EYES WIDE OPEN

De slinger van Hollywood

Foto: RCV Foto: RCV Foto: (fotomontage; origineel Warner Bros.)
Deze week is het hommeles tussen Freddy Kruger en Jason Voorhees. Het pizzagezicht en het hockeymasker treden na twintig jaar horror met elkaar in het strijdperk. Volgend jaar geraken we verstrikt in een intergalactische oorlog tussen Aliens en Predators. Ironisch genoeg vat de tagline van die film misschien wel perfect samen waar het tegenwoordig om draait: Whoever wins... We lose.

De wetten van Hollywood zijn vaak niet erg goed te begrijpen, maar als er al één ding duidelijk is, dan dit wel: alles komt ooit terug en niets is in feite écht nieuw. In meer dan honderd jaar filmgeschiedenis leek elk genre onderhevig aan de slingerbeweging: eens populair, daarna verguisd, maar uiteindelijk weer aanbeden. Neem het musicalgenre: in de jaren zestig en zeventig regen My Fair Lady, Cabaret en Oliver! de oscars aan elkaar, maar daarna stierf het applaus letterlijk en figuurlijk uit. Tot Moulin Rouge en Chicago all that jazz weer oeverloos populair maakten en we ons binnenkort aan verfilmingen mogen verwachten van onder meer The Phantom of the Opera en Rent. Daarna wordt het wellicht weer stil aan de barricades. Vreemd, die golven die door Hollywood spoelen.

Geen genre houdt eeuwig stand, maar verdwijnt op een gegeven moment in de plooien van de geschiedenis om pas veel later weer op te duiken. Errol Flynn maakte in de jaren vijftig van de swashbuckler piratenfilm het populairste genre van het moment, maar regisseur Renny Harlin ondervond medio 1995 hoe moeilijk het was het genre nieuw leven in te blazen. Productiemaatschappij Carolco zag 80 miljoen dollar in de oceaan verdwijnen en ging overstag. Hoe is het dan mogelijk dat nog geen acht jaar later Disney met Pirates of the Caribbean in Amerika alleen al 300 miljoen dollar opbracht? Goeie marketing? Het magnetisme van Johnny Depp en Orlando Bloom? Wie weet, maar ook de mysterieuze invisible hand die over Hollywood waakt. Wannéér de onzichtbare hand juist ingrijpt, is niet zo duidelijk. Hoe komt het bijvoorbeeld dat Disney tot 1989 moest wachten voor het met The Little Mermaid een nieuw gouden tijdperk kon inleiden dat met Beauty and the Beast, Alladin, The Lion King, Pocahontas en The Huncback of Notre Dame zijn hoogtepunt zou bereiken? En waarom ging het daarna bergaf? Omdat de kwaliteit achteruit ging? Omdat we de Grote Muis niet meer lusten? Of omdat de onzichtbare hand het genoeg vond?

Ook de release van Freddy Vs. Jason deze week is tekenend voor de wetten waar Hollywood onderhevig aan is: na de sérieux volgt de parodie en na de parodie volgt de kruisbestuiving. Dat is zo klaar als een klontje. Met de release van films als Halloween, The Texas Chain Saw Massacre en Last House on the Left werd duidelijk dat het échte monster in onze maatschappij niet de iconen als Dracula, Frankenstein of The Mummy waren, maar wel de mens zélf. Het leverde in de jaren tachtig een hausse aan horrorfilms op over moordenaars die symbool gingen staan voor het pure kwaad, genre Friday the 13th en Nightmare on Elm Street. Midden jaren negentig had het glimmende mes van Michael Myers, de scherpe nagels van Freddy Kruger of het hockeymasker van Jason Voorhees zijn beste tijd wel gehad en bleek het horrorgenre een comateuze patient die langzaam dood zou bloeden. Tot Wes Craven met de parodie Scream de reanimatie aanvatte. Post-moderne horrorfilms waarin de hoofdpersonages zich plots bewust waren van de regels van het spel overspoelden het filmische landschap: van Scream tot I Know What You Did Last Summer.

Parodiëren is leuk zolang het grappig blijft, maar na een tijdje gaat het goed vervelen. Vandaar dat de horrorfilm weer een stapje verder staat en nu de horroriconen van de jaren tachtig in een kruisbestuiving tegen mekaar laat opdraven. Maar ook dát idee is niet nieuw. Freddy hád al eens in Friday the 13th Part VII moeten opdraven, maar omdat Paramount en New Line Cinema, de respectievelijke eigenaars, het niet eens konden worden over de rechten, ging de reünie in 1988 niet door. Maar het concept om twee bekende figuren tegen elkaar uit te spelen is al veel ouder. Toen Universal in de jaren veertig van de vorige eeuw de wereld doodsangsten had laten uitstaan met Dracula, Frankenstein, The Mummy en The Invisible Man, kwamen Bud Abbott en Lou Costello oog en oog te staan met half Hollywoods rariteitenkabinet. Dracula vocht het uit met Frankenstein, Frankenstein met The Wolf Man, Hercules met Dracula en Popeye uiteindelijk met Alladin. Lelijkaard Godzilla vertrappelde zowat alle denkbare monsters, Billy the Kid moest de geweren trekken tegen Dracula en ooit kwam Dr. Jekyll oog in oog te staan met The Werewolf.

Denk dus vooral niet dat ze bij New Line Cinema het warme water hebben uitgevonden, als u straks met een beker popcorn op de schoot zit te bekijken hoe Freddy en Jason elkaar de darmen uit het lijf trekken. We hebben het al eerder gezien en zullen het in de nabije toekomst nóg te zien krijgen. Freddy Vs. Jason was een grote hit in de States en als Alien Vs. Predator het volgend jaar even goed doet, dan staat ons een hele rits nieuwe reüniefilms te wachten. Net als in de jaren veertig. Hollywoods slinger is terug bij zijn beginpunt.

In 'Eyes Wide Open' kijkt Movie met wakkere blik naar de wondere wereld van de film. Actuele thema's, opvallende trends of persoonlijke verzuchtingen rollen hier uit ons toetsenbord.