THE ISLAND

Playing God

Warner Bros. Warner Bros. Warner Bros. Warner Bros. Warner Bros. Warner Bros. Warner Bros. Warner Bros.
Er is goed nieuws en er is slecht nieuws. Eerst het slechte maar: Michael Bay zal in 2007 de bioscoopversie regisseren van de stupide Japanse robottenreeks Transformers uit de jaren tachtig. Zucht. Het goede nieuws dan:  zijn nieuwe film, The Island, is beter dan de desastreuze opbrengsten aan de Amerikaanse box-office doen vermoeden. The Island is niet vrij van Bays gebruikelijke bombarie, maar doet gelukkig ook nog een beroep op hersenen en hart - en dat levert een zowel amusante als spannende zomerfilm op.

Als we de verhalen uit persmappen mogen geloven dan vallen goede scenario’s nooit zomaar op een rustige ochtend in de brievenbus. Er is altijd haast bij alsof het script zichzelf binnen de 24 uur zal vernietigen als het niet meteen gelezen wordt. In het geval van The Island kreeg Michael Bay op een avond telefoon van een zekere Steven Spielberg, naast veelfilmer ook nog altijd hoofd van Dreamworks. Spielberg zou Bay een interessant scenario doorsturen en het was absoluut noodzakelijk dat hij het onmiddellijk zou lezen. De klok gaf elf uur ’s avonds aan, het script bleek 140 pagina’s lang, maar – u raadt het al – Bay las het als in trance in één ruk uit. Om drie uur ’s ochtends knipte hij het nachtlampje uit. Vroeg in de ochtend belde hij Spielberg op: ze hadden een deal.

Het bewuste scenario was dat van The Island, een futuristische thriller over klonen. Daarmee is al veel verraden, maar niet zoveel als we de voorbije weken en dagen her in der in artikels en recensies over de film konden lezen. Het originele scenario speelde zich ergens aan het einde van deze eeuw af, maar een van de belangrijkste beslissingen van Bay was om het verhaal te verplaatsen naar de nabije toekomst: hoe dichterbij, hoe meer inlevingsvermogen; hoe korter op de bal, hoe akeliger. Bay heeft niet altijd gelijk, maar in dit geval sloeg hij de nagel op de kop.

Zo belanden we in het jaar 2019. De aarde is door een globale besmetting onleefbaar geworden. De overlevenden van de ramp zijn ondergebracht in een gigantisch complex, waar ze routineus hun leven slijten. In deze afgesloten wereld, vrij van besmetting, draagt iedereen dezelfde witte kleding en wordt elke inwoner op een Big Brother-achtige manier gecontroleerd, geïnstrueerd en geïndoctrineerd (Geen geweld! Altijd beleefd! Respecteer de nabijheidsregels!). Twee keer per dag verzamelt de hele gemeenschap voor gigantische televisieschermen voor The Lottery. Wie wint, mag naar The Island, de enige plaats op aarde die niet besmet is en waar een select gezelschap een nieuwe samenleving mag bouwen. The Island is voor de inwoners het aards paradijs en hun enige bestaansreden.

De overlevenden van de ramp zijn best gelukkig met hun leven vol regelmaat. Ze hebben alles wat ze wensen, hebben een job en alles wordt voor hen geregeld. Enkel Lincoln Six Echo (Ewan McGregor) voelt zich niet in zijn sas. Hij heeft vreemde dromen en wordt als de rebel van de faciliteit beschouwd omdat hij teveel vragen stelt. Waarom eet hij bijvoorbeeld elke dinsdag hetzelfde? Waarom mag hij geen spek als ontbijt hebben? Waarom is iedereen in het wit gekleed? Wie doet de was? Wie staat aan het hoofd van alles? Een mens met existentiële vragen dus, eentje die hoopt dat er méér is. In de samenleving, waar iedereen om een bepaalde reden de intelligentie van een 15-jarige blijkt te hebben, is hij een uitzondering.

Lincoln Six Echo’s identiteitscrisis bereikt een nieuw hoogtepunt als hij ontdekt dat medebewoner Starkweather (Michael Clarke Duncan) – die pas door de loterij is uitgekozen – helemaal niet op het eiland terecht is gekomen, maar op een operatietafel voor zijn leven vecht. Tot overmaat van ramp is Lincolns goede vriendin Jordan Two Delta (Scarlett Johansson) de volgende die de trip naar het beloofde paradijs mag maken. Lincoln trekt het bestaan van het eiland in twijfel en weet met Jordan te ontsnappen. Als ze de poort naar de echte wereld openen, beseffen ze dat heel hun bestaan één grote leugen is. In hun vlucht naar Los Angeles worden ze opgejaagd door zowel de politie als een geheim beveiligingsteam dat het tweetal moet inrekenen.

Wat is er aan de hand? Wie of wat zijn de inwoners uit de geheime faciliteit? Waarom werden ze onwetend gehouden? Wat zijn agnaten? Wat is Merrick Biotech? Hoewel het als toeschouwer echt niet lang duurt om uit te knobbelen hoe het zaakje in elkaar steekt, geven we de verrassing hier niet weg, dat zou zonde zijn. De plotwending voltrekt zich trouwens al na een dik halfuur en breekt de film bijna letterlijk in twee delen. Het eerste deel speelt zich volledig af in de steriele, klinische omgeving van de futuristische instelling; in het tweede deel belanden we in een buitenwereld vol grootse actiescènes en spectaculaire achtervolgingen.

Jammer genoeg zet het eerste deel van The Island je als toeschouwer op het verkeerde been. Michael Bay regisseert met de dwangbuis om het lichaam: rustig en ingehouden. Hij kiest daarbij voor het perspectief van Lincoln en dus ben je als toeschouwer meteen al even nieuwsgierig en argwanend als hij. Stap voor stap kom je samen met Lincoln achter de waarheid. Een rondfladderend insect en enkele gesprekken met onderhoudsman McCord (Steve Buscemi) duwen hem in de juiste richting. Na de expositie gooit Bay alle boeien los en herkennen we weer de testosteronregisseur van Bad Boys, The Rock, Armageddon en Pearl Harbor. Twee immense actiescènes blijven bij: een gigantische achtervolgingsscène met zogenaamde Wasps (vliegende motors) en een crash in de zeventigste verdieping van een wolkenkrabber met McGregor, Johansson en de reclameletter “R” in de hoofdrol. De oude vos verleert zijn streken niet: alles wat Bay filmt moet groter dan grootst, duurder dan duurst. Hij is de grootste macho onder de filmmakers. Zijn grote speeltuin kostte Dreamworks en Warner Bros. 120 miljoen dollar.

In tegenstelling tot medelawaaimakers als Rob Cohen (The Fast and the Furious, xXx en het verschrikkelijke Stealth) kan Michael Bay wel steeds rekenen op een sterke cast. Ewan McGregor werd naar eigen zeggen aangetrokken tot het script omdat er midden in alle actie en speciale effecten van dit verhaal ook een menselijke kant te ontdekken viel, een verhaal over vriendschap en morele waarden. Dat zegt Vin Diesel doorgaans ook over zijn rollen, maar McGregor heeft gelijk. Hij is ook uitstekend gecast als de ietwat naïeve, onwetende maar o-zo nieuwsgierige Lincoln die langzaam de luchtbel van het bestaan doorprikt. Hij kijkt een beetje naar de wereld zoals Truman Burbank in The Truman Show: hij voélt gewoon dat er iets niet pluis is, dat hij deel uitmaakt van een geheel dat hij niet begrijpt. Scarlett Johansson overtuigt in haar eerste grote big budget productie nadat ze heel de wereld aan de voeten kreeg in films als Lost in Translation en Girl with a Pearl Earring. Hopelijk blijft zij kleine, onafhankelijke producties combineren met grotere blockbusters. Michael Bay castte ook twee acteurs in bijrollen die hij al regisseerde in Armageddon. Steve Buscemi zorgt – hoe kan het ook anders – in het begin van de film voor de komische noot als technicus McCord, die meer weet dan goed voor hem is. Over Buscemi kunnen we kort zijn: hij is altijd uitmuntend. Michael Clarke Duncan was maar enkele dagen op de set voor zijn minirol als Starkweather, maar heeft wel enkele cruciale scènes. Blijft een reus van een vent, die Duncan, en een schitterend acteur. Verder herkennen we nog Djimon Hounsou als hunter Albert Laurent en Sean Bean als Merrick, de grote baas van de instelling.

Al bij al blijft The Island een nieuwe episode in Michael Bay’s Meest Luidruchtige Symfonie Aller Tijden, maar diep in de oorverdovende en oogverblindende actie zit in tegenstelling met zoveel zomerse bagger ook een mooi en best intelligent verhaal verscholen over een nieuwsgierige man die op zoek gaat naar zijn eigen identiteit en op die manier een wereldgroot geheim ontdekt. Een verhaal over de vage grenzen van de wetenschap, een parabel over mens en machine, een epos vol liefde en opoffering.  Helemaal origineel is de premisse niet (denk aan The Village, The Matrix, The Truman Show, The X-Files), maar het verhaal is interessant genoeg om te blijven boeien. Dat Bay naast een geweldig actiefilmer ook een stukje emotioneel kan chanteren (Vertraagde beelden! Verre horizonten! De eerste kus!) bewijzen bovendien de eindbeelden. Wat een meligheid, wat een stroperigheid – maar hoe ontladend mooi!


Titel: The Island
Genre: Actie
Speelduur: 2u16
Regisseur: Michael Bay
Acteurs: Ewan McGregor, Scarlett Johansson, Sean Bean, Michael Clarke Duncan, Djimon Hounsou, Steve Buscemi, Ethan Phillips