DODGEBALL: A TRUE UNDERDOG STORY

Mannen met ballen

Foto: Fox Foto: Fox Foto: Fox
Het alternatieve universum waarin de door conventies gedomineerde sportfilm zich openbaart is er een dat parallel loopt met dat van de underdogfilm. Of het nu om Kevin Costner gaat die een golfballetje slaat en daarbij against all odds Don Johnsons grijnzende tronie lik op stuk geeft in Tin Cup of als we ontroerend toekijken hoe Tom Hanks' ontslagen, aan AIDS lijdende advocaat het in Philadelphia tegen zijn schijnbaar koudbloedige voormalige werknemers opneemt, we kunnen er niet onderuit: mensen houden van verhalen waarin een of meerdere personages tegen een sterkere rivaal strijden om daarbij als (morele) overwinnaars het slagveld te verlaten. Het bioscooppubliek schaart zich bijna instinctief aan de kant van de (aanvankelijk) zwakkere partij en doorheen de filmgeschiedenis zijn de talloze interpretaties van de beroemde David en Goliath mythe niet te tellen. Van de Alamo tot Helm's Deep, langs The Shawshank Redemption via de carrière van Adam Sandler (die een patent op het genre lijkt te hebben)... de underdogfilm is van alle tijden en komt in alle vormen en maten aan bod. En nu is er dus een nieuwe aanwinst: Dodgeball. A True Underdog Story volgens de makers, maar eerder een lang uitgesponnen "Men Getting Hit In The Groin" sketchshow.

Als er een man is wiens constante aanwezigheid in bioscoopzalen uiteindelijk zou kunnen leiden tot publieke afkeer is het Ben Stiller wel. Deze niet geheel onverdienstelijke komiek, die de laatste jaren in - haal diep adem - Zoolander, Meet The Parents, The Royal Tenenbaums, Duplex, Along Came Polly, Starsky And Hutch, Envy en nog een heleboel meer kwam aandraven is niet van het scherm weg te denken. De man is acteur, schrijver, regisseur, producent en een superster in Amerika. Hier bij ons, in de nuchtere lage landen, is zijn populariteit iets geremder maar het valt niet te ontkennen dat films zoals Meet The Parents en het abominabele Along Came Polly publiekstrekkers zijn. Stiller vormt wat haast niets anders kan zijn dan een hechte vriendenkring met een hele resem komische acteurs zoals partner in crime Owen Wilson (ook al zo'n manusje-van-alles), Will Ferrell, Vince Vaughn, Jack Black en ga zo maar door. Ook nepotisme is hem niet vreemd wat de aanwezigheid van zijn vrouw Christine Taylor in deze Dodgeball én het door Stiller geregisseerde Zoolander verklaart (waarin ook zijn vader Jerry Stiller een belangrijke rol had). Verder nam hij in 1995 het risico om de duistere kant van Jim Carrey te tonen in de commercieel en kritisch verguisde maar best wel vermakelijke zwarte komedie The Cable Guy en is hij een vaste waarde in de jaarlijkse MTV Movie Awards shows.

In Dodgeball levert hij een volstrekt idioot personage af in de vorm van de zelfingenomen sportfreak White Goodman, een karikaturale spin-off van zijn al even onzinnige titelpersonage in het plezant/stupide Zoolander. Met een volledig foute snor, gruwelijk wijd kapsel en iets wat onmogelijk anders beschreven kan worden (binnen de grenzen van het zedelijke) dan een geslachtsdeelpompje kronkelt hij zich door deze film als een door spierversterkende middelen opgefokte Patrick Swayze kloon. Zijn White Goodman is de culminatie van elke sportartikelen aanprijzende kleerkast die ooit op het kleine scherm verscheen. Het is slechts een van de vele gestoorde karakters die in Dodgeball het witte doek onveilig maken.

Als de onbezorgde Peter La Fleur (Vince Vaughn) tot de realisatie komt dat zijn krakkemikkige fitnesszaal Average Joe's (waar "failure" wel degelijke "an option" is) op het punt staat in de handen te vallen van de pompeuze, megalomane Globo Gym fitnessgoeroe White Goodman is hij de wanhoop nabij. Zijn vrienden, een kleine groep sociaal genegeerde losers, zoeken koortsachtig naar een oplossing die hen de nodige vijftigduizend dollar moet opleveren en in een waanzinnige poging om de zaak te redden besluiten de lokale misfits deel te nemen aan een Dodgeball toernooi in Las Vegas. Maar ze komen algauw tot de conclusie dat de wereld van de competitieve sport er een is van bruut geweld, naar het hoofd geslingerde moersleutels, blaffende mindervalide Ierse trainers en louche wanpraktijken.

Het lijkt volstrekt overbodig om de banaliteit van een film zoals Dodgeball aan te halen. De prent kent geen enkele filmische waarde en is niets meer dan een aaneenschakeling van soms slecht getimede, soms geslaagde grappen. Dat betekent niet dat deze sportparodie geheel waardeloos is. Net als Stillers Zoolander beseffen de makers en cast maar al te goed hoe dwaas hun film is en het is net die zelfrelativering die ervoor zorgt dat het publiek best bereid is om mee te gaan in dit dertien in een dozijn verhaaltje.

Debuterend regisseur Rawson Marshall Thurber verzamelde een voorspelbare cast van bekende koppen met wisselend succes. Stiller is geslaagd en brengt de stompzinnigheid van zijn narcistische personage leuk tot leven, nergens grappiger dan in de Globo Gym reclamespot ("we're better than you and we know it!"). Zijn antagonist, en de held van het verhaal, Vince Vaughn komt minder goed uit de verf als La Fleur, de relaxte eigenaar van Average Joe's. Het is een weinig dankbare rol want in tegenstelling tot bijna elk ander personage heeft La Fleur geen opzienbarende tics of vreemde trekjes. Hij is de echte Average Joe in deze film en bijgevolg ook weinig boeiend. De rest van de cast is erg hit and miss. Christine Taylor is een knappe verschijning maar een onopvallende love interest die samen met de fitnesszaak de inzet wordt van het gevecht tussen La Fleur en Goodman. De poging om haar excentriek te maken gaat volledig de mist in en slaat nergens op (ze is geobsedeerd door eenhoorns). Stephen Root brengt als de veel te brave Gordon een andere versie van zijn Milton karakter uit de weinig opgemerkte maar amusante cultkomedie Office Space en terwijl Alan Tudyk (de acteur die recent overtuigend Sonny de robot in I, Robot tot leven bracht) als de eendimensionale Steve the Pirate er een beetje nutteloos bijloopt (de humor die schuilt in een "Arr matey" mompelende kerel is hier gauw uitgewerkt) schreeuwt Rip Torn zich leuker dan verwacht een weg door de film als de Dodgeball veteraan Patches O'Houlihan ("If you can dodge traffic, you can dodge a ball!").

Ondanks een verrassend aantal geslaagde grappen waaronder een oude Dodgeball instructiefilm (compleet met een tegen de camera pratend jongetje en een Troy McClure - The Simpsons - achtige sportheld, in dit geval de jonge Patches, vertolkt door Hank Azaria) slaagt Dodgeball er niet in om de aandacht vast te houden en loopt het bijna volledig uit de hand tijdens de door vreemde cameo's gedomineerde finale (zo komen onder andere een beroemde wielerprof en een bijna bejaarde "Texas Ranger" even langs), waarbij de houdbaarheid van de ontelbare "man krijgt bal op hoofd of in kruis" grappen lang verstreken is. Een subplot dat vertelt over hoe de jonge Justin (Justin "Jeepers Creepers" Long), nog zo'n Average Joe, een carrière als cheerleader ambieert om ook nog eens de knapste griet van de school binnen te doen is overbodig en storend en de twee sportcommentatoren tijdens de vele Dodgeball duels werken algauw op de zenuwen.

Het resultaat is een middelmatige film die ondanks de bovenvermelde kritiek zeker leuke momenten heeft. De onderbroekenlol blijft opvallend beperkt (op een wansmakelijke maar lachwekkende post-credits scène na, dus blijf tijdens de generiek nog even zitten) en de cast lijkt zich wel degelijk goed te amuseren. Of het publiek deze film weet te smaken hangt af van de bereidbaarheid om het verstand thuis te laten. Dodgeball is kleurrijke, lawaaierige, infantiele en hersenloze nonsens. En daar hoeft op zich niet altijd iets mis mee te zijn.

Titel: Dodgeball
Genre: Komedie
Speelduur: 1u32
Regie: Rawson Marshall Thurber
Acteurs: Vince Vaughn, ChristineTaylor, Ben Stiller, Rip Torn, JustinLong, Stephen Root, Chris Williams,Hank Azaria