Om maar met de deur in huis te vallen, Terry Gilliam heeft voor 12 Monkeys zijn huiswerk zeker en vast gemaakt als het op locaties aankomt. Een briljant scenario, een allstar cast en het betoverende Philadelphia en Baltimore als decor. Wat wil een mens nog meer? Om eerlijk te zijn, niet veel. Gilliam is hoogstwaarschijnlijk niet alleen een man naar ons hart, maar ook één naar het hart van scenaristen Janet en David Peoples. Trouw als hij is aan het concept koos hij resoluut voor de locaties die het duo oorspronkelijk voor ogen hadden. Het is bovendien geen geheim dat Gilliam ook echt geïntrigeerd was door de omgeving. Ze paste perfect bij het verhaal van 12 Monkeys, een verhaal van verval en nostalgie. Philadelphia ademt die sfeer uit. De architectuur was ooit om een puntje aan te zuigen, maar nu rest er enkel nog verval. De uitstraling is met de jaren verloren gegaan. Vergeet niet dat deze grootstad ooit de eerste van de natie was. De postindustriële malaise die er heerst, is volgens Gilliam niet te miskennen. Scott Elias, de location manager voor 12 Monkeys, voegt er nog een ironische noot aan toe die ook Gilliam wel weet te smaken: een film over het einde van de beschaving draaien in Philadelphia? Dit is de ultieme contradictie!
12 Monkeys is één van die films die uitblinkt in creativiteit, niet alleen op narratief vlak, maar ook op het vlak van de locaties. Toegegeven, het verhaal leent er zich ook toe, maar Gilliam en Elias weten het verdomd goed te verpakken. De aanpak, die de twee eerder al hanteerden bij het uitkiezen van locaties voor Brazil, loont ook hier weer. De stad uitpluizen op zoek naar verlaten sites, gebouwen die aan het wegrotten zijn... Het is misschien niet iets om trots op te zijn, maar in Philadelphia krioelt het ervan. En dit tot groot jolijt van Gilliam en Elias, wees er maar zeker van!
Het Philadelphia Richmond Power Station is zo'n plekje. Een oude krachtcentrale die dienst doet als de gevangenis waar James Cole (Bruce Willis) zijn dagen doorbrengt. Het is één van de drie oude krachtcentrales die de Philadelphia Electric Power Company tussen 1919 en 1925 op poten zette. Het gebouw, in neoklassieke stijl, oogt indrukwekkend en werd door de Philadelphia Chapter of the American Institute of Architects erkend als landmark building. Toch zat het niet mee voor architect John Windrim en ingenieur William Elgin, die het ontwerp voor de krachtcentrale begin vorige eeuw uitwerkten. In 1985 sloot het Richmond Power Station haar deuren en ondanks verwoede pogingen en aanbevelingen, draagt het gebouw nog steeds niet de titel van historisch monument.
Het was binnen de muren van deze krachtcentrale dat verschillende sets vorm kregen. In de eerste plaats de zijn er de verschillende cellen waarin de gevangenen in de toekomst opgesloten zitten. Als kijker word je direct geconfronteerd met het talent van Jeffrey Beecroft, de production designer. De invloed van de verhaallijn op het ontwerp van de verschillende sets is maar al te duidelijk. De cellen zien er uit als kooien voor dieren. Het is een ongoing theme in de film: dieren in kooien, mensen in kooien; dieren waarop geëxperimenteerd wordt, mensen waarmee geëxperimenteerd wordt. Gilliam doet er nog een schepje bovenop. Wanneer Cole opgeroepen wordt als vrijwilliger wordt hij uit de kooi gehaald zoals het eerste beste Guinees biggetje uit zijn kooitje gehaald zou worden.
In het Richmond Power Station werden nog wel meer indrukwekkende sets opgetrokken. Denk maar aan de ontsmettingsdouche waar James Cole na zijn bovengronds bezoek tot bloedens toe afgeschrobd wordt en de kleine ziekenhuiskamer waar Cole zijn eigen bloed dient te trekken waarna het onderzocht wordt op eventuele besmetting met virussen.
De meest oogverblindende set werd opgetrokken na enkele bezoekjes van Terry Gilliam - met camcorder in de hand - aan het Richmond en Delaware Power Station. De imposante turbine halls met daarin de enorme stalen generators (met een diameter van maar liefst 18 voet en centraal een grote opening) waren een geschenk uit de hemel. Het was waar Gilliam, geïnspireerd door dat ene zinnetje uit het script van Janet en David Peoples, naar op zoek was. Scène 50: "Cole is strapped on a gurney, which is wheeled into a strange steel tube resembling a CAT Scanner in a hospital." Hij had zijn tijdmachine gevonden. Gilliam heeft ook altijd, naast de altijd aanwezige dieren, het principe van geboorte en wedergeboorte beklemtoond in het verhaal. Elke keer dat James Cole terug in de tijd gestuurd wordt, is het een soort van wedergeboorte voor hem. De gelijkenis met het geboortekanaal is treffend.
Het Delaware Power Station, werd door Gilliam optimaal benut. Het gebouw werd meer dan tien jaar geleden leeg gemaakt, wat meteen een andere sfeer met zich meebracht dan deze in de Richmond krachtcentrale. De kelderverdieping van het Delaware Power Station, gelegen onder het rivierpijl, werd heel vaak onder water gezet toen de plek nog operationeel was. Voor de opnames van 12 Monkeys werden de watersluizen terug opengemaakt om de locatie het uitzicht van een grotachtige riool te geven. Een riool waar James Cole doorheen ploetert om de onbewoonde wereld te bereiken; een riool dat er anders uitziet dan deze die we doorgaans in andere films te zien krijgen.
Bovengronds ziet het er allemaal net iets bekender uit. Toch zijn de locaties daarom niet minder imponerend. De eerste beelden van de film zijn eigenlijk meteen raak. Zeven weken lang maakte Terry Gilliam opnames in Philadelphia. De openingsbeelden, die doorheen de film enkele malen terugkeren, werden gedraaid in het Convention Center van de stad. En het perfectionisme van Terry Gilliam blijkt ook hier. Daar waar een andere regisseur eventueel genoegen zou nemen met het eerste beste vliegveld, bezocht Gilliam talloze luchthavens in de Verenigde Staten én Europa, op zoek naar dat wat hij van meet af aan voor ogen had: de perfecte luchthaven voor 12 Monkeys. Zonder succes. Toen Terry Gilliam de Great Train Hall in het Pennsylvania Convention Center zag, was hij meteen verkocht. De plek zou zonder problemen omgevormd kunnen worden tot de luchthaven die hij in zijn hoofd reeds ontworpen had: 12 Monkeys' Philadelphia International Airport.
De eerste stappen die James Cole bovengronds in een ondergesneeuwd Philadelphia zet, brengen hem meteen op Center Square met Philadelphia's City Hall als decor. Het gebouw is er werkelijk eentje om U tegen te zeggen. Toch wordt de architecturale pracht en praal niet alleen bewonderd, maar ook verguisd. Zo is het stadhuis voor velen nog altijd de trots van Philadelphia terwijl voor anderen het gebouw niet vlug genoeg met de grond gelijk gemaakt kan worden. Als campagnes om dit te bereiken niet een handje helpen, dan wordt het tweede wapen ingezet: vandalisme. De meer dan honderdjarige geschiedenis van City Hall is dus op zijn minst controversieel te noemen.
Zoals we weten bestaat Cole's taak eruit op staaltjes te nemen van wat ooit de bewoonde wereld was. Op zijn zoektocht komt Cole oog in oog te staan met enkele viervoeters die onaangetast lijken door het virus dat destijds vijf biljoen mensen van de planeet veegde. Het ziet er naar uit dat hij in zijn geluk valt: hij plukt een kakkerlakje van een verroeste auto waarna hij de schrik van zijn leven beleeft wanneer Doc, een 8 voet grote Kodiac-beer, zijn muil open zet en zijn ziel uit zijn lijf brult.
Vandaar trekt Cole naar een andere locatie, John Wanamaker's, waar hij een spin uit haar web ontvoert, recht een bokaal in. Het mooie is dat je ziet hoe films over tijdreizen met locaties kunnen spelen. Het is nu 2035, Cole trekt op ontdekkingstocht door een verlaten wereld, waar mensen uitgeroeid werden door een dodelijk virus. Wat in 2035 nog rest van Wanamaker's, de winkel waar Cole en Railly later in de film, maar eerder in de tijd (1996) kleding kopen om zich te vermommen, is teloorgang. De opnames werden op twee verschillende locaties gedraaid. In de eerste plaats omwille van praktische redenen. John Wanamaker's is één van die overbekende locaties die vaak gebruikt worden in films. Zelfs als je het gebouw niet onmiddellijk kan thuisbrengen is lokaliseren hier echt een makkie: het logo van de winkel duikt op wanneer Kathryn (Madeleine Stowe) en James voor de inkom staan en zij vlug een telefoontje pleegt. Let er maar eens goed op. De scène die zich afspeelt in 1996 werd dus in de echte Wanamaker's gedraaid. Al moet het gezegd zijn dat de winkel ondertussen al een paar keer van naam veranderd is met Lord & Taylor als meest recente. Hoe dan ook, alle opnames werden gedraaid na sluitingstijd, de gebruikelijke aanpak dus. De winkel sluiten voor onbepaalde tijd zodat deze omgetoverd kon worden tot de vernielde en al jaren verlaten Wanamaker's in 2035 zat er niet echt in. Vandaar dat Gilliam op zoek moesten naar een andere locatie voor deze scène, helemaal in het begin van de film. Een absolute vereiste was dat het atrium van het gebouw een vrijwel identiek uitzicht moest hebben als dat van Wanamaker's. De historische Ridgeway Library (nu de High School for Creative and Performing Arts) op 901 South Broadway Street ( at Carpenter Street ) deed perfect dienst, ondanks het feit dat het atrium slechts vier verdiepingen telt, in tegenstelling tot de negen van Wanamaker's. De buitenkant van de bibliotheek krijgen we later in 12 Monkeys goed in beeld te zien. Het gebouw is als het ware de achtertuin van het kamp waar de daklozen hun dagen en vooral nachten doorbrengen.
We zouden het bijna nog vergeten te vermelden, maar Brad Pitt speelt in 12 Monkeys de pannen van het dak. En voor wie de film niet gezien heeft, Jeffrey Goines (Pitt), zoon van de bekende wetenschapper Dr. Goines (Christopher Plummer) heeft ze niet alle vijf op een rij. James Cole ontmoet de Jeffrey voor het eerst in de psychiatrische inrichting nadat hij per vergissing in 1990 is beland en door de politie opgepakt wordt. Hij kraamt allerlei onzin uit, wat zijn eindbestemming er heel eenvoudig opmaakt: Eastern State Penitentiary ( 22nd Street at Fairmount Avenue ). 'The Silent Fortress', ontworpen door architect John Haviland, is de oudste gevangenis van Amerika, gebouwd door de Quakers in de jaren 1820. Het was vooral Jeffrey Beecroft die gefascineerd was door deze gevangenis. Bovenal omdat hij de presentatie van de film aan de kijker vooral zag als een soort labyrint. De Eastern State Penitentiary intrigeerde Beecroft enorm. De hoge granieten muren omcirkelen een rotonde vanwaar zeven identieke, celblokken van één verdieping uitgaan. Het centrale gegeven in deze gevangenis is niet bestraffing, maar rehabilitatie door afzondering. Dit uit zich in de cellen, die acht op twaalf voet groot zijn. Beecroft vond ook wat hij zocht voor de dagkamer. Een ronde kamer die het gevoel van oneindigheid met zich meebracht. Bovendien herbergde de kamer in de rotonde een fraai zicht op alle van daaruit vertrekkende gangen. Een gewone ziel zou er hoogst waarschijnlijk verloren lopen, James Cole weet er tot eenieders verbazing op spectaculaire wijze te ontsnappen.
De enige persoon die enige sympathie heeft voor Cole is Dr. Kathryn Railly. Zes jaar later, in 1996 ontmoet ze de verwarde man die nog straffer was dan Al Capone opnieuw wanneer hij haar opwacht na haar lezing in de Memorial Hall in West Fairmount Park ( North Concourse Drive ). Via Highway 95 gaat het van Baltimore naar Philadelphia waar James denkt het mysterie van The Army of the 12 Monkeys te kunnen ontrafelen. Een verfspoor leidt hen naar het Met Theater waar Cole het aan de stok krijgt met enkele gore figuren. Het Met Theater ( Broad Street at Poplar ) stond vroeger synoniem voor de prestigieuze opera van Philadelphia, maar kon zoals zovele gebouwen niet van de ondergang gered worden.
In Philadelphia werden verder ook enkele shots gemaakt die onlosmakelijk verbonden zijn met The Army of the 12 Monkeys. Concreet: de olifanten die over de South Street Bridge lopen en de tijgers op de trappen van het Art Museum en op de campus van de University of Pennsylvania.
Baltimore stond in mindere mate in de kijker in 12 Monkeys. Toch werden ook hier enkele cruciale scènes gedraaid. Denk maar aan het slagveld waar James Cole per vergissing terechtkomt, een fout die al vlug hersteld wordt. Meer interessant is de riante woning van Dr. Goines, een bekende wetenschapper. De Garrett-Jacobs Mansion vind je op 11 W Vernon Place.
Ook hier ging Terry Gilliam's speurtocht naar vervallen locaties verder. Hij was uitermate geboeid door het futuristische uitzicht van de BG&E Westport krachtcentrale, aan de rand van de Patapsco River. Geen ramen, de machinerie, de pijpleidingen,... Gilliam toonde vooral belangstelling voor Turbine Nø4, een vierkante kamer met een buitenmatig hoog plafond gelegen op het einde van smalle, (ook hier weer) labyrintachtige gangetjes. De locatie werd één van de belangrijkste uit de film: de Engineering Room.
Afsluitend de kers op de taart: de art deco cinema waar Kathryn en James een Hitchcock- marathon uitzitten. Een filmpje meepikken in het Senator Theater op 5904 York is een ervaring om nooit te vergeten. Het is 'naar de film gaan' zoals dat vroeger het geval was: met alles erop en eraan. Het prachtige auditorium, de muziek in de wachtruimte, de lounge,... De atmosfeer is om duimen en vingers bij af te likken. Het Senator Theater mag ook trots zijn op zijn scherm, het grootste uit de regio. Negenhonderd zitjes en een balkon met een adembenemend zicht wachten op nostalgia freaks die gegarandeerd uit hun dak gaan wanneer de lichten dimmen en het gordijn opengaat. Dit kan niet 2003 zijn! Ook de programmatie mag er zijn. Zoals het moet eerlijk gezegd: voor ieder wat wils. De nieuwste kleppers, buitenlandse films, klassiekers,... Tijdens uw 12 Monkeys-trip een bezoekje aan deze cinema brengen, is een absolute must. Welke film u ook uitkiest, vergeet uw pruik en bijhorende snor niet mee te nemen...