ALEXANDER

De Grote niet groots

Foto: A-Film Foto: A-Film Foto: A-Film
Leonardo DiCaprio in de rol van Alexander de Grote, Nicole Kidman als zijn moeder Olympias en Baz Luhrman in de regiestoel. Als we alleen al denken aan de visuele pracht en praal die Luhrman aan het leven van Alexander de Grote zou hebben gegeven, dan begint menig filmliefhebber bij voorbaat al te kwijlen. Maar het mocht niet zo zijn. Oliver Stone was hem voor.

Het is vijf jaar geleden dat Oliver Stone zijn laatste poging deed om een speelfilm te maken en Any Given Sunday was op bijna alle fronten een enorme teleurstelling. Als we goed kijken is het eigenlijk al tien jaar geleden dat Stone een echt interessante film maakte: Natural Born Killers. Een film vol extravagante visuele uitspattingen die veel stof deed opwaaien; een eigenschap die vrijwel al zijn films tot die tijd in zich hadden.

Waar is die filmmaker gebleven? De filmmaker die niet bang was om mensen aan het denken te zetten (Born on the Fourth of July). De filmmaker die volop experimenteerde met montage en visuele effecten (Natural Born Killers). De filmmaker die inzag dat muziek een integraal onderdeel is van het proces van het filmmaken (The Doors). Die filmmaker is nergens meer te bekennen en al helemaal niet in Alexander.

Alexander is het levensverhaal van Alexander de Grote (Colin Farrell), het enigmatische militaire genie die in zijn vijfentwintigste levensjaar al negentig procent van de toen bekende wereld had veroverd. Hij was de zoon van de Macedonische koning Philippus II (Val Kilmer) en zijn echtgenote Olympias (Angelina Jolie). Op zijn twintigste bestijgt Alexander de troon na de onfortuinlijke moord op zijn vader en trekt vervolgens ten strijde tegen de Perzen, verovert Babylon en stoomt door tot ver in India. Daar komt hij op de jonge leeftijd van 32 jaar op mysterieuze wijze aan zijn einde.

Oliver Stone presenteert zijn interpretatie van Alexanders geschiedenis als een groots spektakel met exuberante decors en mooie uitgestrekte natuurbeelden. De cast is over het algemeen capabel genoeg om de enorme hoeveelheid personages tot leven te brengen. Colin Farrell zet Alexander neer zoals Stone dat voor ogen heeft: een gepassioneerde dromer. Val Kilmer kan aardig uit de voeten met Philippus II, en Angelina Jolie zet Olympias neer met een maniakale berekendheid die elke zoon de stuipen op het lijf zou jagen. De grote kanttekening bij het optreden van Jolie is haar ontzettend overdreven Slavische accent dat geen seconde geloofwaardig is.

Ondanks dit alles weet je dat je toch een uitdaging hebt als de eerste tien minuten van je film gevuld zijn met een monoloog vol archaïsch taalgebruik dat voor een moderne filmkijker volkomen onbegrijpelijk en oninteressant is. Zelfs als het uit de mond van een van de beste acteurs op de planeet komt: Anthony Hopkins. Deze trend zet zich voort gedurende de resterende 160 minuten. Iedereen heeft dialogen uit zijn of haar hoofd moeten leren die volslagen voorbij gaan aan hun doel: intrigerend zijn voor de kijker. Het resultaat is dat we uiteindelijk gewoon geen zier geven om wat de personages zeggen of doen en zo ook enige sympathie voor hen kwijtraken.

Het volgende probleem in de grote lijst van knelpunten aangaande Alexander zijn de veldslagen. Gedurende de 170 minuten tellende speelduur zijn dit er helaas maar twee. De eerste is historisch het meest correct. De grote slag bij Gaugamela is spectaculair om te zien. Grootse troepenmachten trekken ten strijde op een braakliggend terrein en voor de kijkers met een ietwat zwakke maag valt hier genoeg te 'genieten.' Maar waarom slaat Stone de veldslagen bij Issos en Granicus over? Deze slagen hadden pas echt goed een beeld kunnen vormen van Alexander de Veldheer. Op zich heeft Alexander goede ideeën en weet hij zijn troepen uitstekend te sturen in het heetst van de strijd - voor zover dat al mogelijk was - maar in de Slag bij Gaugamela verliest hij in zekere zin de strijd. Koning Darius III ontsnapt uit de klauwen van Alexander en het doel van de strijd was om hem om te brengen.

De andere grote strijd die we zien is die van Hyadaspes in India. In een redelijk dichtbegroeid oerwoud moeten Alexander en zijn troepen het opnemen tegen een troepenmacht die gebruik maakt van grote olifanten - in de stijl van Hannibal. De claustrofobie en de chaos van deze strijd worden door Stone goed in beeld gebracht. Maar dan komt het: Alexander wordt van zijn paard gegooid en wordt gewond afgevoerd! Hij weet dus weer zijn strijd niet succesvol af te maken. Hoe moeten wij als onwetende kijkers dan overtuigd raken van het militaire genie dat in Alexander de Grote huist?

Oliver Stone lijkt hier verder ook helemaal niet in geïnteresseerd te zijn. Hij wil ons de mens achter de legende laten zien, maar het enige dat hij laat zien is een figuur die voortdurend aan het dubben is tussen het zijn van een homoseksuele of een heteroseksuele man (iets waar de moderne Grieken erg veel problemen over maakten). De zwangere blikken die Alexander constant uitwisselt met zijn vriend en toeverlaat Hefaistion (Jared Leto) zijn in het begin misschien nog interessant te noemen, omdat het op dat moment een zekere spanning meebrengt, maar na twee uur hebben we dat ook wel weer gezien. Stone's Alexander is een zeurpiet en had beter en vooral interessanter uit de verf gekomen als Stone de nieuwe opvattingen rondom Alexander had aangehangen: hierin is Alexander een bullebak, een wreed heerser, een genie.

Het leek er even op dat Gladiator in 2000 een nieuw tijdperk in ging luiden voor het sandalendrama, maar de laatste vier jaar hebben niets meer teweeg gebracht dat ook maar in de buurt komt van Ridley Scott's epos. Troy was een aanfluiting en nu is Alexander ook nog eens hard op zijn gezicht gegaan. Moeten we de hoop opgeven of moeten we maar stiekem gaan hopen dat Baz Luhrman door het falen van Stone's Alexander nieuwe inspiratie gaat krijgen? De toekomst zal het uitwijzen.

Titel: Alexander
Genre: Historisch drama
Speelduur: 2u55
Regie: Oliver Stone
Acteurs: Anthony Hopkins, DavidBedella, Jessie Kamm, Angelina Jolie,Val Kilmer, Colin Farrell, Jared Leto