BEN-HUR

De film die een studio moest redden

Foto: MGM Foto: MGM Foto: (fotomontage; origineel Paramount)
We schrijven de jaren vijftig. In Amerika was de televisie zo populair geworden dat heel wat studio's op de rand van het bankroet kwamen te staan. Dat is ook het geval voor MGM, dat uiteindelijk besloot om al zijn geld te pompen in het enige genre dat in dit decennium nog volk naar de bioscoop lokte: het sandalenepos à la The Ten Commandments. De opdracht voor regisseur William Wyler en producent Sam Zimbalist was dan ook eenvoudig: overtref jezelf met zo'n epos. En dat deden ze met Ben-Hur.

De ontstaansgeschiedenis van Ben-Hur begon een heel stuk vroeger, namelijk in 1880. Generaal Lewis Wallace publiceerde toen een boek dat in de eerste twee jaar niet veel potten brak, maar daarna zou lopen als een trein. Het hoofdpersonage is een joodse prins die door zijn Romeinse vriend verraden wordt en naar de galeien wordt gestuurd. Na lange tijd keert hij terug naar zijn geboorteland waar hij op wraak zint en uiteindelijk zijn nemesis moet trotseren in een gevaarlijke strijdwagenrace. Als achtergrond van dit hele verhaal koos Wallace voor de levensloop van Christus. De roman begint dan ook met de geboorte van Jezus en eindigt met zijn dood. Aanvankelijk bleef het religieuze element in het boek beperkt tot deze verwijzingen naar Christus, maar door een ontmoeting tussen de schrijver en een agnost kreeg de roman toch nog een andere wending. Het hoofdpersonage zou dan net zoals zijn schepper een heuse bekering ondergaan.

Ben-Hur kreeg eerst een waanzinnig populaire theaterversie. De Amerikanen vergaapten zich aan de echte strijdwagens en echte paarden op het toneel en waren maar al te blij toen de eerste verfilming in 1907 zijn opwachting maakte. De hele roman was nu samengebald in 15 minuten. De film was dus niks meer dan een samenvatting van een zestal topmomenten, met als hoogtepunt natuurlijk de beroemde race. De nazaten van Wallace waren allesbehalve onder de indruk, want zij hadden voor dit project geen toestemming gegeven. Ze spanden een proces in tegen de makers van de film en dat legde hen geen windeieren. Vanaf toen zou een filmmaker wel twee keer nadenken vooraleer hij zonder toestemming een roman wou verfilmen.

In 1925 kwam er al een tweede verfilming. Deze zou de geschiedenis ingaan als de duurste stille film aller tijden; een dure film kostte toen maximum 1 miljoen dollar, bij deze versie van Ben-Hur liepen de kosten op tot niet minder dan 4 miljoen. Een van de oorzaken was de problematische opnames in Italië. Bij de figuranten raakten fascisten en hun opponenten bijna dagelijks slaags en de opnames van de zeeslag liepen bijna uit op een catastrofe. MGM besloot daarop de film verder in Amerika af te maken. Maar ook daar bleven de kosten oplopen: zo werden er bijvoorbeeld een veertigtal camera's gebruikt voor de opnames van de beroemde strijdwagenrace, een tot dan toe ongehoord aantal.

Midden jaren vijftig zag MGM dus met lede ogen de opgang van de televisie aan en was het aan William Wyler en Sam Zimbalist om de boel te redden. Geld was geen probleem, liet MGM verstaan, zolang ze maar een film maakten die de Amerikanen terug massaal in de bioscoopzaal zou krijgen. Wyler nam het aanbod alleszins gretig aan. Hij had al verschillende filmgenres geregisseerd, maar het sandalenepos was vrij nieuw voor hem en dat was dus een uitdaging. Overigens was hij nog als assistent betrokken geweest bij de vorige verfilming, zodat hij niet helemaal onervaren was. Zimbalist zou een tweetal maanden voor het beëindigen van de film overlijden, zodat Wyler, die al meer dan de handen vol had, ook nog eens zijn taak moest overnemen.

In ieder geval besloot Wyler voor de casting van de Romeinse personages te kiezen voor Engelse acteurs en voor de joden voor Amerikaanse. De regisseur vond namelijk dat het aristocratische Britse accent beter bij de Romeinen paste. Voor de hoofdacteur werd in de eerste plaats niet gedacht aan Charlton Heston. Integendeel, een hele reeks aan bekende sterren waaronder Paul Newman en Burt Lancaster kwam op auditie. Uiteindelijk was het Wyler zelf die met de naam van Heston op de proppen kwam; de regisseur was onder de indruk geweest van diens kunnen in één van zijn vorige films, namelijk The Big Country. En het feit dat Heston al in o.a. The Ten Commandments had gespeeld, bleek een troef te zijn. Voor de rol van Ben-Hurs nemesis Massala koos Wyler dan weer voor de relatief onbekende Schot Stephen Boyd. De jongeman had nog maar een paar rolletjes op zijn naam staan, maar liet een zeer sterke indruk op Wyler na tijdens de auditie. Gemakkelijk kreeg Boyd het in ieder geval niet; in tegenstelling tot Heston kreeg hij maar amper een paar weken de tijd om met een strijdwagen te leren rijden.

Dat was nog niets vergeleken met de lijdensweg die het script moest afleggen. Op een bepaald moment had MGM zelfs enkele tientallen scenario's ter beschikking! Een moeilijk punt was de oorzaak van het conflict tussen Ben-Hur en Massala, dat beter in de verf moest worden gezet. Een van de schrijvers suggereerde om van de twee mannen geliefden te maken. Het zou Massala's teleurstelling en verraad in ieder geval geloofwaardiger maken. Anderzijds moest dit homoseksuele gegeven in het preutse Hollywood met de nodige omzichtigheid behandeld worden. De meer dan vriendschappelijke relatie tussen de twee mannen werd dus eerder gesuggereerd dan getoond of uitgesproken.

Net zoals bij de vorige versies bleef de verfilming van de strijdwagenrace een heus huzarenstukje. De bouw van het stadion liep vertraging op omdat archeologen het niet eens waren over het uitzicht ervan en de opvang van de duizenden figuranten bleek een grotere organisatie te zijn dan verwacht. Bovendien waren deze Italiaanse figuranten zo enthousiast dat sommige opnames compleet uit de hand liepen. Tenslotte verloor één van de stuntmannen bijna het leven. Ook de opnames van de zeeslag verliepen allesbehalve vlot. Het duurde bijvoorbeeld lang vooraleer de filmploeg een manier vond om het water in het speciaal gebouwde bassin blauw te kleuren. En de binnenkant van de boot, waarin Heston als galeislaaf figureert, bleek te klein te zijn voor de camera's. Er zat dus niets anders op om al deze scènes dan maar in de studio op te nemen.

Maar het resultaat mocht er zijn. Net zoals het boek, het toneelstuk en de vorige verfilmingen was ook deze versie meer dan een voltreffer. Ben-Hur redde MGM inderdaad van het bankroet en kreeg niet minder dan 11 oscars. Charlton Heston kon voor de rest van zijn carrière op beide oren (blijven) slapen en zou de ene heldenrol na de andere vertolken. De film heeft ondertussen zelfs de status van klassieker gekregen; mede door de zeeslag en vooral de nog altijd spectaculaire en spannende strijdwagenrace blijft Ben-Hur ook een modern publiek aanspreken.

Elke maand stoffen we bij Movie een filmklassieker af. Surf doorheen het archief om de vorige klassiekers te lezen.