Met alle oorlogen, terroristische aanslagen en groeiende globale paranoia vergeten we soms wel eens dat er niet alleen in het Irak van deze wereld onschuldige slachtoffers hun dood vinden in door politiek en onvrede gevoede conflicten. Recent werden we met onze neuzen op de feiten gedrukt met Hotel Rwanda, waarin de volledig uit de hand gelopen rivaliteit tussen Hutu’s en Tutsi’s uitmondde in een door de wereldmachten schandelijk genegeerde genocide. Ook Omagh drukt zijn vinger op een pijnlijke wonde en confronteert zijn publiek met de gevolgen van een bomaanslag in een dorp in Noord-Ierland.
In 2002 werd regisseur Paul Greengrass in een klap een gerespecteerd regisseur met Bloody Sunday; een als een documentaire opgebouwde, op waargebeurde feiten gebaseerde prent waarin een mensenrechtenmars op dertig januari in 1972 in het Ierse dorp Derry brutaal verstoord wordt als het Britse leger het vuur opent op de mensen in de vredelievende protestmars, met dertien doden en veertien gewonden als pijnlijke gevolg. Greengrass’ film komt aan als een mokerslag en de centrale acteerprestatie van James Nesbitt is subliem. Het nog lang na de eindgeneriek nazinderende Sunday Bloody Sunday van U2 laat het publiek met verstomming achter. Greengrass werd niet lang daarna door Hollywood ontdekt maar hij bleef trouw aan zijn kwaliteiten als regisseur met het hyperkinetisch in beeld gebrachte en adrenalinepompende The Bourne Supremacy. Nu werkt hij volop aan wat hijzelf de Citizen Kane van de stripverfilmingen noemt; The Watchmen, gebaseerd op het gelijknamige graphic novel van Alan Moore. Voor Omagh schreef Greengrass mee aan het scenario en hij produceerde de film. De vooral voor televisie actieve Pete Travis (in 2003 realiseerde hij de miniserie Henry VIII met Ray Winstone in de titelrol) nam de regie voor zijn rekening.
We schrijven 1998 en zoals dat wel vaker gebeurt voor rampspoed toeslaat begint de dag in Omagh zoals alle andere. Toch weet het publiek meteen dat er iets gruwelijk mis zal gaan. Twee leden van de Real IRA rijden een wagen met daarin een dodelijke bom naar een drukke straat in het dorp, parkeren het voertuig en maken zich uit de voeten. Nietsvermoedende voorbijgangers lopen af en aan en onder hen bevindt zich ook Aiden Gallagher (Paul Kelly), de eenentwintigjarige zoon van automecanicien Michael (Gerard McSorley). De politie wordt getipt over een mogelijke bom maar door omstandigheden sluiten ze niet het juiste deel van de straat af en lopen de zich nu veilig wanende voetgangers nog steeds in de buurt van de naar ontploffing tikkende autobom. Het onvermijdelijke gebeurt en een explosie doodt negenentwintig slachtoffers en veroorzaakt honderden gewonden. Als Michael het nieuws verneemt en hij een groeiende paniek bij zijn vrouw en kinderen vaststelt rijdt hij naar de plek des onheil. Van Aiden is echter geen spoor. Het duurt niet lang vooraleer de jongen een zoveelste dode op de lijst van slachtoffers wordt. De Gallaghers komen in een bijzonder zwaar rouwproces terecht en Michael ontpopt zich zonder dat hij het aanvankelijk zelf lijkt te beseffen tot een mediafiguur, wanhopig op zoek naar de waarheid en het waarom.
Het lijkt ons te eenvoudig om Omagh als een oorspronkelijk als televisiefilm gemaakte spin-off van Bloody Sunday te beschouwen. Toch zijn de gelijkenissen niet gering en spelen beide producties zich in dezelfde sfeer en grauwe realiteit af. In tegenstelling tot Bloody Sunday, een weinig verhullende aanklacht waarin een duidelijk politiek statement werd gemaakt, is Omagh intiemer. Het scenario volgt de lotgevallen van het gezin Gallagher en de bittere pogingen van vader Michael om de waarheid te achterhalen. Gerard McSorley, die we eerder opmerkten in films zoals In the Name of the Father en Veronica Guerin (waarin hij een verschrikkelijk gemene smeerlap vertolkte), is briljant als de getormenteerde patriarch die zichzelf niet toelaat door verdriet overmand te worden. Hij is de ingetogen, vredelievende woordvoerder van de families van de overledenen en levert een diepmenselijk portret af. De scène waarin hij tussen de ravage van de explosie op zoek gaat naar zijn zoon is dan ook hartverscheurend. Ook Michele Forbes, die zijn echtgenote Patsy vertolkt, laat een diepe indruk achter als een door verdriet erg verzwakte vrouw die niets meer wenst dan dat haar man er voor haar en de kinderen is.
Regisseur Pete Travis brengt weinig vernieuwende cinema maar hij slaagt erin de prent een misschien zelfs “te” realistische toon mee te geven. Het feit dat je als kijker het gevoel krijgt naar een documentaire te kijken draagt bij tot de bijna misselijkmakende spanning die vooral het eerste half uur domineert, waarin de onafwendbaarheid van een bom voor bloedstollende momenten zorgt. Travis’ spanningsopbouw is nagenoeg ondraaglijk maar eens het kwaad is geschied concentreert de film zich op de Gallaghers en hun verwerkingsproces. De acteurs zijn zonder uitzondering schitterend maar narratief valt er niet veel meer te beleven en hoewel we de film zeker kunnen aanraden, beklijft Omagh nergens zoveel als de film waarmee we hem eigenlijk niet willen vergelijken: Bloody Sunday.
Titel: Omagh
Genre: Drama
Speelduur: 1u46
Regisseur: Pete Travis
Acteurs: Gerard McSorley, Michele Forbes, Brenda Fricker, Stuart Graham, Peter Balance, Pauline Hutton, Fiona Glascott