CULT CORNER

Patrick McGoohan

CBS

De Ierse acteur/regisseur Patrick McGoohan is een cultfiguur van de eerste orde. Zijn naam zal bij weinige mensen een belletje doen rinkelen. Nochtans heeft hij in de jaren ’60 twee baanbrekende tv-series op zijn naam staan. In 1960 werd hij één van de populairste tv-sterren in Groot-Brittannië met de spionageserie Danger Man, een serie die twee jaar voorliep op de fenomenale en succesvolle trend van spionnenfilms die in 1962 zou starten met de allereerste James Bond-film Dr No (Terence Young). Maar Patrick McGoohan heeft zijn cult-reputatie vooral te danken aan zijn tweede tv-serie dat hij zelf ontworpen heeft: The Prisoner. Een psychedelische spionageserie die de grenzen van het tv-formaat op spectaculaire manieren verlegden. Een tv-serie die bijna 40 jaren later nog steeds even meeslepend en ondoorgrondelijk is als in 1967.

The Prisoner is een briljante mix van sciencefiction, sociaal commentaar, politieke satire, parodie en een gigantische egotrip van initiatiefnemer McGoohan. Fans, waaronder ondergetekende, kunnen urenlang en tot vervelens toe lyrisch over de serie praten. Enkel Twin Peaks heeft tot op heden The Prisoner geëvenaard als tv-fenomeen dat even fascinerend als frustrerend is.

Patrick McGoohan is in werkelijkheid net zo excentriek en enigmatisch als zijn alter ego’s. Een ongrijpbare persoonlijkheid die zich weigert te conformeren aan huidige trends en opgelegde reglementen. Door het succes van Danger Man werd de rol van James Bond oorspronkelijk aan McGoohan aangeboden voordat de producenten bij Sean Connery gingen aankloppen.  McGoohan weigerde de rol omdat hij vond dat het Bond-personage te nonchalant omging met geweld en op seksueel gebied te losbandig was.  De enige vrouw die McGoohan wil kussen (op de set of buiten de set) is zijn echtgenote. Aangezien zij nooit actrice is geworden zullen we in zijn filmografie tevergeefs zoeken naar een romantische scène.

Danger Man onderscheid zich niet enkel door twee jaren voor te zijn op de James Bond-rage, ook de opzet van de serie is nog steeds uniek. Elke episode begon met de volgende inleiding: “Every government has it’s secret service branch. America, it’s CIA, France, le deuxième bureau, England MI5. NATO also has it’s own. A messy job? Well, that's when they call on me….. or someone like me. Oh, yes, my name is Drake, John Drake.”

De eerste reeks bestond uit 39 aflevering die slechts 25 minuten lang zijn. Deze episodes bezaten ondanks deze korte lengte de diepgang en nuances van een goede roman. De verhalen zijn verteld in een stevige film noir-stijl: het camerawerk, de zwart-wit fotografie, de jazzmuziek, de knokpartijen en de vertelstem van het hoofdpersonage. Op die manier stond Danger Man in feite dichter bij de oorspronkelijke James Bond-romans van Ian Fleming uit de jaren ’50 dan de filmserie zelf. De opdrachten van geheim agent John Drake zijn in tegenstelling tot de Bondfilms realistische en geloofwaardig avonturen. Drake moest andere identiteiten aannemen om een smokkelaarbende te infiltreren, een agent helpen overlopen (naar oost of naar west naargelang de internationale belangen die op het spel stonden), wapenhandelaars saboteren of huurmoordenaars ontmaskeren. De gadgets werden beperkt tot stokbroden waarin hij documenten, valse paspoorten, wapens of verrekijkers over de grens smokkelden. John Drake was een geheim agent die zelden een revolver droeg en enkel iemand doodde uit zelfverdediging. Zijn vaste oneliner was: “I’m obliged”.

Door de enorme populariteit van de James Bondfilms kwamen er in de jaren ‘60 een oneindige reeks van imitaties, zowel in de bioscopen als op TV. Enkele voorbeelden van de betere tv-series zijn: The Avengers, Mission Impossible, The Man From Uncle en The Saint. Om mee op deze succesmolen te springen werd er in 1964 een tweede seizoen van Danger Man gestart.  Maar McGoohan eiste wel dat John Drake moreel en intellectueel superieur zou blijven aan James Bond en diens imitators. Het formaat werd aangepast tot episodes van 50 minuten. In de VS werd de serie met veel succes vertoond onder de titel Secret Agent Man. De serie kreeg daar zelfs een populaire titel-melodie gezongen door Johnny Rivers. 

Tijdens de jaren 1964-1966 werden er nog 47 afleveringen ingeblikt. Toen de serie in het vierde seizoen overschakelde op kleur gebeurde er iets vreemd. Na twee kleurafleveringen voor vierde seizoen te hebben ingeblikt gaf McGoohan er onverwacht de brui aan en eindigde Danger Man op het hoogtepunt van zijn populariteit. Patrick McGoohan had aan media-mogul en ITC baas Sir Lew Grade een idee voor een nieuwe serie voorgesteld die legendarisch zou worden: The Prisoner.

The Prisoner is een bizarre, apocalyptische, Kafkaiaanse Koude Oorlog nachtmerrie. In de eerste episode wordt een geheim agent uit zijn appartement te London ontvoerd nadat hij om mysterieuze redenen zijn ontslag had genomen. Hij ontwaakt in een vreemde gevangeniskolonie genaamd “The Village” (gefilmd in Portmeirion te North Wales). Daar wordt hij op allerlei manieren ondervraagd door tijdelijke leiders die allemaal de naam hadden van Number Two. De echte naam van het personage dat McGoohan vertolkt komen we nooit te weten en wordt door iedereen Number Six genoemd. Number Six ontkende dat hij een nummer was en stond erop dat hij een vrij mens was. In elke aflevering trachtte hij te ontsnappen maar werd telkens weer gevat door verraad, misleid door hallucinerende drugs of werd hij versmacht door een gigantische witte strandballon. Number Six eindigde telkens terug in “The Village”.

In enkele episodes wordt gesuggereerd dat Number Six in feite John Drake is. Maar McGoohan heeft dit altijd ontkend (hoofdzakelijk om te vermijden dat hij auteursrechten zou moeten betalen op het Drake-personage). Maar vele fans zijn er van overtuigd dat John Drake en Number Six één en dezelfde persoon zijn. De interpretaties voor de serie zijn oneindig. Er zijn mensen, zoals wij, die de mening hebben dat dit nog steeds de beste tv-serie aller tijden is. The Prisoner wordt zelden op de traditionele tv-zenders uitgezonden. Om de 17 afleveringen integraal te kunnen zien zal je een tv-satelliet moeten aanschaffen of de serie integraal kopen op import dvd.

McGoohan regisseerde en schreef enkele afleveringen (soms onder een pseudoniem) waaronder de totaal onbegrijpelijk maar briljante laatste dubbelaflevering. Deze finale moest op korte termijn worden geschreven en gefilmd toen de geplande tweede serie werd geschrapt. Deze finale van The Prisoner, genaamd Once Upon A Time/Fall Out, is briljante televisie.

Door de heruitzendingen in de jaren ’70 en ‘80 werd The Prisoner een cult-serie.  Een cultstatus die nog steeds groeit. Vandaag heeft de serie een eigen website en tientallen fansites. Je kan er boeken over kopen, je op een tijdschrift abonneren (Free For All), seminaries bijwonen en jaarlijks worden er conventies gehouden in Portmeirion.

Na de laatste aflevering van The Prisoner werd het eventjes stil rond McGoohan totdat hij de wekelijkse moordenaar vertolkte in de Columbo-aflevering: By Dawn’s Early Light (1974). Hij won hiervoor een Emmy en werd bevriend met hoofdrolspeler Peter Falk. De formule van de Columbo-serie is dat een schijnbaar traag denkende politie-inspecteur een moord-plot ontrafelt. De kijker weet steeds wie en hoe de misdaad gepleegd wordt. Het plezier aan de serie is om te zien hoe de slordige inspecteur de verdachte ontmaskert door hem/haar oneindig lastig te vallen met details.

Het succes van de Columbo-episode By Dawn’s Early Light leidde tot de aflevering Identity Crisis (1975).  Daarin vertolkt McGoohan niet alleen de wekelijkse gastrol maar doet hij ook de regie. Hij vertolkt een zakenman die een dubbelleven leidt als geheim agent waardoor McGoohan enkele knipoogjes naar The Prisoner maakt.

In 1976 regisseert McGoohan onze favoriete Columbo-aflevering: Last Salute To The Commodore (1976). Typisch voor McGoohan wijkt hij hier af van de traditionele formule. Het is de enige Columbo-aflevering die het stramien heeft van een Who-Done-It. Toen Columbo in de jaren ’90 werd herstart, regisseerde McGoohan nog drie afleveringen: Agenda For Murder (1990), Ashes To Ashes (1998) en Murder With Too Many Notes (2000). In de eerste twee vertolkte McGoohan ook de traditionele Columbo-antagonist.

De bijrollen de hij vertolkt in speelfilms geeft voor zijn fans telkens een extra dimensie aan de film. Zijn boeiendste filmrol is als gevangenisdirecteur in Escape From Alcatraz (Don Siegel, 1979). Hierin ontvangt hij hoofdrolspeler Clint Eastwood met de woorden: “when you break the rules of society, they send you to prison. When you break the rules of prison, they send you to us”. McGoohan vertolkt in Escape From Alcatraz opnieuw een naamloos personage.  Maar ditmaal heeft McGoohan de rol van Number Two en is Clint Eastwood Number Six. 

Tijdens een korte pauze in de opnamen van The Prisoner speelde McGoohan een rol in de Big Budget Hollywood film Ice Station Zebra (John Sturges, 1968). Daarin vertolkte hij opnieuw een Brits geheim agent met een twijfelachtige reputatie en een dubieuze naam: David Jones.  Met zijn typische excentrieke acteerstijl speelde hij hoofdrolspeler Rock Hudson zonder al teveel moeite van het scherm. In de actie-komedie Silver Streak (Arthur Hill, 1976) maakt hij het als slechterik van dienst de hoofdrolspelers Gene Wilder en Richard Pryor bijzonder lastig.  In de door Sergio Leone geproduceerde spaghetti-western A Genius, Two Partners and a Dupe (Damiano Damiani, 1975) had hij als tegenspelers Terence Hill en Miou Miou. Horrormeester en Prisoner-fan David Cronenberg gaf hem in Scanners (1981) de rol als “mad scientist”.

Het dieptepunt van zijn wispelturige filmcarrière is Dinosaur: Secret of the Lost Legend (Bill L. Norton, 1985). In de jaren ’90 vertolkte hij bijrollen in enkele blockbusters. In Mel Gibson’s opgeblazen testosteron epos Braveheart (1995) zorgde hij voor de leukste momenten. Hij had de beste one-liner in de film:“ The problem with Scotland is, that it’s filled with Scots”. Een ander hilarisch moment in de film is wanneer hij de minnaar van zijn zoon uit het raam kegelt.  In A Time to Kill (Joel Schumacher, 1996) vertolkt hij met verve een stugge zuiderse rechter met de geweldige naam Judge Omar Noose. 

Voorlopig hebben die kleine rollen voor McGoohan niet tot een grote comeback geleid en is het weer stil geworden rond de acteur. De plannen voor een filmversie van The Prisoner zijn al enkele malen aan bod gekomen, maar zijn nooit werkelijkheid geworden. McGoohan komt blijkbaar alleen nog van zijn privé eiland wanneer Peter Falk hem belt om een Columbo-episode te regisseren.

[START INFO]
In Cult Corner dalen we op geregelde tijdstippen af naar de kelders van Hollywood: lang vergeten tv-series, obscure langspeelfilms of bizarre acteurs worden op die manier weer in het voetlicht geplaatst.
[END INFO]