REEKS: DE OSCAR VOOR DE BESTE BUITENLANDSE FILM

Deel I: de jaren veertig

Foto: ENIC Foto: ENIC Foto: ENIC
In de aanloop naar de uitreiking van de Oscars blikken we terug op de winnaars van de categorie beste buitenlandse film. Een categorie die werd toegevoegd kort na de Tweede Wereldoorlog. De leden van de Academy waren danig onder de indruk van de Italiaanse neorealistische film Sciuscia van Vittorio De Sica dat ze hem een Award toekenden. Die gaven ze een jaar later opnieuw aan het Franse Monsieur Vincent. Met Ladri di Biciclette pakte De Sica twee van de drie eerste onderscheidingen.

Monsieur Vincent
De triomftocht van De Sica werd onderbroken door de Franse film Monsieur Vincent. Het Vaticaan is officieel fan van de film die verhaalt over het bizarre leven van Sint Vincent de Paul. Hij werd als jonge priester door zeerovers ontvoerd en was twee jaar slaaf in Tunis. Na zijn vrijlating keerde hij terug naar Frankrijk waar hij pastoor werd in de buurt van Parijs. Zeven jaar later benoemde zijn bisschop hem tot pastor voor de galeislaven. Omdat hij geschokt was door de belabberde spiritualiteit van de Parijse geestelijkheid en de hemeltergende ellende van de armen, stichtte hij in 1624 de congregatie van de Lazaristen die zich toelegden op gebed, prediking en armenzorg. Later stichtte hij de congregatie van de Dochters van Liefde. Die zetten zich in voor gevangenen en gedeporteerden, bedelaars, weeskinderen, bejaarden en invalide soldaten. Monsieur Vincent (gespeeld door Pierre Fresnay) was een meeslepende prediker. In 1737 werd hij heilig verklaard. De film is geen dweperig heiligenbeeld maar een goedgemaakte, kritische biografie. Frenay werd bekroond voor zijn vertolking op het Filmfestival van Venetië. Voor hoofdrolspeler Frenay en regisseur Maurice Cloche was Monsieur Vincent het absolute hoogtepunt in hun loopbaan.

De Sica en het neorealisme
De Franse oscarwinst werd vooraf gegaan en gevolgd door een bekroning van neorealistische films van Vittorio De Sica. Het neorealisme is een filmstroming die tijdens de Tweede Wereldoorlog ontstond in Italië als protest tegen de glossy door het fascistische regime gesponsorde films uit de oorlogsjaren. De films werden zonder kunstlicht gedraaid op locatie. Ook inhoudelijk benaderden de films de werkelijkheid zo dicht mogelijk. Amusement leek op dat moment ongepast: Italië likte de wonden na de periode Mussolini. De sociale onvrede was groot. Het neorealisme stelde zich ook rechtlijnig op tegen de pretfabriek uit Hollywood. Neorealistische films zijn niet grappig, niet spectaculair en lopen bijna altijd slecht af. De Deense Dogma 95-beweging (Festen, Mifune, The Idiots, Italiensk For Begyndere) nam veertig jaar later een aantal elementen over, maar liet meer vrijheid in de keuze van het onderwerp en de uitwerking van de plot.

In de neorealistische versie van Notting Hill zou Julia Roberts Hugh Grants boekenwinkeltje binnenstappen. Ze zou niets kopen en ze zouden elkaar nooit meer zien. Roberts zou trouwen met een rijke jonge popster of oliemagnaat. Intussen zou Grants winkeltje op de fles gaan omdat hij weg geconcurreerd wordt door de boekenverkopende Albert Heijn in de buurt. Zo gaat het in het echte leven, zo gaat het ook in de neorealistische films die Vittorio De Sica, Luchino Visconti, Roberto Rossellini en Giuseppe De Santis draaiden. De hele neorealistische beweging was een verschijnsel van pessimisme vlak na de Tweede Wereldoorlog. Toen de sociale situatie zich verbeterde, verdween de stroming vanzelf. Het genre was nooit echt populair in Italië zelf. Het had wel een belangrijke intellectuele invloed op kunstenaars en filmmakers in de rest van de wereld. Vooral de Amerikanen en de Franse waren er dol op.

Ladri di biciclette en Vittorio De Sica zijn onlosmakelijk verbonden met het genre. De Italiaanse regisseur begon zijn carrière als acteur in populaire zedenkomedies. Hij was de meest geliefde acteur van Italië toen hij aan het begin van WO II zelf zijn eerste film regisseerde. Ook als regisseur was hij aanvankelijk niet sociaal of politiek bewust. De films uit zijn beginperiode zijn simpele commerciële komedies. In I bambini ci guardano (1942) zijn de eerste kenmerken van het neorealisme terug te vinden. Met deze film begon ook zijn samenwerking met Cesare Zavanatti, de theoreticus van het neorealisme. In 1946 begonnen ze met een serie over de urbane problemen van het naoorlogse Italië. Sciuscia (1946) was het eerste resultaat van de samenwerking.

Giuseppe en weesje Pasquale zijn schoenenpoetsers in Rome. Ze sparen geld om een groot wit paard te kopen waarmee ze willen ontsnappen aan hun armoedige bestaan. Naïef als ze zijn, laten ze zich betrekken in een schimmig complot om een waarzegster op te lichten. Het loopt slecht af en de kinderen belanden achter de tralies. Ze worden beschuldigd van een misdaad die ze niet gepleegd hebben. Het verblijf in de jeugdgevangenis stelt hun vriendschap zwaar op de proef. Verloren onschuld is een van de belangrijkste thema's van het neorealisme. Het onmenselijke, asociale rechtssysteem houdt geen rekening met het welzijn van kinderen. Ongeïnteresseerde rechters en advocaten zetten de snotneuzen tegen elkaar op en dwingen hen te liegen en elkaar te bedriegen om hun vel te redden. De niet-professionele jonge acteurs zijn niet altijd even overtuigend en bezondigen zich nogal eens aan Latijnse overacting. Franco Interlenghi - die Pasquale speelde - zou nog een lange, succesrijke loopbaan uitbouwen. Hij filmde onder andere met Federico Fellini (I Vitelloni), Joseph L. Mankiewicz (The Barefoot Contessa) en Roberto Rossellini (Viva l'Italia!). Rinaldo Smordoni (Giuseppe in de film) had nog twee rolletjes in andere films en verdween toen uit de filmwereld. Naast de niet- officiële oscar voor beste buitenlandse film kreeg. Sciuscia ook een oscarnominatie voor het scenario.

De Fietsendief
De naam Vittorio De Sica is onlosmakelijk verbonden met Ladri di Biciclette, de ultieme belichaming van neorealisme. De Sica werkte opnieuw met niet-professionele acteurs en stelde zijn camera op in de straten van Rome. Het eenvoudige verhaal over een man die zijn baan als afficheplakker verliest omdat zijn fiets gestolen wordt, is de kapstok waaraan De Sica zijn scherpe en weinig hoopgevende schets van de Italiaanse naoorlogse samenleving ophangt. De vader heeft de fiets nodig om de stad vol te kunnen plakken met posters van Hollywoodfilms. Het geld waarmee hij de fiets kocht, verzamelde hij door het beddengoed van de familie te verpanden. Wanneer hij op zijn eerste werkdag de fraaie benen van Rita Haywarth aan een muur plakt, gaat een dief er met zijn fiets vandoor. De vader heeft geen geld om een nieuwe te kopen dus zit er niets anders op dan met zijn zoontje de stad te doorkruisen op zoek naar zijn fiets. Het is een naald in een hooiberg.

Eenvoudiger kan een plot niet zijn, maar De Sica maakt van de zoektocht een soort moderne urbane Homerische tocht door de arme wijken van de stad en een straffe aanklacht tegen armoede, hypocrisie en het establishment dat de ogen sluit voor structurele oneerlijkheid. Ladri di Biciclette is een studie van een maatschappij waarin het verlies van iets triviaals als een fiets een onoverkomelijk probleem is. Vader en zoon staan helemaal alleen. De politie heeft belangrijker zaken om handen, de Kerk lijkt niet bekommerd om de armen: hoe meer armen er zijn, hoe groter het wervingspotentieel voor de christelijke boodschap. Chacun pour soi, maar de Dieu uit Ladri di Biciclette is er niet pour tous. Op veel steun van lotgenoten - andere werklozen, armen, voorbijgangers, obers, tramchauffeurs - hoeven vader en zoon ook al niet te rekenen. Iedereen is arm, ieder heeft zijn eigen problemen. De vader en de zoon hebben enkel elkaar. Terwijl zijn vrouw naar een waarzegster holt, zoekt de afficheplakker verder. Overdreven sympathiek zijn de personages niet en hoe meer ze in het nauw gedreven worden, hoe feller ze van zich afbijten. De vader gebruikt steeds driestere middelen om zijn fiets terug te krijgen. De vraag is uiteindelijk hoe ver hij daarvoor wil gaan.

Lamberto Maggiorani is indrukwekkend als getormenteerde vader. De strijd met zijn geweten is herkenbaar en universeel. Hij heeft een vrouw en twee kinderen te onderhouden en het zit hem niet mee. Zijn zoontje wijkt niet van zijn kant. Het ventje met de grote, donkere ogen is geen onwetend knulletje maar een straatjochie dat zijn plaats kent, met zijn vader mee wil vechten voor een beter bestaan. Een kind dat niet de kans krijgt kind te zijn.

Met Ladri di Biciclette tekende De Sica voor het hoogtepunt van het neorealisme. Cesare Zavattini schreef het scenario van de klassieker. Hij zou nog jaren samenwerken met De Sica. Zo schreef hij onder andere Il Giardino dei Finzi-Contini, I Girasoli, Ieri, oggi, domani, Miracolo a Milano, Umberto D en de Engelstalige film Woman Times Seven. Een paar jaar na Ladri Di Biciclette droeg Vittorio De Sica het genre ten grave met de geflopte film Umberto D. Hij regisseerde vanaf dan minder films en ging weer acteren. Hij kreeg een oscarnominatie voor zijn bijrol in de Hemingway-verfilming A Farewell to Arms. In de jaren '60 keerde hij krachtig terug aan de top van de Italiaanse film. In 1965 won Ieri, Oggi, Domani (Gisteren, Vandaag, Morgen) de oscar voor beste buitenlandse film, in 1966 werd Matrimonio All'Italiana genomineerd. Giardino dei Finzi-Contini over de jodenvervolging in fascistisch Italië won de Gouden Beer in Berlijn in en leverde hem een vierde Oscar op.

In de aanloop naar de uitreiking van de Oscars blikken we per decennium terug op de winnaars van de categorie beste buitenlandse film. Een categorie die werd toegevoegd kort na de Tweede Wereldoorlog.