A TIME TO KILL

Recht in eigen handen

Het kan verkeren. Twee zomers terug kregen we met The Client de derde John Grisham-verfilming in ruim een jaar tijd. Voor de vierde in de reeks moesten we iets langer wachten.

A Time To Kill (in onze moerstaal: de jury) is het debuut van Grisham en volgens velen meteen ook de beste legal thriller die tot nu toe uit zijn gouden pen is gevloeid. Voor Grisham heeft dit boek ook een meerwaarde: in meerdere interviews verklaarde de man dat hij voor een eventuele verfilming meer dan alleen maar inspraak wilde over de keuze van cast en crew. Het mag dan ook terecht enige verbazing opwekken dat men terechtkwam bij regisseur Joel Schumacher, de man die eerder ook al The Client inblikte. Met enige frisse vondsten, maar ook met enkele irritante tekortkomingen.

Meerwaarde of niet, het is en blijft een feit dat we in A Time To Kill reeds voor de vierde keer op rij kennismaken met de weinig originele Grisham-stijl, die zo door het kleinste kind bedacht zou kunnen zijn: een onbekende advocaat stoot door een stom toeval op de zaak van zijn leven, maar achteraf weet hij pas echt het spreekwoord 'bezint eer ge begint' naar waarde te schatten. Man in kwestie hier is Jake Brigance (rol van coming man Matthew McConaughey) die voor de zoals gezegd onmogelijke taak staat een zwarte vader (Samuel L. Jackson) te verdedigen. De beschuldiging: hij heeft het recht in eigen handen genomen en de twee blanke verkrachters van zijn dochtertje zonder pardon omgebracht. Komt daar nog eens bij dat de jury volledig uit blanken bestaat met alle vervelende gevolgen vandien.

Tijdens het proces krijgt Brigance hulp uit onverwachte en mooie hoek: Ellen Roark (Sandra Bullock), een briljante rechtenstudente en een wandelende encyclopedie als het op rechtszaken aankomt. Maar dat rassenhaat en geweld zich niet zomaar laten bedwingen zal voor iedereen al snel duidelijk worden. Omwille van enkele spijtige maar expliciete verwijzingen naar de zaak Dutroux komt A Time To Kill nu pas in onze bioscopen, maar ondanks alles heeft de prent deze ongewilde extra publiciteit niet nodig. Alleen wordt nogmaals het eeuwige dilemma bevestigd dat wie het boek gelezen heeft, de verfilming een dikke onvoldoende zal geven. Plotwijzigingen en nieuw materiaal - waaronder een sequentie op een wel heel cruciaal ogenblik - zijn dan ook schering en inslag.

Ook de vertolking van Sandra Bullock blijft niet van enige kritiek gespaard. In de bijbehorende promotiecampagne krijgt het wicht zowaar de hele hoofdrol in haar schoot geworpen, maar als puntje bij paaltje komt is de prent wel al een slordige drie kwartier bezig wanneer haar snoetje voor de eerste keer door de camera wordt geregisteerd. Het zal de trouwe schare Sandra-fans allicht worst wezen.

Net als auteur John Grisham overigens. De rechten voor The Chamber hebben de man reeds een kleine vier miljoen dollar opgebracht en de gelijknamige verfilming scoort in de Verenigde Staten momenteel hoge toppen. Met of zonder Marc Dutroux.