt natuurlijk opgenomen op videocamera, of wat dacht u, en Hank wordt op basis van deze tape ten onrechte veroordeeld voor police brutality en mag zelf 6 maanden brommen. Bummer. Wanneer hij vrijkomt is een job als veiligheidsagent het enige wat Hank nog kan krijgen en daarin ontmoet hij, u raadt het nooit, Earl. Blijkbaar vindt Hank het helemaal niet zo erg dat Earl hem in de gevangenis heeft doen belanden (Earl heeft zelfs tegen hem getuigd, for crying out loud) en de twee worden best buds. Nou moe. Als daarmee niet bewezen is dat Hollywood zijn publiek slechts als hersenloos kijk- en koopvee beschouwt, weten we het ook niet meer.

Maar goed, laten we niet te snel tot conclusies overgaan. Misschien valt er hier en daar nog wel wat te lachen. Niet dus. Hier en daar nog een grinnik, dat wel, maar voor de rest ergernis alom. De verhaallijn is wederom zó cliché en ronduit belachelijk dat je aandacht al begint te verslappen na 20 minuten film. Op den duur geef je het gewoon op en doe je de moeite niet meer om nog te volgen. De hoofdacteur, Martin Lawrence, was al niet onze favoriete komiek en als hij rollen als dit aan elkaar blijft rijgen zal hij dit waarschijnlijk nooit worden. Naar het schijnt oogst hij in Amerika nochtans bakken succes als standup comedian, alleen krijgen wat dat kantje van hem nu eenmaal nooit te zien hier over de plas. Neen, de rol die hij hier op zich moet nemen, Earl Montgomery, kan van vanalles beschuldigd worden, maar humor is daar helaas niet bij. Irritant is het adjectief dat ons achteraf nog het eerst te binnen schoot. Maar hé, wie zou er voor 20 miljoen dollar niet in de huid willen kruipen van een brutale windhaan met een smoel als een schuurdeur? Tegenspeler Steve Zahn is tot veel meer in staat, maar wordt hier doodleuk gedegradeerd tot klankbord voor Lawrence. Voor zulke studiopraktijken is er maar één woord: schandalig.

En spijtig genoeg was het geld nog niet helemaal op na het sluiten van de deal met Lawrence en Zahn. Er was nog net genoeg over om ook Eric Roberts, B-filmster numero uno, aan boord te hijsen om de rol van gangsterbaas Nash op zich te nemen. Zijn bende houdt zich bezig met - hou u vast - het smokkelen van een nieuwsoortig metaal dat omwille van zijn warmtegeleidingseigenschappen plots erg in trek is. Geen diamanten, plutonium, of schilderijen dit keer; nee nee, metaal. Hoog tijd dat we het luchthaven- en treinstationpersoneel ook bij ons beginnen te verwittigen. Enig research naar wie in godsnaam dit script had uitgekakt, maakte achteraf al veel duidelijk: het gaat namelijk om dezelfde Einsteins die ook al bij het recent uitgebrachte I Spy hun duit in het zakje deden. Er werden er in het verleden al voor minder gelyncht.

Nog maar eens een voorbeeld dus van een film gemaakt om het geld uit uw zakken te kloppen. En wederom missie geslaagd blijkbaar, want National Security staat deze week zowaar op nummer twee in de Belgische box-office en haalde in de States toch ook al bijna 40 miljoen dollar binnen. Tel daar binnenkort de inkomsten uit DVD en video bij en u weet waar we aan toe zijn: sequel time. Laat dit u echter niet van de wijs brengen, dit blijft sheer and utter crap, alleen verpakt in een mooie geschenkdoosje met een grote strik. En zeg nu zelf, bij een geschenkje waarvoor u op zijn minst zelf zo'n 6 euro heeft moeten neertellen, mag het toch net dat ietsje meer zijn. Niet?

Titel: National Security
Genre: Komedie
Speelduur: 1u28
Regie: Dennis Dugan
Acteurs: Steve Zahn, Martin Lawrence, Colm Feore, Eric Roberts