Vorige week ging Van Helsing in België twee dagen eerder in major release dan in Amerika. Dat is de wereld op zijn kop. De tijd dat we hier maandenlang moesten wachten voor we de grote, Amerikaanse films te zien kregen, lijkt wel prehistorisch. Het beroemdste voorbeeld is nog altijd Jaws, traditioneel beschouwd als de eerste zomerse blockbuster. De witte haai liet voor het eerst zijn tanden zien op 20 juni 1975, maar kwam pas op 18 december van dat jaar in Europa boven water. Een half jaar later! In 1997 moesten we een hele maand lang wachten op Titanic; een jaar later duurde het vijf maanden voor Godzilla van Amerika naar hier was getrappeld. Anno 2004 gaan de echt grote films ongeveer simultaan in wereldwijde release. Neem nu The Matrix Reloaded: wereldpremière op 15 mei, van Amerika over Thailand, Maleisie, Frankrijk tot België.
Vinden de reclamejongens dat handig, zo'n universele datum? Makkelijker te onthouden voor iedereen, van de Noord- tot aan de Zuidpool. Wellicht, maar er spelen ook andere factoren mee. Een blockbuster moet het niet hebben van mond-aan-mond-reclame, van een traag en gestaag opgebouwd publiek, van extra reclame door het winnen van een cinefiele prijs. Nee, een blockbuster speelt op snel geldgewin. Eén of twee weekends moeten volstaan om het budget minstens terug te winnen, want het volgende weekend staat weeral een andere blockbuster klaar om de koppositie aan de box-office over te nemen. Wanneer een film goed genoeg gehyped wordt en over de hele wereld op dezelfde dag in de bioscoop komt, is er geen tijd voor negatieve recensies. Voor die overgewaaid zijn naar Europa - zelfs via internet - zijn de centen al binnen. Voor kranten en tijdschriften wordt het soms zelfs onmogelijk gemaakt om enkele dagen voor de release van de film een recensie te publiceren. Persvisies worden tegenwoordig soms pas één of twee dagen voor de bioscooprelease ingelast.
Ook Troy gaat komende week over zowat heel onze planeet simultaan in première. Al maandenlang grijnzen Brad Pitt, Eric Bana en Orlando Bloom ons met getrokken zwaarden op de coole poster toe en al maandenlang kunnen we het erg indrukwekkende voorfilmpje zien. Maar toch wordt het weer haastwerk voor critici die de prent willen neersabelen: op 9 mei gaat de prent in première in Duitsland, op 12 mei in België en een dag later pas in Cannes. De Belgische persvisie valt twee dagen eerder. Nog voor het paard van Troje goed en wel is binnengerold, moet de grootste hap van het 185 miljoen dollar tellende budget al terugverdiend zijn. Moét, want op 28 mei gaat The Day After Tomorrow al in première, een week later gevolgd door Harry Potter and the Prisoner of Azkaban. Ook hier pittig detail: beide films zijn in principe twee dagen eerder in onze dan in de Amerikaanse bioscopen te zien.
Dat was ook het geval met Van Helsing, Stephen Sommers monsterfilm die vorige week zowat officieel het startschot betekende voor het zomerse blockbusterseizoen anno 2004. Universal lijkt er blijkbaar een gewoonte van te maken om dat lint te mogen doorknippen, want sinds Twister mogen ze als eerste aan zet. Met films als The Mummy en The Mummy Returns legde hen dat geen windeieren. Verwacht wordt dat Van Helsing tijdens zijn eerste weekend de box-office al meteen zal ringeloren dat het niet mooi meer is. Dat de prent filmisch niet meer voorstelt dan een scheet in een fles (zie onze recensie), doet niet eens ter zake. Laat ons hopen dat dit onding niet de trend heeft gezet voor alle andere zomerfilms van dit jaar: dom, leeg actiongame-vertier. Troy is de eerste prent dit deze week het tegendeel mag bewijzen.