JEEPERS CREEPERS II

Monsterflop

Foto: United Artists Foto: United Artists Foto: United Artists
Er valt weinig positiefs te melden vanop het horrorfront. De remake van The Texas Chainsaw Massacre bleek een walgelijke oefening in smerigheid en deze sequel op Jeepers Creepers komt nog niet tot aan de enkels van het origineel. We houden ons hart al vast als straks de hervertelling van Dawn of the Dead in de zalen komt.

Maar goed, deze week opent dus Jeepers Creepers II. Victor Salva's origineel uit 2001 mocht er best wezen. Vooral de lange proloog bleek nagelbijtend spannend. Jeepers Creepers zakte echter in mekaar als een pudding toen Salva alle registers opentrok en zijn Creeper in vol ornaat aan het publiek presenteerde. Wég was de suggestie, wég de spanning, wég de subtiliteit. In deze totaal overbodige sequel gaat de regisseur helaas op datzelfde elan verder. We krijgen het vleermuisachtige monster uitgebreid in beeld, maar wel op zó'n manier dat het ding uiteindelijk geen greintje angst meer inboezemt. Je zit erbij en kijkt ernaar. Mooi gedaan, dat pak en die make-up; puik werk, die effecten, maar dat is het dan ook.

Jeepers Creepers II opent kort na de gebeurtenissen van de eerste film. De titelsequentie maakt ons duidelijk dat we op dag 22 aanbeland zijn, de laatste dag voor de Creeper weer voor 23 lentes van de aardbol zal verdwijnen, want om de een of andere reden komt hij slechts elke 23ste lente zich 23 dagen lang volvreten met mensenvlees. Zijn eerste slachtoffer in de film is een jongetje dat in een wijds tarweveld enkele vogelverschrikkers aan het rechtzetten is. Eén van de verschrikkers blijkt niemand minder dan de Creeper te zijn en het beest doet zich dan ook uitgebreid aan het jongetje te goed. Cut naar een schoolbus met scholieren die op de terugweg zijn van een basketbalwedstrijd. Hun eindeloos gezang van overwinningsliederen sterft (letterlijk en figuurlijk) snel uit wanneer ze twee lekke banden krijgen en in the middle of nowhere stranden.

Het vervolg laat zich raden: alle GSM's geven geen bereik, de bus krijgt geen contact met de centrale en langzaam valt de avond over de verlaten East 9 Highway in Poho County. Kan de Creeper zich een beter avondmaal voorstellen dat een stelletje knappe maar oerdomme tieners met namen als Double D, Scotty, Minxie, Izzy en Bucky? Tuurlijk niet! Het wordt smullen geblazen! Eén voor één pikt hij zijn prooien op de bus uit. Slechts twee personages krijgen van regisseur Salva een beetje uitdieping voor ze met huid en haar verslonden worden: een homofobe en irritante jongen die alleen zijn eigen hachje wil redden en een meisje dat in vertraagde droomsequenties inzicht krijgt in het wezen van de Creeper. Intussen bouwt de vader van het jongetje uit de proloog (een hilarisch slechte Ray Wise) samen met de oudere broer aan een wapen om de Creeper eens en voor altijd het zwijgen op te leggen.

Jeepers Creepers II is een horrorfilm die zo slecht is dat hij op de lachspieren werkt en gerust een ereplaatsje zou verdienen in Jan Verheyens Nacht van de Wansmaak. De karakters op de bus zijn wandelende clichés en Victor Salva doet niet de minste moeite om zijn (bekende) fascinatie voor mooie en stoere mannentorso's te verbergen. In bijna gênante shots wordt de homo-erotische ondertoon van deze prent duidelijk. Naast de erbarmelijke acteerprestaties, een verhaaltje dat zo voorspelbaar is als het lot van de Titanic, blijkt Jeepers Creepers II ook op geen enkel moment echt spannend te zijn. Er is ook iets grondig fout met de Creeper zelf: toegegeven, het ding ziet er cool uit, maar het is ons niet helemaal duidelijk waarom blijkbaar onoverwinnelijke monsters in films zoals deze altijd weer het slaafje zijn van een bijzonder slecht scenario. Als wij de Creeper waren, hadden we die hele rotbus in één ruk aan diggelen gereten. Dan was de film tenminste na een kwartiertje klaar geweest.

Titel: Jeepers Creepers II
Genre: Horror
Speelduur: 1u44
Regie: Victor Salva
Acteurs: Ray Wise, Jonathan Breck, Garikayi Mutambirwa, Eric Nenninger, Nicki Lynn Aycox, Marieh Delfino, Diane Delano, Thom Gossom Jr.