Wat kon Eddy Merckx nog doen na vijf Tourzeges? Mohammed Ali na zijn overwinning tegen Sonny Liston? Ayrton Senna na 65 pole positions? Verliezen, uiteraard. Wie hoog klimt en de top heeft bereikt, kan enkel vallen. Da's zo'n beetje wat M. Night Shyamalan overkomt met The Village, een film waarvoor de verwachtingen zo hoog gespannen waren, dat ze nooit konden ingelost worden. Niet dat het publiek het tijdens het openingsweekend in Amerika liet afweten: de 51 miljoen die The Village opbracht, is weliswaar minder dan de 60 miljoen van Signs, maar meer dan de 46 en 26 miljoen van Unbreakable en The Sixth Sense. Het was meer dat Shyamalan in totale ongenade was gevallen bij de Amerikaanse critici: ongeveer de helft van hen drenkte hun anders toch al scherpe pen in vitriool en kraakte de film. De anderen waren hooguit gematigd enthousiast. Het gevolg is dat de opbrengsten na het openingsweekend dramatisch bleven stokken en The Village wellicht nooit het succes van The 6th Sense of Signs (293 en 228 miljoen) zal evenaren.
Zijn Shyamalans gouden vingers dan echt versteend? Is zijn vertelstem door te hoge verwachtingen gestokt in de keel? Niet echt. Maar de truc met de duif begint te irriteren. Zelfs wie zo onvoorbereid mogelijk naar The Village gaat kijken, weet wat hem te wachten staat. En dan is het zoals met de goochelaar: een truc is leuk zolang je er niet over nadenkt hoe hij in elkaar zit. Tijdens het kijken naar The Village is de kneep op zich belangrijker geworden dan het effect en dat begint contraproductief te werken. Hopelijk dringt dat besef ook tot Shyamalan door. Dat hij van twists, surprise endings en The Twilight Zone houdt, weten we wel, maar het wordt tijd dat hij andere oorden op gaat zoeken en opgroeit. Ook Steven Spielberg ging ooit andere films maken dan Indiana Jones en E.T. zonder daarom zijn magische touch te verliezen. Dat Shyamalan na nog een nieuwe twistfilm (de film teveel?) zich zal toeleggen op het adapteren van Yann Martell's The Life of Pi (de Booker Prize winnaar van 2003) is wellicht een geschenk uit de hemel.
Hoezeer The Village ook op zijn voorgaande films lijkt, toch doet Shyamalan zijn best om enige nuance aan te brengen, al was het maar in periodisering. The Village speelt in het Pennsylvania van 1897. Een groep van zestig mensen leeft in de gemeenschap Covington totaal afgesneden van de buitenwereld. Iedereen leeft in een soort utopisch ideaal in vrede met elkaar. Kapitalisme en industrie hebben het landelijk karakter van Covington nog niet bezoedeld. Centraal in het dorp staat de patriarch Edward Walker (William Hurt), een minzaam man die goed voor zijn mensen probeert te zorgen. Zijn levendige, blinde dochter Ivy (Bryce Dallas Howard) is heimelijk verliefd op de vrijgevochten Lucius Hunt (Joaquin Phoenix), die ervan houdt om de regels te doorbreken. Diens moeder Alice (Sigourney Weaver) heeft op haar beurt gevoelens voor Edward. En dan is er ook nog Noah (Adrian Brody), de dorpsidioot met een boontje voor Ivy.
De vredige rust in Covington is echter maar schijn, want in de omringende bossen loert een groot gevaar - Those We Do Not Speak Of, zoals de ouderen van Covington zeggen. Wat dat gevaar juist is, laten we hier uiteraard in het midden. Dat het gevaar in het rood komt, is al vrij snel in de film duidelijk, want rood blijkt 'de slechte kleur' te zijn. Alles wat rood is (zelfs bloemen), wordt uit het dorp verbannen omdat het de geheime creaturen zou aantrekken. Geel daarentegen is 'de goede kleur' en biedt bescherming. De bewoners van Covington hebben met hun vijand een pact gesloten om elkaar met rust te laten, maar toch leven ze voortdurend in angst. Daarom dat bewakers elke nacht toortsen ontsteken en de rand van het bos in de gaten houden. Dat is de set-up van de film. Veel meer gaan we niet verklappen, want dat zou uiteraard de pret alleen maar bederven. Enkel nog dit: een bepaalde gebeurtenis zal ervoor zorgen dat één van de personages door het bos zal moeten gaan naar de buitenwereld - The Towns, zoals de ouderen dat noemen. Gehuld in een gele kap zal de held (of heldin) dus de strijd met een eeuwenoud geheim aan moeten gaan.
De set-up, de confrontatie en de afwikkeling: het duurt allemaal twee uur en op z'n Shyamalans vliegen die uren in een oogwenk voorbij. En da's paradoxaal, want net zoals in zijn vorige film toont de regisseur zich een meester in traagheid. Hij neemt uitgebreid de tijd om zijn personages en de setting voor te stellen en rekt scènes tot ze bijna knappen van de spanning. Tot Shyamalan plots de violen in een zinderend tempo laat krassen en niets anders dan kippenvel en een bonkend hart overblijft. Vaak maakt hij hierbij gebruik van suggestie: wat je niet ziet is veel enger dan wat je wel ziet. Wanneer voor het eerst de vreemde wezens opduiken (dat dit gebeurt is wellicht geen verrassing), gaat dat zoals in Signs: snel, in een glimp en met een schok die onrustige zielen meters uit het bioscoopzeteltje zal werpen.
Angst is dan ook het centrale thema in The Village. De inwoners van Covington lijken wel een pars pro toto voor het hedendaagse Amerika: angst voor de buitenwereld creëert samenhorigheid, maar ook onderdrukking. Hoe goed de ouderen het ook menen, je hebt toch altijd de indruk dat ze een dubbele agenda hebben. Waarom gaan ze de strijd met de wezens niet aan? En wat is het geheim dat ieder van hen verborgen houdt in een zwarte doos, diep verscholen in hun huizen? Het is de figuur van Lucius Hunt die de angst probeert te verbreken. Gedreven door een voor het dorp merkwaardige nieuwsgierigheid en moed, wil hij het bos door, de buitenwereld tegemoet. Een geelkapje op weg naar grootmoeders huis, met de grote boze wolf op de loer: Shyamalan toont zich in The Village een beetje Grimm. De regisseur zelf beweert dat hij die fundamentele angst vooral uit de film King Kong haalde.
Een andere inspiratiebron voor The Village was Wuthering Heights, het beroemde boek dat Emily Brönte meer dan 150 jaar geleden schreef. Shyamalan was oorspronkelijk van plan het boek te verfilmen, maar behield uiteindelijk enkel het onderliggende liefdesverhaal. Het is de driehoeksverhouding tussen Lucius, Ivy en Noah die de motor van The Village vormt en uiteindelijk iemand op pad stuurt. Liefde, hoop, angst, geloof en uiteindelijk opoffering: het zijn sinds The 6th Sense Shyamalans geliefde topoi en ook hier komen ze uitgebreid aan de orde. Shyamalan maakt daarbij graag gebruik van symboliek. Waren glas in Unbreakable en water in Signs belangrijk, dan speelt Shyamalan in The Village met kleuren: rood staat voor gevaar; geel voor bescherming. Voor de regisseur zijn de kleinste details van belang. Hou ook goed in de gaten dat de blindheid van Ivy en de zwakzinnigheid van Noah een belangrijk element in het verhaal zijn. Dat mondt zoals we van de regisseur gewend zijn uit in een grote climax die de film helemaal op zijn kop zet, maar hij doet dat deze keer via een aantal tussentijdse verrassingen. Wie denkt dat hij na het lezen van bovenstaande samenvatting al heel wat van het verhaal kent, denkt beter twee keer na. De believers zullen sidderen van genot; de non-believers zullen de plotwendingen afdoen als ridicuul en belachelijk. Wat ons betreft: we gingen ver mee, maar het einde - de finale onthulling - liet ons met een vreemd gevoel achter. De goochelaar heeft ons bekocht: de duif zat niet echt in de hoed.
Steeds meer lijkt M. Night Shyamalan zich te ontpoppen tot een filmische perfectionist, een architect met pelicule. Bijna elk shot in zijn film lijkt te kloppen. Hij is geen beeldenkunstenaar van de nieuwe generatie, schuwt een flitsende montage of postmoderne regie, maar zijn shots ogen oerdegelijk en zijn altijd doordacht. Zie bijvoorbeeld hoe knap de cruciale scène tussen Lucius en Noah in elkaar zit of hoe Shyamalan af en toe, om de spanning op te drijven, de rechtlijnigheid van zijn verhaal laat varen. Shyamalan breekt dan een bepaalde scène af, springt naar de toekomst, om pas daarna te laten zien wat er zich in tussentijd eigenlijk afspeelde. Minstens twee keer levert dat een geniaal effect op. Niets dan lof ook voor de donkere fotografie van Roger Deakins (The House of Sand and Fog), die Covington in een soort fin de siècle tristesse dompelt die enkel maar onheil kan aankondigen. James Newton Howard, Shyamalans vaste huiscomponist, laat op de spannende momenten de violen ontploffen.
Shyamalan eiste ook het uiterste van zijn acteurs. In de weken voorafgaande aan de opnames moest de cast leren leven in 19de eeuwse omstandigheden, en ondanks het krappe opnameschema (twee maanden), waren meer dan 50 takes voor één schot geen uitzondering. De verrassing van de cast is alleszins Bryce Dallas Howard, de dochter van regisseur Ron Howard, die de rol van Ivy in de schoot geworpen kreeg nadat Kirsten Dunst moest afhaken wegens andere verplichtingen. De intensiteit waarmee Howard de rol van blinde Ivy speelt snijdt door het hart. De rol van Lucius werd door Shyamalan speciaal voor Joaquin Phoenix geschreven en met verder William Hurt, Sigourney Weaver en Adrien Brody in de cast, weet je dat je over degelijke acteurs beschikt.
Het eindverdict van The Village is dubbel. Shyamalan bewijst zich nog maar eens als een meesterverteller, een uitmuntend sfeerschepper en ijzersterk acteursregisseur, maar heeft zich tegelijk vast gereden in zijn eigen succesformule. Shyamalan is een beetje Lance Armstrong. Wie teveel wint, gaat uiteindelijk vervelen. Een zesde Tourzege of The Village gaan dan al snel op een handigheidje lijken. Ook voor Shyamalan ligt de grote boze wolf dus op de loer. Hul je in het geel en laat je niet vangen, kerel - dat zou eeuwig zonde zijn.
Genre: Thriller
Speelduur: 1u48
Regie: M. Night Shyamalan
Acteurs: Bryce Dallas Howard, JoaquinPhoenix, Adrien Brody, William Hurt,Sigourney Weaver, Brendan Gleeson,Cherry Jones, Celia Weston, JohnChristopher Jones