CULT CORNER

Charlton Heston en The Omega Man

Warner Bros.

De extreemrechtse wapenlobbyist Charlton Heston zal door de huidige generatie vooral herinnerd worden als een seniele wapengek door de documentaire Bowling For Columbine (2002) van Michael Moore. Jammer voor Heston, maar ook jammer voor ons. Want zijn bijdrage aan de filmgeschiedenis mogen we zeker niet vergeten en onderschatten. Filmregisseurs Orson Welles en Sam Peckinpah zijn hem schatplichtig. De sciencefiction fanaten onder ons moeten Charlton Heston dankbaar voor zijn aandeel in de eerste succesvolle SF-franchise in de filmgeschiedenis en twee geweldige cultfilms: Soylent Green (1973) en onze favoriet The Omega Man (1971).

Laat ons beginnen met enkele historische filmfeiten op te sommen. Charlton Heston overtuigde de producenten bij Universal om de regie van Touch Of Evil (1958) te geven aan Orson Welles, die oorspronkelijk enkel aangenomen was als acteur om de rol van de corrupte politie-inspecteur te vertolken. Het resultaat was de beste Film Noir uit de filmgeschiedenis. Voor de regie van Major Dundee (1965) koos Heston televisieregisseur Sam Peckinpah. De tweede bioscoopfilm van Peckinpah was de low budget western Ride The High Country. Deze film had indruk gemaakt op Heston en de producenten bij Columbia door de ongewone kijk op het westerngenre. Maar de grootschaligheid van Major Dundee ging de onervaren Peckinpah zijn petje te boven en de productie was al vlug over budget en achter op schema. Toen de producenten de regisseur wilden vervangen overtuigde Heston hen om Peckinpah de film te laten afwerken en offerde zelfs zijn salaris op om de film te redden (tevergeefs zo bleek later). Dit ondanks het feit dat Peckinpah en Heston bijna met elkaar op de vuist gingen op de set.

Ondanks het onevenwichtig resultaat door grote conflicten achter de schermen is Major Dundee een uitstekende western en was het voor de zelfdestructieve Sam Peckinpah het begin van een indrukwekkende en zeer controversiële filmcarrière, zij het een veel te korte. Een gerestaureerde versie van Major Dundee is recent op dvd uitgebracht. Er zijn enkele scènes opnieuw gemonteerd en de film heeft een alternatieve muziektrack. Maar een echte en definitieve Peckinpah-versie zullen we nooit te zien krijgen aangezien sommige sleutelscènes uit het oorspronkelijk scenario nooit verfilmd zijn geweest omdat Columbia de geldkraan toedraaide. De positieve, maar vooral negatieve ervaringen met Major Dundee leidde de weg voor Sam Peckinpah naar klassiekers zoals The Wild Bunch (1969), Straw Dogs (1971) en Pat Garrett and Billy The Kid (1973).

In de jaren ’50 werd Charlton Heston een enorm populaire filmster en een Amerikaans filmicoon door peperdure spektakelfilms zoals The Greatest Show On Earth (1952), The Ten Commandments (1956), Ben Hur (1959) en El Cid (1961). In de jaren ’60 was Heston de eerste grote Hollywood ster die zich aan het sciencefiction genre waagde. De studio 20th Century Fox wou enkel Planet of the Apes financieren als de producent Arthur P. Jacobs een populaire ster voor de hoofdrol kon strikken. Het zou nog enkele jaren duren voordat de camera’s rolden maar Heston bleef bij zijn woord. Planet of the Apes is de Star Wars van de jaren ’60: een fenomeen, een enorm kassucces en één van de eerste SF-blockbuster uit de VS die een winstgevende franchise creëerde met sequels, prequels, tv-series en merchandising. Dit was bijna tien jaar voor Star Wars. Sciencefiction was in die tijd een weinig winstgevend cultgenre en zou pas mainstream worden op het einde van de jaren ’70.

Planet of the Apes was een keerpunt - niet alleen voor Heston maar ook voor de Amerikaanse film. Heston was in zijn vorige succesfilms steeds de “larger than life” held, meestal met Goddelijke steun, die elke situatie aankon en steeds als overwinnaar uit de strijd kwam. In Planet of the Apes wordt dit imago binnenste buiten gedraaid. Heston vertolkt een misantropische astronaut die met de Amerikaanse vlag spot. Hij ontdekt het belang van zijn menselijkheid wanneer blijkt dat de planeet waarop hij is neergestort bevolkt wordt door intelligente apen en het menselijk ras op de onderste evolutieladder staat. Het grootste gedeelte van de film loopt Heston halfnaakt rond, wordt constant opgejaagd, vernederd en in elkaar geklopt door het superieure apenras die staan te popelen om hem te castreren en lobotomie op hem uit te voeren.

De verontrustende sfeer van Planet of the Apes weerspiegelde de turbulente tijden van het einde van de jaren ’60 in de Verenigde Staten: de Vietnam-oorlog, rassenrellen en dubieuze politieke moorden (een andere All American Hero, Henry Fonda, onderging in hetzelfde jaar eveneens een onverwachte transformatie door een schurk te vertolken in de Italiaanse Western Once Upon a Time in the West). Met het verrassende, maar vandaag overbekend einde van Planet of the Apes is de transformatie van Heston compleet. Net wanneer we denken dat hij de nieuwe Adam zal worden ontdekt Heston een ander Amerikaans icoon van het ooit beloofde land: het half in het zand begraven Vrijheidsstandbeeld. Wanneer Mozes himself door zijn knieën zakt in wanhoop en de mensheid vervloekt, weten we dat de Apocalyps niet ver af kan zijn.

Door het enorme succes van Planet of the Apes heeft Heston in het begin van de jaren ’70 nog enkele films gemaakt in het SF-genre. Aller eerst was er de sequel Beneath The Planet of the Apes (Ted Post, 1970). Maar hij weigerde wel de hoofdrol. Dit was 1970. Sequels waren toen absoluut uit den boze. De enige waardevolle en succesvolle sequels daarvoor waren grote uitzonderingen zoals The Bride Of Frankenstein en For A Few Dollars More (From Russia With Love is geen sequel van Dr. No, maar de tweede film in een serie). Pas met The Godfather Part II en The Empire Strikes Back zagen filmmakers de mogelijkheden van een sequel die even goed en zelfs beter kon zijn dan het origineel.

Planet of the Apes is een gedoodverfde klassieker die oneindig wordt geparodieerd en geciteerd. De sequel Beneath the Planet of the Apes daarentegen heeft nog steeds zijn cultstatus. Het is een sterke, onderschatte film die heerlijk absurd is met een grimmige en nihilistische finale. Het eerste half uur is in feite een dunne herhaling van de originele film waarin een tweede verdwaalde astronaut opnieuw kennis maakt met de superieure apencultuur. Ditmaal vertolkt door James Franciscus, soepeler gespierd dan Heston maar lang niet zo iconografisch, wat de originele film zo geslaagd maakt.

Maar in het tweede deel van Beneath the Planet of the Apes vindt deze radicale sequel zijn eigen unieke toon en krijgen we een eersteklas SF-verhaal. Hierin maken we kennis met onderaardse telepathische mutanten. Een sekte die verminkt is als gevolg van de fallout en die een actieve atoombom aanbidden als een God. In de finale laat Heston (nog meer misantropisch dan in de eerste film) de atoombom ontploffen en wordt de aarde nu definitief vernietigd. Op die manier kon Heston toekomstige sequels vermijden. Maar dat was zonder de inventiviteit van de scenarioschrijvers gerekend want er volgden nog drie sequels (in feite prequels door handig gebruik van tijdreizen) en twee tv-series (allemaal zonder Heston weliswaar).

Had 20th Century Fox er evenveel geld tegenaan gesmeten als bij Planet of the Apes en had Heston de hoofdrol vertolkt dan was Beneath the Planet of the Apes waarschijnlijk even indrukwekkend en misschien zelfs beter geworden dan het origineel. Maar zoals de film nu is, zijn we ook al sterk onder de indruk. Heston wou enkel meespelen als hij in de eerste scène zou sterven. Een slimme producent bij Fox overtuigde hem om in het begin van de film mysterieus te laten verdwijnen in The Forbidden Zone en hem pas in de actieclimax te laten sterven. Hij werkte twee weken aan de film en schonk zijn salaris aan een goed doel.

In het begin van de jaren ’70 draaide hij twee cultklassiekers in het SF-genre waaronder onze favoriet: The Omega Man. De film is alleen al de moeite waard voor de scène waarin Heston een futuristisch geweer afvuurt in een Austin Powers kostuum. The Omega Man is gebaseerd op het boek I Am Legend van Richard Matheson en is in feite een remake van The Last Man On Earth met Vincent Price in de hoofdrol. Het boek, dat nog steeds geen getrouwe verfilming heeft gekregen (lees artikel in Development Hell), wordt beschouwd als het meesterwerk van SF-auteur Richard Matheson.

The Omega Man is een SF-film met absurde humor waarin we Heston op zijn best zien als de cynische antiheld. Het eindbeeld kan voor de één op de lachspieren werken, voor de gelovigen onder ons zal het godslasterlijk zijn. Maar de gezonde SF-fanaten onder ons vinden dit een heerlijk ironische conclusie die perfect past in de stijl van de film.

Vooral de scènes in de eerste helft van The Omega Man zijn sterk. Hierin zien we Heston die in verlaten straten van LA zwerft en opgejaagd wordt door zombieachtige albino’s die zichzelf The Family noemen. In een verlaten bioscoop mompelt hij mee de dialogen van de documentaire Woodstock, zijn nachten brengt hij door met schaak te spelen tegen een buste en heeft hij conversaties tegen zijn eigen televisiebeeld. De mensheid is (bijna) uitgestorven door een biochemische oorlog tussen China en Rusland. Heston is de enige overlevende omdat hij zich tijdig kon inspuiten met een pas ontdekt tegengif. Zijn nemesis en albinoleider wordt met verve vertolkt door acteur Anthony Zerbe, slechterik uit 1001 films en tv-series. De aparte muziekscore is van Ron Grainer, die ook de thema’s van de TV cult-series Dr Who en The Prisoner componeerde. De dynamische regie is van televisieregisseur Boris Sagal (van o.a. The Man From UNCLE en The Twilight Zone), maar keerde daarna terug naar het regisseren van televisiefilms totdat hij omkwam bij een helikopterongeluk tijdens de opnames van de miniserie World War III (1982).

Soylent Green (1973) is de Blade Runner van de jaren ’70. De film werd geregisseerd door de zopas overleden Richard Fleisher. In het jaar 2022 komt een politie-inspecteur bij een moordonderzoek op het spoor van een bedrijfssamenzwering. Soylent Green mist wel de humor van The Omega Man en wordt vooral gekenmerkt door zijn zwaarwichtige en waarschuwende boodschap. De film heeft verontrustende beelden van overbevolkte steden waar mensen over elkaar vallen, in eindeloze rijen staan om voedsel te kopen en hun lijken worden gerecycleerd tot voedsel. Doordat het ecologisch systeem verknoeid is door jarenlange industrievervuiling is de lucht met groene mist bedekt en loopt iedereen de hele film bezweet rond. Corruptie wordt als vanzelfsprekend beschouwd en de rijke klasse geeft geen moer om deze problemen. Soylent Green is dus niet meer zo fictief als we zouden willen geloven.

Na Soylent Green vertolkte Charlton Heston in 1974 de hoofdrollen in twee succesvolle rampenfilms Earthquake en Airport ’75. Maar nadien ging het bergafwaarts met zijn filmcarrière en verscheen meer en meer in bijrollen in televisiereeksen. Zijn politieke meningen werden steeds conservatiever en rechtser. In de jaren ’90 werd hij president van de National Rifle Assosiation. Hij is gegaan van een democraat die in het begin van de jaren ’60 campagne voerde voor John Kennedy steunde en openlijk Martin Luther King steunde in de strijd voor de burgerrechten, geen populaire stap voor een grote filmster in die tijd. Een grote ironie is dat toen Robert Kennedy werd vermoord hij samen met enkele andere filmsterren op televisie pleitte voor strengere wapencontrole. Vandaag is Charlton Heston een rechtse republikein die elke kans hij krijgt het recht op wapenbezit verkondigt.

Voor de filmliefhebbers onder ons zou dit allemaal interessante trivia moeten zijn. We kijken met nostalgie terug toen hij de strijd aanging tegen die “damn dirty apes”, tegen de wapenhandelaars riep “damn you all to hell”, zijn zuiver bloed de mensheid een tweede kans gaf en brulde “Soylent Green is PEOPLE”. De hierboven besproken speelfilms zouden zonder Charlton Heston nooit het daglicht hebben gezien of zouden nooit de klassiekers zijn geworden die ze nu zijn door zijn bereidheid om zijn imago te ondergraven. Zoals Heston zelf mompelt in de bioscoop in The Omega Man: “They sure don’t make pictures like that anymore”.


In Cult Corner dalen we elke maand af naar de kelders van Hollywood: lang vergeten tv-series, obscure langspeelfilms of bizarre acteurs worden op die manier weer in het voetlicht geplaatst.