Ignacio (Jack Black) is een wees die opgegroeid is in een klooster ergens in Mexico, en waar hij nu kok is en zich bezighoudt met 'dead-guy-duty'. Hij voelt zich echter niet gerespecteerd door de andere monniken, en wanneer op een dag de bloedmooie zuster Encarnación zich bij het klooster voegt, besluit hij om er iets aan te doen. Samen met een zwerver die hij toevallig op straat tegenkomt, vormt hij een worstel 'tag-team'. Verkleed als de gemaskerde worstelaar Nacho begint hij mee te doen aan worstelwedstrijden. Hoewel hij elke wedstrijd verliest, verdient hij toch geld en kan hij op die manier beter voedsel koken in het klooster en stijgt hij zo een beetje in achting bij de andere monniken en bij Encarnación. Toch wil hij meer kunnen doen, en dat kan hij alleen doen door een professionele worstelaar te worden en de bekende Ramses te verslaan. Maar dit druist natuurlijk in tegen zijn geloof, en draagt zeker de goedkeuring van Encarnación niet weg.
Vergis u niet, dit is een typische Jack Black-film. Waar hij zich in King Kong nog een beetje moest gedragen, kan hij nu weer lekker alle remmen los gooien. Hij mag gekke bekken trekken, zijn vette pens te pas en te onpas over het beeld doen glijden, en zelfs zingen op zijn typische manier. Hoewel de film niets met rock & roll te maken heeft zoals in het heerlijke School of Rock, voelt hij zich duidelijk kiplekker in zijn vel. Het verhaal wordt eigenlijk ondergeschikt gemaakt aan zijn personage. Alles en iedereen moet wijken voor Black en niets wordt uitgewerkt behalve zijn zoektocht naar roem. Het einde is natuurlijk al lang op voorhand duidelijk, en de film is eigenlijk slechts een aaneenschakeling van gags en slapstick die niet altijd van de meest subtiele soort zijn. En hier wringt nu net het schoentje.
De film is wel grappig, maar je gaat er niet van bulderlachen. Natuurlijk is Jack Black altijd wel vermakelijk, en zijn gezicht heeft een ongelooflijke mimiek, maar hij krijgt te weinig tegenspel. Elke grap moet bij hem beginnen en eindigen, zonder dat er al teveel interactie is met de andere acteurs. Jack is grappig, de rest van de film niet, en dat knelt. De humor is bij wijlen erg droog, waardoor je meer en meer op het verhaal begint te letten, en dat durft geregeld wat langdradig aanvoelen. Sommige sequenties worden te lang gerokken om er toch nog maar een grap van Jack uit te halen, terwijl andere scènes, zoals die waarin Nacho snel een lied moet verzinnen voor Ramses, abrupt worden afgebroken voor het echt hilarisch kan worden.
Zo gaat het eigenlijk heel de tijd door. De tegenstelling religie-wetenschap, een open doel voor geweldige grappen, wordt eigenlijk maar heel licht aangeraakt in de film, en dan kan men eigenlijk alleen maar denken aan alle gemiste kansen. Toch mag de rest van de film best gezien en gehoord worden. De cinematografie en regie van Jared Hess (Napoleon Dynamite) is erg knap, en de worstelwedstrijden worden prima in beeld gebracht. Deze zijn best gewelddadig, en vormen een contrast met de rustige uitstraling van de rest van de film. De muziek is van de hand van Danny Elfman, en heeft het typische Spaans/Mexicaanse geluid dat je verwacht te horen. Toch moet Elfman niet volledig tevreden zijn geweest met het resultaat, want zijn naam werd op zijn vraag verwijderd van de aftiteling.
Nacho Libre is prima geschikt voor wie lekker onderuitgezakt in zijn bioscoopzetel wil grinniken met Jack Black's fratsen, maar toch weegt de film te licht om echt grappig te zijn. We kijken al reikhalzend uit naar de nieuwe Tenacious D film waarin JB, samen met zijn handlanger KG, weer lekker zijn enorm grappige zelf kan zijn.
Titel: Nacho Libre
Genre: Komedie
Speelduur: 1u30
Regisseur: Jared Hess
Acteurs: Jack Black, Efren Ramirez, Troy Gentille, Héctor Jiménez, Ana De La Reguera en Richard Montoya