De openingsscène is ongetwijfeld een van de beste momenten van de film. De Britse Surprise dobbert nietsvermoedend op de oceaan, de bemanning houdt zich bezig met haar dagdagelijkse taken. Maar schijn bedriegt en in een oogwenk wordt het schip bijna stukgebombardeerd. De belager is de Acheron, een veel groter en zwaarder bewapend vaartuig van Franse makelij. Of met andere woorden, de vijand die kapitein Jack Aubrey op bevel van de Royal Navy moet uitschakelen. De zeeslagen worden in ieder geval voor de eerste keer erg realistisch op het grote scherm gebracht. Gedaan met zeevaarders die als een heuze Tarzan van het ene schip naar het andere springen en een sierlijk duel uitvechten met de slechteriken. Hier zie en hoor je de impact van een kanonschot en worden mensen in mootjes gehakt.
Maar er zijn ook rustiger momenten in de film. Tijdens de jacht op de Acheron maak je nader kennis met de twee hoofdpersonages, kapitein Jack Aubrey en zijn scheepsarts Stephen Maturin. Beide mannen zijn vrienden, maar ook elkaars tegenpolen: de ene een stoere, vechtlustige zeebonk, de andere een rustige wetenschapper. Brute kracht tegenover het intellect, zou je zeggen, maar niets is minder waar. Beiden zijn denkers, maar dan op hun eigen manier: de kapitein is tussen de strijd door een heus strateeg en zijn kompaan heeft buiten de geneeskunde nog een andere passie, zijnde de biologie. De echte reden waarom deze laatste meevaart met de Surprise is ook - en soms vooral - om nieuwe diersoorten te ontdekken. De karakterverschillen tussen de twee mannen worden trouwens ook duidelijk gemaakt in hun relatie met de jongste officier aan boord, de dertienjarige Lord Blakeney. Aubrey leert de jongen leiderschap aan, Maturin brengt hem de liefde voor biologie bij.
Weir vindt ook nog ruimte voor enkele subplots, die niet alleen het verhaal stofferen maar ook het realisme van de film vergroten. Hij focust bijvoorbeeld in op de wedervaardigheden van de jongste bemanningsleden aan boord en op het lot van een jonge luitenant, van wie bijna iedereen denkt dat hij een vloek heeft gebracht op de Surprise. Hij heeft ook oog voor detail en laat zien hoe het leven op het schip verandert in telkens wisselende en soms extreme weersomstandigheden. Ook de luxueuzere manier van leven van de kapitein en zijn officieren tegenover de allesbehalve comfortabele levensomstandigheden van de rest van de bemanning komt regelmatig aan bod.
Geen uitstekende film zonder uitstekende acteurs. Russell Crowe is zoals goede wijn: hij wordt met het verstrijken van de jaren beter en beter. Met veel bravoure neemt hij de rol van de kapitein voor zijn rekening. Tegenover hem staat de ingetogen vertolking van Paul Bettany. Het is trouwens niet de eerste keer dat de twee acteurs in dezelfde film spelen, want dat was al het eerder het geval in A Beautiful Mind. Toen speelde Bettany de ingebeelde kameraad, nu hij is de antipode van de kapitein. Beiden acteren overigens nu op een nog hoger niveau. En ook de rest van de cast brengt het er heel aardig vanaf.
Master and Commander is zeker geen actiefilm pur sang, maar eerder een intelligente avonturenfilm. Wie houdt van een mengeling van knappe en vooral realistische actie, karakterontwikkeling, een spannend verhaal en ook nog eens een mooie soundtrack, zal zeker aan zijn trekken komen. Sommige Amerikaanse critici vergelijken Weir omwille van voornoemde elementen nu plots met David Lean. Of dit overdreven is of niet, zal de geschiedenis wel uitwijzen, maar dit smaakt alvast naar meer.
Genre: Actie
Speelduur: 2u18
Regie: Peter Weir
Acteurs: Russell Crowe, Paul Bettany, James D'Arcy, Edward Woodall, Chris Larkin