THE HULK

Lee temt groen gevaar

Universal
Het was toch wel even schrikken toen de wereld medio januari voor het eerst een glimp te zien kreeg van The Hulk. De dertig seconden durende trailer die tijdens de Super Bowl (de finale van de American football-competitie) te zien was, toonde ons een Hulk zoals we hem eigenlijk niet wilden zien: eentje die overduidelijk uit enen en nullen was opgebouwd. Even leek het er dan ook op dat regisseur Ang Lee het verknoeid had, maar niets blijkt minder waar. Lee heeft het groene gevaar getemd.

Ang Lee? Is dat niet de brave Taiwanees die The Wedding Banquet, Eat Drink Man Woman en Sense & Sensibility maakte? Een man met beschaving, een man die films maakt met een boodschap, een man kortom die lak heeft aan zomerse popcornblockbusters? Jazeker, maar Ang Lee is ook de man die in Crouching Tiger Hidden Dragon een portie vechten verhief tot ware poëzie. En Ang Lee is de man die de regie voor Terminator 3: Rise of the Machines aan zich voorbij liet gaan omdat hij zijn zinnen had gezet op de zovéélste Marvel-adaptatie. En als Lee ergens zijn zinnen op zet, dan drijft hij ook zijn zinnetje door. In weerwil van filmstudio Universal, die The Hulk natuurlijk vooral als een gigantische zomerse blockbuster wil promoten, maakte Lee van The Hulk een bijna intimistisch en freudiaans portret van een anti-held die in de knoop ligt met zichzelf. Zowel Universal als Lee lijken achteraf gelijk te krijgen: The Hulk bracht bij zijn openinsweekend in Amerika 62 miljoen dollar op, maar werd ook door de critici als een verademing onthaald.

Het succes heeft vele vaders en in het geval van The Hulk moeten we terug naar 1962 toen Stan Lee en zijn (inmiddels overleden) tekenmakker Jack Kirby voor het eerst hun groen kleurpotlood bovenhaalden en The Hulk neerpootten op papier dat eigendom was van Marvel Comics. Dat het veertig jaar duurde voor The Hulk het witte doek haalde, is misschien wel de schuld van de tv-serie die de fans in de jaren tachtig zoet hielden. Hoe nostalgisch de groen geverfde torso van bodybuilder Lou Ferrigno (die samen met Stan Lee een cameo in deze film heeft) nu ook mag lijken, zijn incarnatie van The Hulk was in feite maar een lachertje. Dat Ang Lee zijn titelpersonage volledig digitaal zou maken, stootte in het begin op nogal wat tegenstand bij de fans, maar bleek uiteindelijk de enige mogelijke oplossing. Lee zou door dat CGI-personage veel beter kunnen aansluiten bij de sfeer uit de oorspronkelijke strips. Nu kunnen we alleen maar besluiten dat Ang Lee de juiste beslissing heeft genomen.

Het eerste wat opvalt als je naar The Hulk kijkt, is de ongelooflijke zorg die Ang Lee aan de look van de film besteed heeft. Héél de prent kijkt als een comic, maar dan wel in de meeste positieve betekenis van het woord. Lee goochelt met trucs die hij uit de stripwereld haalde, zoals verschillende camerastandpunten, simultane beelden, split-screens en kaders-in-kaders die het beeldscherm als het ware in kleine frames verdelen. Je zou op zich een studie kunnen maken van de manier waarop Lee van het ene beeld naar het andere overschakelt. Die overgangen zijn pareltjes op zich en bewijzen nog maar eens dat een goeie film niet noodzakelijk een budget van 120 miljoen dollar (zoals The Hulk inderdaad van Universal kreeg) nodig heeft, maar veel meer het oog van een meester.

Observatie nummer twee: The Hulk is geen actiefilm met noodzakelijke psychologische achtergrond, maar een psychologische film met noodzakelijke actie. Lee, en vanzelfsprekend zijn vaste schrijfmaat James Schamus, wilden overduidelijk terug naar de roots van The Hulk en die liggen niet zozeer bij een groen monster met vernielzucht maar bij een eenzame man met een jeugdtrauma. De Bruce Banner (Eric Bana) die we in het begin van de film leren kennen, is dan ook een man die meer van DNA-cellen dan van zichzelf begrijpt. Zijn relatie met collega Betty Ross (Jennifer Connelly) - met wie hij samenwerkt op het Nucleaire Biotechnische Instituut in Berkeley - is stukgelopen, overduidelijk omdat hij zichzelf niet bloot kan geven. Wanneer een experiment mislukt en hij blootgesteld wordt aan een hoge straling, worden bij hem genetisch gemanipuleerde cellen aangewakkerd die zoveel jaar geleden door zijn vader (Nick Nolte) ontwikkeld werden.

Het gevolg kennen we allemaal: wanneer Bruce in woede ontvlamt, verandert hij in The Hulk, een opgeblazen groen monster met bovenmenselijke krachten. In tegenstelling tot superhelden zoals Spider-Man of Daredevil zijn de superkrachten van The Hulk geen gave maar wel een kwelling. Dat The Hulk in feite een even droevige Einzelgänger als Frankenstein is, wordt duidelijk wanneer Lee zijn anti-held voor een vijver laat neerknielen en zijn spiegelbeeld laat bekijken. Een mooie hommage aan Shelley's monster. Zijn enige troost vindt de Hulk bij de mooie Betty, die zelf een moeilijke relatie heeft met haar vader, General Ross (Sam Elliott), een hoge piet bij het leger die koste wat het kost de Hulk wil vernietigen. En dan is er ook nog Talbot (Matthew McConaughey-lookalike Josh Lucas), een gewiekste zakenman die Banners krachten wil misbruiken om, nou ja, om veel geld te verdienen.

The Hulk mag dan in wezen een moderne hervertelling zijn van Frankenstein of King Kong (ook de gigantische aap krijgt de nodige hommage, net als Jekyll and Hyde), toch blijven ook de fans van pure actie niet op hun honger zitten. Vooral in het tweede deel van de film mag The Hulk, met dank aan Industrial Light and Magic, letterlijk en figuurlijk uit zijn paars-groene voegen barsten en stapelen de actiescènes zich op. Meteen wordt duidelijk waar het budget van 120 miljoen dollar naartoe ging. The Hulk mag in ware King Kong stijl het gevecht met een heel leger aangaan (helikopters incluis) en ook de hele Golden Gate Bridge in San Fransisco moet er aan geloven.

De geruchten doen de ronde dat ooit Johnny Depp in de running was om Bruce Banner te spelen, maar Ang Lee's eerste keuze was eigenlijk Billy Crudup (Almost Famous). De eigenzinnige Crudup had geen zin in anger management en zo belandde het Hulk-script bij Eric Bana, de gehoekte Australiër die The Hulk koos boven menig ander Marvel-scenario dat bij hem in de brievenbus was gegleden. Net als zijn tegenspeelster Jennifer Connelly slaagt hij erin zijn karakter los te weken van papier en bewijst hij dat comic-personages niet per se eendimensioneel of uit bordkarton hoeven te zijn. De Hulk zelf bestaat alleen maar in de computers van Dennis Muren en zijn team. Murren, winnaar van acht technische oscars voor onder meer Jurassic Park, The Abyss en Star Wars, verbaast vooral met enkele fabelachtig gedetailleerde close-ups van Hulks gezicht. Alleen wanneer we The Hulk van veraf doorheen het desolate woestijnlandschap zien stormen, komen de bewegingen af en toe onnatuurlijk over.

The Hulk is het mooiste bewijs dat een film staat of valt met talent en niet met geld, ook al betreft het een commerciële stripverfilming. Het kan geen toeval meer zijn dat uitgerekend Sam Raimi (Spider-Man), Bryan Singer (X-Men) en nu ook Ang Lee (The Hulk) voor de beste comic book-adaptaties van hun generatie gezorgd hebben. Hopelijk hebben de filmstudio's nu dan ook voor eens en voor altijd begrepen dat het draait om het verhaal en niet om de effecten.

Titel: The Hulk
Genre: Comic-adaptatie
Speelduur: 2u18
Regie: Ang Lee
Acteurs: Eric Bana, Jennifer Connelly, Nick Nolte, Sam Elliott, Josh Lucas, Paul Kersey