Waar Spielberg, scenarist Scott Frank (Get Shorty, Out of Sight) en Tom Cruise een schitterende filosofische actiefilm wisten te breien uit Dicks beknopte basismateriaal, daar moeten we het in het geval van Paycheck stellen met John Woo op automatische piloot, scenarist Dean Georgaris (Tomb Raider: The Cradle of Life) en de mannelijke helft van Bennifer in de hoofdrol. Het resultaat is jammer genoeg een uiterst by-the-numbers stukje actie. Het verhaaltje: Afflecks Michael Jennings is een ingenieur die zodanig discrete klusjes uitvoert dat hij doorgaans zijn geheugen laat wissen aan het einde van zijn contract. Voor zijn allerlaatste klus belooft hij rijkelijk betaald te worden, behalve dat hij na voltooiing geen paycheck in ontvangst neemt, maar wel een envelop met een aantal waardeloze voorwerpen erin. Bovendien zitten de politie en zijn voormalige werkgever hem op de hielen, terwijl hij zich ongeveer niets herinnert van de afgelopen twee jaar werk, inclusief Rachel Porter (rol van Uma Thurman) die hém blijkbaar wél goed kent. John Woo is er zo maar even geslaagd een walgelijk slechte acteerprestatie uit Uma Thurman te krijgen, iets waar je, dunk ons, veel moeite moet voor doen. En in alle eerlijkheid, die in-slow-motion-fladderde duiven zijn we inmiddelijks ook flink moe. Had een uitschieter kunnen zijn, maar jammer genoeg is middelmatig het aardigste wat we over deze actiefilm kunnen zeggen. (25 februari)
Beter vergaat het Cold Mountain, met het sterke trio Nicole Kidman, Renée Zellweger en Jude Law in de voornaamste rollen. Cold Mountain is een adaptatie van de gelijknamige roman van Charles Frazier. Regisseur van dienst is Anthony Minghella, die hier na het uitstapje The Talented Mr. Ripley weer volop de thema's van The English Patient aanhaalt. Centraal staat de terugtocht van deserteur Inman (Law) tijdens de Amerikaanse burgeroorlog naar zijn thuis, Cold Mountain, waar Ada (Kidman) op hem wacht. Mooie beelden en sterke vertolkingen (ook van onder andere Natalie Portman, Philip Seymour Hoffman en Donald Sutherland) bij de vleet, het is dan ook geen wonder dat de Academy met de oscarnominaties is beginnen gooien. Misschien geen meesterwerk, maar een mooie, goedgemaakte film alleszins. (18 februari)
Nog duisterder is 21 Grams (naar het gewicht dat een menselijk lichaam verliest op het moment van de dood). 21 Grams is het Engelstalige debuut van de Mexicaan Alejandro González Iñárritu (Amores Perros), die ook het scenario voor zijn rekening nam. Omringd door talent als Sean Penn, Naomi Watts en Benicio Del Toro doet hij een verhaal uit de doeken over schuld, rouw en wraak, maar laat zijn publiek lang gissen naar de rode draad. 21 Grams wordt namelijk niet chronologisch verteld: Iñárritu springt voortdurend heen weer tussen de drie voornaamste subplots, soms niet langer dan enkele seconden, en het is pas als de eindgeneriek rolt dat de kijker min of meer beseft hoe de vork aan de steel zit. Het is feitelijk deze onconventionele knip-en-plak methode die de film enigszins origineel maakt, en het is maar de vraag of 21 Grams zulke lovende woorden had gekregen van de Amerikaanse critici als het verhaal gewoon chronologisch was verteld. In elk geval kan je er niet onderuit dat Penn, Watts en Del Toro de pannen van het dak spelen. Allesbehalve een feel good movie, maar beklijvend is hij zonder twijfel. (11 februari)
Ook House of Sand and Fog is niet bepaald opbeurend. Wat ons het meest imponeerde was het feit dat dit verhaal er in slaagt de sympathie van de kijker continu te doen veranderen. Op de oppervlakte handelt House of Sand and Fog over een weinig indrukwekkend huisje dat het onderwerp is van een steeds lelijker wordende tweestrijd tussen de depressieve Kathy (Jennifer Connelly), voor wie het huis haar enige houvast is, en de Iraanse immigrant Behrani (Ben Kingsley), voor wie het huis de toekomst voor hem en zijn familie symboliseert. Kathy, die door de overheid onrechtmatig werd onteigend, wil haar huis terug, en Behrani, de nieuwe eigenaar, wil het huis niet uit. House of Sand and Fog handelt over thema's als onverdraagzaamheid, familie en eer, en doet dat op een indrukwekkende manier. De film - en Ben Kinglsey's personage in het bijzonder - blijft lang nazinderen en dat is uiteindelijk het merkteken van een sterke film. Het zwakke punt is wellicht de politieman die voor Kathy valt en zijn positie misbruikt om Behrani te intimideren: zijn personage vonden we nogal ééndimensioneel. De film is het regiedebuut van de Rus Vadim Perelman, en het scenario is gebaseerd op de roman van André Dubus III. (26 mei)
En om dan maar bij adaptaties te blijven, ook de komedie Cheaper by the Dozen was oorspronkelijk een roman (van Frank B. Gilbreth Jr. en Ernestine Gilbreth Carey) die overigens al eerder werd verfilmd in 1950. Steve Martin en Bonnie Hunt als Tom en Kate Baker hebben een kroost van twaalf, en deze film handelt over de schokgolven die de familie Baker voelt als deze verhuist naar Chicago voor het werk van pa. Cheaper by the Dozen is een lichte familiekomedie diep in het land van Parenthood: met een rugrat in elke leeftijdscategorie, met andere woorden voor elk wat wils. En met de Wie is Wie van Amerikaans jeugdvermaak in de cast, inlcusief Ashton Kutcher en Hillary Duff. Het was Bringing Down the House die van Steve Martin na tien jaar flops weer een razend populaire komiek maakte, maar Cheaper by the Dozen is met gemak de leukere film. (14 maart)