Elk jaar halen de grote televisiezenders nog wel eens de inmiddels klassiek geworden rampenfilms uit de jaren zeventig vanonder het stof. Films als The Towering Inferno (met die legendarische cast: Steve McQueen, Paul Newman, Fred Astaire, Richard Chamberlain!) en Earthquake uit 1974 blijven op regenachtige zondagnamiddagen aardig om naar te kijken, al is het vaak lachen met de bordkartonnen decors en fröbeliaanse speciale effecten. Ook The Poseidon Adventure dateert uit dat pre-digitale tijdperk. De prent is een verfilming van het boek van sportjournalist Paul Gallico, werd verrassend genoeg gemaakt voor een appel en een ei (5 miljoen dollar), maar bleek met een opbrengst van 84 miljoen dollar een straf succes. Dat jaar deed enkel The Godfather beter. The Poseidon Adventure haalde 8 oscarnominaties waarvan er twee verzilverd werden: die voor best song en – toen wel – beste visuele effecten.
Anno 2006 ligt het budget van Poseidon 30 keer hoger dan in 1972 – 140 miljoen dollar and counting, zo wordt geraamd. Met al dat geld werd er in de Warner Bros. Studio's van Burbank in Californië een van de grootste filmsets ooit gebouwd. Naast een gigantische watertank (dezelfde die Petersen gebruikte voor The Perfect Storm) waarin de acteurs zich maandenlang mochten onderdompelen, fabriceerde men de poepchique balzaal van het schip twéé keer: een keertje normaal en een keertje ondersteboven. Voor Petersen zijn megaproducties niet nieuw. De Duitse regisseur klom op van regisseur van Tatort tot spektakelfilms als Air Force One en Troy. Maar water, zo blijkt, is zijn echte ding.
De Poseidon – het schip dat de Titanic op een rubberen bootje laat lijken - werd voor het grootste deel opgetrokken uit de computers van Industrial Light and Magic, de digitale goochelaars die al voor meer dan één film het element water hebben proberen te temmen. Zij maakten ook het indrukwekkende openingsshot van de film waarin de camera 180 graden rondom de Poseidon draait en ondertussen in de voetsporen glijdt van een op het dek joggend hoofdpersonage. Het is de enige keer dat we de zeereus in volle glorie mogen bewonderen. Tegen het decor van de ondergaande zon klieft de kolos van 20 verdiepingen hoog, met 800 hutten en 13 passagiersdekken over de Atlantische Oceaan – drie voetbalvelden drijvend op een eindeloze zee.
Al na enkele minuten verplaatst de actie zich naar de binnenkant van het luxueuze schip. In de balzaal worden de dure flessen wijn en champagne aangerukt, terwijl de fiches zonder gêne over de casinotafels schuiven: het is feest in de Poseidon, decadent duur, maar er is een excuus: het is oudejaarsavond. We maken kennis met de professionele gokker Dylan Johns (Josh Lucas), ex-brandweerman en ex-burgemeester van New York City Robert Ramsay (Kurt Russell), alleenstaande moeder Maggie James (Lucinda Barrett) en haar negenjarige zoon Conor (Jimmy Bennett). Verder op het schip bevinden zich ook tortelduifjes Jennifer (Emmy Rossum) en haar verloofde Christian (Mike Vogel) en de verstekelinge Elena (Mia Maestro). Elk hebben ze zo hun bezigheden terwijl de orkestmeester de laatste minuten aftelt. Enkel Nicole en Hugo lijken op het luxe-cruiseschip te ontbreken.
Na exact een kwartier krijgen we het mooiste shot uit heel de film, met the wave en een homo in de hoofdrol. De depressieve zakenman Richard Nelson (Richard Dreyfuss) – wiens geliefde het net heeft uitgemaakt en hem zelfs voor Nieuwjaar geen SMS'je heeft gestuurd – stommelt naar buiten en wil op de reling klauteren om zelfmoord te plegen. Dat is het moment waarop aan de horizon de afgrijselijke muur van water opduikt. De monsterachtige rolgolf zwelt aan en reikt letterlijk tot aan de volle maan: in al zijn wreedheid is het plaatje een schitterend bewegend schilderij. Het moment waarop de suïcidale man beseft dat de golf zijn dood zal betekenen is ironie ten top en hij beslist geïnjecteerd door pure overlevingsdrang om terug de Poseidon in te vluchten en te vechten voor zijn leven. Een paar tellen later is het pandemonium losgebroken. De patrijspoorten worden stukgeslagen, de Poseidon loopt onder water en kantelt als een dode vis op zijn rug.
Net als bijvoorbeeld Dante's Peak, Volcano, Twister of Deep Impact in de jaren negentig, volgt Poseidon de opbouw van de klassieke rampenfilm. Die is voorspelbaar en herkenbaar en dat leidt tot bijzonder weinig verrassingen. De traditionele structuur brengt ook met zich mee dat de spectaculairste scène een beetje ongelukkig al in het begin van de film zit: de ramp zelf. Het is een probleem dat Poseidon als film het hele volgende uur parten blijft spelen. Voor een grootschalige effectenfilm met zo'n zwaar budget oogt het vervolgens allemaal maar magertjes. Er is water, veel water, héél veel water, maar dat is het dan ook. Het water stijgt, kolkt, verzuipt, verzwelgt, jaagt door buizen en kokers, laat het schip buigen en barsten. Het werkt te repetitief om te blijven boeien. Een uur langen zwemmen, kruipen en duiken de helden die zich niet levend willen laten begraven in de buik van de Poseidon zich een weg naar de oppervlakte in het gekapseisde schip. Dat daarbij slachtoffers vallen is logisch; de volgorde waarin dat gebeurt is voorspelbaar. Hoe belangrijker de acteur, hoe langer hij blijft leven. Eentje van hen sterft op het einde een heroïsche dood vol zelfopoffering: hij is de Bruce Willis uit Armageddon.
Maar in tegenstelling tot bijvoorbeeld die komeetfilm kan Poseidon geen beroep doen op een echte publieksmagneet. Geen Leonardo DiCaprio of Kate Winslet op het zinkende schip, we moeten het doen met Josh Lucas (An Unfinished Life, Stealth) en een heropgeviste Kurt Russell (Breakdown): hun B-film smoelen volstaan voor deze retro-rampenfilm. Richard Dreyfuss heeft een opvallende rol als homofiele architect, een enorme diamant opvallend in het oor gepiercet. Emmy Rossum mag als damsel in distress grote ogen trekken. Waar is het spook van de opera dan ook als je hem nodig hebt? Afgaande op het productiedossier van de film moeten we voor de acteurs grote bewondering hebben. Het stunt- en zwemwerk in het koude water kostte veel energie en moeite en zorgde voor de nodige uitputting, infecties en kleine verwondingen.
Het gebrek aan karakteruitdieping is paradoxaal genoeg een van de sterktes van Poseidon waarin het kolkende water een grotere rol heeft dan alle personages samen. Meer over hen weten zou de film alleen maar afremmen en tot niets leiden. Regisseur Petersen snoert de film stevig in en klokt af op een respectabele lengte. Problematischer dan de vlakke personages is het scenario waarin ze verstrikt zijn geraakt. Niet het alomtegenwoordige water maar wel de stupide dialogen laten hen uiteindelijk verdrinken. Wat rest is een matige rampenfilm die hopelijk niet de aanzet is tot een grootse remake van andere genrefilms uit de jaren zeventig.
Titel: Poseidon
Genre: Rampenfilm
Speelduur: 1u39
Regisseur: Wolfgang Petersen
Acteurs: Emmy Rossum, Jacinda Barrett, Josh Lucas, Kurt Russell, Mía Maestro, Mike Vogel en Richard Dreyfuss